Actie – Reactie
Kris Peeters is alvast begonnen aan de selectie van de partijen die wel en niet in de Vlaamse meerderheid mogen. Het criterium is daarbij dat alleen de partijen welkom zijn die het toekomstplan aanvaarden dat de regering-Peeters op het einde van deze legislatuur heeft uitgetekend. Het ligt ongetwijfeld alweer aan mij, maar de logica ontgaat me een beetje. Wie is Peeters om vóór de uitspraak van de kiezer te bepalen wie er wel en niet in de regering kan ? Hij mag natuurlijk zeggen dat zijn partij niet in een regering zal stappen als “Vlaanderen in Actie” niet wordt uitgevoerd. Maar als er een meerderheid kan gevonden worden die dat plan wil afvoeren, dan moet dat toch kunnen ?
Bovendien is het wel erg ongeloofwaardig om net voor het aflopen van de eigen termijn als regering een toekomstplan uit te tekenen. Het lijkt me iets logischer om dat in het begin van de legislatuur te doen, zodat je niet alleen wordt afgerekend op de mooie woorden die erin staat, maar ook op de concrete realisaties. Natuurlijk mag zo’n plan verder kijken dan één legislatuur, graag zelfs. Maar op het einde van de rit het parcours uittekenen en dan zeggen dat je het liefst zelf zou uitrijden, vind ik wat doorzichtig. Tenzij we “Vlaanderen in Actie” moeten zien als een soort gezamenlijk verkiezingsprogramma van het kartel CD&V/Open Vld/sp.a…
Ik vind het wel zeer arrogant dat de uittredende minister-president één week voor de verkiezingen én het regeerprogramma vastlegt én bepaalt onder welke voorwaarden een partij mag meeregeren. Dat hij eerst eens kijkt hoe de kiezer hem beoordeelt. Volgens de pers wilde hij vooral een signaal geven aan Groen! Wat voor signaal ? Dat de groenen best al beginnen om hun partijprogramma in te slikken als ze graag willen meeregeren ?
Een druk dagprogramma bracht me gisterenavond nog eens in zaal Rex. Daar waren een paar verschillende redenen voor. De stuurgroep van de
De onzin over de zogenaamde “versnippering” van het Vlaamse politieke landschap en het feit dat die een slechte zaak is, hangt me stilaan de keel uit. Sommige partijen, academici en media lijken vooral erg terug te verlangen naar een partijlandschap met liberalen, socialisten en christen-democraten. Omwille van de bestuurbaarheid, zogezegd. Ja ?
Opnieuw werd er vandaag gestaakt bij het spoor. Ik heb er deze keer iets meer begrip voor dan anders, en niet alleen omdat ik toevallig een snipperdag heb genomen. Al blijf ik de staking bij het openbaar vervoer in principe geen goed actiemiddel vinden : uiteindelijk wordt het draagvlak voor de trein, tram of bus ermee ondergraven. Vooral de onaangekondigde staking heeft dat effect.
Ik heb net de eerste versie van de volgende N-VA/PLE Nieuwsflits geschreven. Het ontwerp gaat nu binnen ons kartel zoals gebruikelijk de bijschaaffase in. Het schrijven van de flits was deze keer alvast geen eenvoudige opgave. De gemeenteraad van gisteren had een vederlichte agenda. Als wij die niet met vijf eigen voorstellen zouden hebben aangevuld, en geen gebruik hadden gemaakt van de rondvraag, dan zou de raad na minder dan drie kwartier afgelopen zijn geweest. Bovendien bleven zes raadsleden afwezig, netjes verdeeld tussen meerderheid en oppositie. Toeval, uiteraard.
Als er één woord is waarmee zowat alle kandidaten en partijen in deze campagne graag geassocieerd worden, dan is het wel “zeker”. De redenering is vast dat in crisistijden de mensen op zoek zijn naar houvast, en dat je dat als politicus dus moet proberen te bieden. De slogan “Sterk ik moeilijke tijden” van CD&V is trouwens een variant op hetzelfde liedje.
Vandaag stond Essen in het teken van het Internationaal Hulpverleningsevenement. Ik ben deze morgen naar de opening ervan geweest. Om
Het is het monster van Loch Ness in de politiek : net voor de verkiezingen vraagt één of andere kandidaat dat voortaan de partijprogramma’s worden doorgerekend door een objectief economisch instituut. Zoals dat ook in Nederland bijvoorbeeld gebeurt. Net als het monster zal het idee na 7 juni geruisloos verdwijnen, om pas tegen de volgende verkiezingen terug op te duiken. Zo goed als nooit worden er concrete initiatieven genomen om het zinvolle idee ook echt te realiseren – na de verkiezingen wordt er géén wetsvoorstel over ingediend. Daarvoor kunnen maar twee redenen zijn : er kan geen objectief instituut worden gevonden (maar desnoods moet dat dan maar vol met buitenlanders worden gezet) of de politici die met het plan voor de dag komen willen het eigenlijk niet echt realiseren. Omdat de doorrekening af en toe ook wel eens behoorlijk zou kunnen tegenvallen.