Enerzijds, anderzijds

Enerzijds, anderzijds

Dit weekend werd in enkele kranten de vraag gesteld of CD&V gemist zou worden als de partij zou verdwijnen. Of het politieke landschap in het Vlaanderen van de 21e eeuw de christen-democratie nodig heeft, daar kan inderdaad aan getwijfeld worden. Maar persoonlijk zou ik de partij toch missen.

Wie moet er anders de problemen weg nuanceren, jaren laten roesten en tegelijk beweren dat ze zelf de enige zijn die ze kunnen oplossen ? Waar zouden we anders terechtkunnen voor de pareltjes van interne tegenspraak waar CD&V een patent op heeft.

Een schitterend voorbeeld bieden de laatste twee persberichten van onze eigen Essense oranje vrienden. Enerzijds is de klacht over de concessie van de sporthal ongelukkig en onterecht, al is ze door de gouverneur en de minister aanvaard*. Anderzijds is onze klacht over Essen Info ook ongelukkig en onterecht, want ze is door de gouverneur verworpen. Op vier dagen tijd 180° draaien, alleen maar om een andere partij in een slecht daglicht te kunnen stellen. Prachtig !

In het laatste persbericht stelt onze burgemeester ook nog : “De energie die (aan de klachten) besteed wordt kan beter gebruikt worden om dingen te doen waar de Essenaren écht belang bij hebben!”. Dezelfde dag dat het verschijnt krijgen we het bericht dat de gemeenteraad uitgesteld is. Omdat het college te weinig agendapunten heeft – wellicht omdat het te veel tijd steekt in persberichten om over de oppositie te klagen. En die mensen menen dat dus écht.

Neen, Rik Torfs heeft ongelijk. Een partij die zichzelf zo bloedernstig kan tegenspreken, die mag niet verdwijnen. Te vermakelijk. Ondertussen zullen wij een visie ontwikkelen en beleidsvoorstellen uitwerken. Deze legislatuur zitten we aan 108. Een ideale taakverdeling. Iedereen tevreden. Ja, toch ?

*Op die 100.000 EUR die ons in dat persbericht in de schoenen wordt geschoven, kom ik nog wel eens terug.

Twintig jaar later

Twintig jaar later

Gisteren vergaderde de gemeenteraadscommissie “jeugd”. Ik ben geen lid, maar omdat onze twee vertegenwoordigers niet konden ben ik toch gegaan – en het lukt mij niet goed om dat dan onopgemerkt te doen.

Het enige agendapunt was de nieuwe subsidieregeling voor het jeugdwerk. Ik was goed gebrieft, en ik had het reglement zelf ook goed bekeken. Daarnaast heb ik in ruime mate “handel met voorkennis” gepleegd, waar mijn collega-raadsleden een heel stuk minder van konden worden verdacht. Want zo ongeveer 20 jaar geleden lag ik mee aan de basis van de subsidiereglementen voor het Essense jeugdwerk. Die eigenlijk tot nu toe grotendeels onveranderd zijn gebleven. Nu worden ze wel wat grondiger herzien, al blijft de filosofie op veel punten wel overeind.

Wellicht hebben we het toen, met die eerste stuurgroep voor het jeugdwerkbeleidsplan, toch niet zo slecht gedaan. Dat deed me even terugdenken : waar zit die groep van toen in het Essen van vandaag ? De toenmalige schepen, meestal onze gastheer, is ondertussen oud-burgemeester en opnieuw schepen. Ik zal overigens desgevraagd blijven bevestigen dat hij dat doen goed deed. De eerste jeugdambtenaar van onze gemeente, die met bekwame hand de pen vasthield, doet nu het lokaal dienstencentrum draaien. De OCMW-ontvanger van vandaag, de voorzitter van de raad van elf (en oud-prins carnaval), de secretaresse van Muzarto, de secretaris van de Heemkundige Kring : die waren er ook bij. En een gemeenteraadslid dus.

Ik heb het nieuwe reglement gisteren trachten bij te sturen, soms in de richting van hoe we het toen bedachten, soms net niet. Gelukkig zijn de tijden veranderd. Wat mij wel opviel is dat de jongeren die vandaag meeschreven aan het reglement veel sterker voor de grote verenigingen kozen dan wij vroeger, al zaten er toen vertegenwoordigers van de twee toenmalige grootste bewegingen rond de tafel. Hopelijk beseffen die groten van nu dat het tij kan keren (hadden wij dat voorzien, of was het een andere voorzienigheid ?). En ik wens het de mede-auteurs van vandaag ook toe dat ze binnen 20 jaar kunnen vaststellen dat ze hun engagement voor Essen hebben voortgezet, op even uiteenlopende manieren als wij.

Een sterk overdreven stukje…

Een sterk overdreven stukje…

Bij de bespreking van het reglement, de statuten, de overeenkomst…

Als ik vind dat we iets dat niet de bedoeling is ook niet moeten toelaten, dan vinden ze dat ik overdrijf.
Als ik vind dat we geld dat we niet willen betalen ook niet moeten toekennen, dan vinden ze dat ik overdrijf.
Als ik vind dat de teksten die we goedkeuren ook grammaticaal correct Nederlands moeten zijn, dan vinden ze dat ik overdrijf.
Als ik vind dat we geen procedures moeten instellen die onmogelijk kunnen worden nageleefd, dan vinden ze dat ik overdrijf.
Als ik vind dat we geen teksten uit voorbeeldreglementen mogen overnemen als die duidelijk niet toepasbaar zijn in Essen, dan vinden ze dat ik overdrijf.
Als ik vind dat de mensen die in de praktijk met teksten moeten werken toch ook gehoord mogen worden, dan vinden ze dat ik overdrijf.

Na de goedkeuring van het reglement, de statuten, de overeenkomst…

Als ik vraag om toe te passen wat er is afgesproken, dan vinden ze dat ik overdrijf.
Als ik voorstel om over te doen wat duidelijk niet in overeenstemming gebeurde met de goedgekeurde teksten, dan vinden ze dat ik overdrijf.
Als ik vind dat de procedures die in de teksten staan ook moeten worden gevolgd, dan vinden ze dat ik overdrijf.
Als ik de rapporten die in de tekst worden opgelegd ook effectief of het afgesproken moment wil lezen, dan vinden ze dat ik overdrijf.
Als ik vind dat de aparte structuren met eigen middelen die worden opgezet dan ook maar duidelijk onderscheiden moeten worden van de gemeente(kas), dan vinden ze dat ik overdrijf.
Als ik desnoods ten einde raad de toepassing van de afspraken die goedgekeurd werden via de toezichtoverheid wil afdwingen, dan vinden ze dat ik heel sterk overdrijf. Zelfs al heb ik uitdrukkelijk en herhaaldelijk vooraf gewaarschuwd.

Na de toepassing van het reglement, de statuten, de overeenkomst…

Als ik vaststel dat de teksten blijkbaar moeilijk toepasbaar zijn, dan vinden ze dat ik overdrijf.
Als ik vaststel dat er zaken gebeuren die duidelijk niet de bedoeling waren, dan vinden ze dat ik overdrijf : de teksten laten het toch toe ?
Als blijkt dat de fouten in de teksten tot rechtszaken leiden en ik vind dat wie ze goedkeurde verantwoordelijk is, dan vinden ze dat ik overdrijf.
Als er toch iets opnieuw moet gebeuren omdat de teksten niet werden toegepast zoals goedgekeurd, dan vinden ze dat ik overdrijf.
Als blijkt dat fouten in de teksten uiteindelijk veel geld kosten, en ik vind dat de verantwoordelijken daar op mogen aangesproken worden, dan vinden ze dat ik overdrijf.

—

Waar dit college het voor het zeggen heeft is ondoordacht of onzorgvuldig werken – of zelfs fouten maken veel minder erg dan wijzen op die onzorgvuldigheden en fouten. Wie zich daaraan schuldig maakt is een muggenzifter, een onruststoker, een saboteur zelfs. Wie overdrijft er hier eigenlijk ?

XL

XL

Ik denk niet dat er aan mij een groot muzikaal talent verloren is gegaan. Zeker weet ik het niet, want ik heb in mijn opvoeding weinig artistieke stimulansen gekregen – al heb ik er wel uit geleerd dat alvast in de beeldende kunsten mijn eventuele ideeën botsen op een zeer gering uitvoeringsvermogen. Minder eufemistisch : ik ben er te onhandig voor. En muziek voortbrengen heb ik zelfs nauwelijks geprobeerd.

Mijn affiniteit met Muzarto, de academie voor woord en muziek van Essen en Kalmthout die dit weekend het veertigjarig bestaan vierde, komt dan ook vooral voort uit mijn betrokkenheid bij het gemeentebeleid. Vanuit die optiek heb ik wel vast kunnen stellen dat Muzarto een sterke “poot” van ons gemeentebestuur is – en van onze zuiderburen, natuurlijk. Muzarto draait van oudsher goed, heeft weliswaar enkele bestuurlijke stormen moeten doorstaan, maar is sinds directeur Sabine Vermeersch het roer stevig in handen heeft in veel rustiger water terechtgekomen. Dat wijlen schepen Gino Veraart de vraag van de school voor extra ruimte, voor een renovatie van een aantal lokalen en een gloednieuwe danszaal ten volle heeft gesteund, was dan ook zeer terecht.

Wij zouden Muzarto liever verhuisd hebben naar de douaneloods. Ik blijf dat een goed idee vinden, en het had er misschien voor kunnen zorgen dat er nu al concreet aan de loods zou worden gewerkt. Maar de beslissing om in Muzarto te investeren staat daar los van en kreeg -neen, krijgt- wel onze steun. Het deeltijds kunstonderwijs is een heel belangrijke aanvulling bij het onderwijsaanbod, maar is ook een heel essentiële peiler van het socio-culturele leven. Het is goed dat de gemeente daar voluit mee achter staat.

De bouwwerken bleken een echte lijdensweg. Ik heb een aantal van de werfverslagen gelezen, en bij sommige was de vraag echt of ze nu om te lachen of om te huilen waren. Zo goed als alles is twee keer gedaan : één keer slecht, de tweede keer goed. Voor enkele zaken volstonden die twee keer nog niet. Zoals ik daarstraks tegen de architect zei : jammer dat dat tweede stuk school dat ook gebouwd is er nu niet naast staat… Ik denk niet dat de aannemer in kwestie nog veel krediet heeft aan het Heuvelplein, maar nu staat het er allemaal. En het ziet er heel mooi en netjes uit.

Van het feestweekend heb ik “Muzarto Swingt” van vrijdagavond en de receptie van vandaag meegemaakt. De mensen van Kom Op Tegen Kanker hadden me vrijdag gevraagd om mee de bonnenverkoop te doen, en dus heb ik de tafel van 1,50 in kunnen oefenen. Het was vooral leuk om te zien dat er kinderen van 10 én grootouders om bonnetjes kwamen. En de muziek klonk bijzonder goed – noblesse oblige, uiteraard. Ik onthoud vooral dat in het jonge Muzarto-rockgeweld heel veel pit zat. En het veelkoppig muziekleerkrachtenensemble kon daarbij natuurlijk ook niet achterblijven. Ook Kom Op Tegen Kanker heeft er een mooie opbrengst aan overgehouden. Iedereen tevreden.

De plechtige opening van de danszaal van vandaag zat ook goed. Ontspannen maar toch heel stijlvol, met de obligate toespraken gedrapeerd rond eigen composities van de Muzarto-leerlingen. Met een dansoptreden in de nieuwe zaal, dat ongetwijfeld een levende reclame was voor de opleiding. Die het vooralsnog zonder erkenning moet stellen. Het schepencollege heeft er zich voor geëngageerd om in afwachting daarvan -en hoe het dossier verder ook verloopt- de kosten te dragen, en dat is een terechte keuze.

De zaal zal hopelijk ook gebruikt worden door andere dansinitiatieven in Essen. Maar ik hoop wel dat iedereen er zuinig op is, en dat er een regeling wordt getroffen die ook voor Muzarto haalbaar is. Na de kopzorgen van de bouw verdienen ze daar namelijk wat rust…

En zo is wat 40 jaar geleden begon als een “muziekschool” vandaag veel meer dan dat geworden. Niemand weet wat de komende vier decennia zullen brengen, maar Muzarto staat er wel klaar voor en heeft zich in Essen onmisbaar gemaakt. Er zit muziek in onze academie – en nog veel meer !

Gedane zaken…

Gedane zaken…

“De Rechtzetting” is een website die het nieuws satirisch bekijkt. Niet altijd even geslaagd, het Amerikaanse voorbeeld “The Onion” kan ik veelal beter smaken. Toch moest ik gisteren tijdens de gemeenteraad aan “De Rechtzetting” denken – al ging het dan om pure realiteit. Naast het aanvaarden van gratis overdrachten van grond aan de gemeente (niet meteen een beleidsdaad waar je lang over moet discussiëren) stonden er immers vooral rechtzettingen op het programma. Zo werd ons gisteren gevraagd om het Autonoom Gemeentebedrijf toe te laten om meeruitgaven te doen voor de sporthal. Meeruitgaven die grotendeels nodig en nuttig zijn, maar waartoe wel al in februari vorig jaar werd beslist. Ik heb toen al gemaild met de vraag om vooraf met de meerkost naar de gemeenteraad te komen, maar de burgemeester besloot naar eigen zeggen om het “berekend risico” te nemen. Een onaanvaardbare procedure die manifest de gemeenteraad miskent heet in Essen dus een “berekend risico”…

Vervolgens mochten we kennis nemen van de interne kredietaanpassingen (beperkte begrotingswijzigingen) waartoe het college in december besliste. Om daarmee kosten te wettigen die het al lang voordien opliep, wat niet mag. We mochten ook meerwerken goedkeuren bij het wegenonderhoud. Die al van vorig jaar dateren. En we mochten twee reglementen intrekken omdat de Vlaamse overheid had vastgesteld dat ze niet volgens de regels waren gebeurd.

De rechtzettingsraad. Om te lachen of om mee te huilen ? Tiens, zou daar die “onion” vandaag komen ?

Alles van waarde is weerloos

Alles van waarde is weerloos

Gisterenavond hield de socialistische cultuurvereniging Curieus haar 13e poëzieavond. Deze keer hadden ze mij mee op het programma gezet, wat een mooie gelegenheid was om nog eens in de gedichten te duiken. Wat een paar leuke ontdekkingen opleverde, die ik met enkele klassiekers en werk van mijn favoriete dichters to één geheel heb proberen te smeden. Het resultaat staat hier.

Schrijven is schrappen, zo bleek maar weer eens. Uiteindelijk geen Marsman, geen Henriette Roland Holst, geen William Blake, geen Hugo Claus, geen Bertold Brecht, geen Lucebert… De gedichten die het net niet haalden heb ik dan maar hier samengebracht.

De avond zat verder goed in elkaar, en de zang van Cantores bood een mooie afwisseling. Alleen vind ik het jammer dat redelijk veel van de genodigden uiteindelijk vooral voor proza kozen in plaats van voor poëzie. Met een beetje zoekwerk vindt iedereen die wat literair gevoelig is volgens mij ook dichtwerk dat hem of haar aanspreekt. De ars poetica verdient toch minstens één keer per jaar die aandacht.

Eentje nog om het af te leren. Opgedragen aan de presentatoren van gisterenavond, Jokke en Jeroen…

Komma

wie eenzaam
moe is
of teneergeslagen
wie nooit geaaid wordt
of gekust
vindt in de regel
aanspraak
troost in woorden
of bij een komma
even rust

Albert Megens

Mens sana in corpore Sany ?

Mens sana in corpore Sany ?

Op de commissie ruimtelijke ordening werd gisteren het ontwerp van het nieuwe bestemmingsplan voorgesteld voor het terrein aan Over d’Aa waar nu Sany Logistics gehuisvest is. Over dit plan hebben we in februari vorig jaar een brief gestuurd. We waren toen al bijzonder ongerust : Sany brengt heel veel vrachtwagenverkeer mee. Nu het bedrijf bestendigen via een RUP, en bovendien op hetzelfde terrein nieuwe bedrijven toelaten, leek ons een onmogelijke aanslag op de verkeersleefbaarheid van Over d’Aa.

Volgens de nota die toen voorlag was er nochtans geen probleem : op basis van puur theoretische berekeningen zorgt het plan niet voor meer verkeer dan de straat aankan. Daarbij werd geen rekening gehouden met het andere verkeer dat in de realiteit (niet in theoretische modellen…) door Over d’Aa komt. Terwijl de politie op vraag van de gemeente heel veel verkeerstellingen uitvoert, die overigens altijd nuttig zijn. Waarom werd er dan geen degelijke telling en analyse voor Over d’Aa uitgevoerd, zoals wij in onze brief hadden gevraagd ? En waarom werden alternatieve verkeersafwikkelingen voor het terrein, of alternatieve locaties voor een bedrijventerrein, niet bekeken.

Er moet een grondig mobiliteitsonderzoek gebeuren, waarin zowel met vrachtverkeer, personenwagens als fietsers rekening wordt gehouden. Als dat onderzoek zou aantonen dat mits een herinrichting van Over d’Aa de straat leefbaar kan blijven (eigenlijk “kan worden”), én als die herinrichting dan ondubbelzinnig wordt beslist, dan zouden we kunnen overwegen om het RUP alsnog te steunen.

Maar ik geloof er -tot bewijs van het tegendeel- niet in dat de plannen passen in de woonstraat die Over d’Aa is. Als Sany afbouwt of weggaat, zou het terrein volgens mij daarom best een bestemming krijgen met een kleinere impact op het verkeer en op de ruimte. Voor mij is het daarbij geen taboe om er gedeeltelijk terug landbouwgrond van te maken…

Weekend in C

Weekend in C

Een weekend cultuur. Vrijdagavond heb ik de toneelvoorstelling van Platho bezocht. Voor wie hen niet kent : Platho is een van oorsprong Horendonks gezelschap dat zich toelegt op het wat ernstiger amateurtoneel. Al heeft hun stuk van dit jaar “Larry’s favoriete chocoladetaart” een (tragi)komische inslag. Het geheel werd goed gebracht; er lopen bij Platho enkele sterke acteurs rond, en het speelplezier droop vaak van de planken. De Zolder in Nieuwmoer leende zich ook perfect voor het intieme stuk zonder al te veel theatrale pretentie.

Vandaag, zondag, stond de proclamatie van de “Junior Journalist”-wedstrijd van het Essense Davidsfonds op het programma. In mijn tijd heette die opstelwedstrijd, maar behalve de naam is er bijzonder weinig veranderd. Ik herinner me dat ik er minstens één keer op het podium stond, maar ook dat ik nooit goed weg wist met de thema’s die we opgelegd kregen. Ongewild en onvoorzien belandde ik weer op het podium, om enkele diploma’s uit te reiken. Ik heb dat met veel plezier gedaan, want jong schrijftalent verdient aanmoediging. Het winnende opstel werd ook voorgelezen. Het leek me een terechte winnaar, wegens een mooi evenwicht tussen een heel correct Nederlands en eigentijdse wendingen waar vroeger wellicht een rode streep doorheen zou zijn gegaan (“Is vast een makkie”).

Het hele gebeuren ademde, wat mij betreft, misschien toch iets te veel dezelfde sfeer uit als toen ik nog opstellen schreef in plaats van “blogposts”, al deed de ingehuurde verteller klein en groot aan zijn lippen hangen. Iets meer schwung en iets minder plechtigheid – aangepast aan de leeftijd van de laureaten, zou wellicht wel mogen. Maar dat doet niets af aan de blijvende waarde van het initiatief, aan de verdienste van de organisatie en uiteraard nog veel minder aan de waardering voor de winnaars. Dat ze vooral blijven schrijven.

Want Essen brengt soms meer schrijftalent voort dan we beseffen. Maar daarover volgende week meer…

Essen met de E van Economie ?

Essen met de E van Economie ?

Commissie lokale economie. Mogelijk de laatste van deze legislatuur, zoals voorzitter Ludwig Caluwé bij de afsluiting vaststelde. Er stond weinig wereldschokkends op de agenda, al vind ik de jobbeurs die het gemeentebestuur op 18 april organiseert een heel goed initiatief. Maar het is een beetje de zwaluw die de lente niet aankondigt. Het Essense economiebeleid mist een visie, een richting. Er ontbreken doelstellingen, en het besef dat een gemeentebestuur veel meer instrumenten in handen heeft dan het zelf beseft om mee sturing te geven aan de sociaal-economische koers die Essen vaart.

Dat betekent niet dat er geen goede initiatieven worden genomen : de ambtenaar die de moeilijke taak heeft lokale economie met huisvesting te combineren heeft er best wel pit in gebracht.

Maar het kader, de richting ontbreken. Bij de nieuwe bedrijfsruimte op de voormalige site Beckers wordt dan ook vooral gekeken naar een zo snel mogelijke opvulling ervan -nadat er in de planningsfase ontzettend veel tijd verloren ging- en veel minder naar de meerwaarde die de nieuwe bedrijven voor Essen creëren. Wat voor bedrijvigheid willen we, waar en voor wie ? Dat is de vraag die eigenlijk onvoldoende gesteld wordt. Dat maakt een coherent beleid moeilijk.

En dan valt het aan de vraagzijde van de arbeidsmarkt (de werkgevers) al bij al nog mee met het gemeentebeleid. Een aanbodbeleid ontbreekt helemaal – behalve in het OCMW, overigens. Het gemeentebestuur kan veel meer doen om ervoor te zorgen dat de Essenaren voorbereid zijn op de arbeidsmarkt van morgen. Zo zouden de vormingsinitiatieven die er gelukkig zijn beter op elkaar afgestemd en gekaderd moeten worden, en aangevuld met opleidingen die de witte vlekken wegwerken. En er kan nog veel meer. Een goed lokaal economiebeleid is een kwestie van willen, en weten waar naartoe. Volgend jaar misschien…

And the new chairman is…

And the new chairman is…

Terwijl ik in Oostenrijk zat heb ik uitzonderlijk één de vergaderingen van het Employment Committee (het Comité van de Werkgelegenheid, maar in alle talen afgekort tot EMCO) gemist. Nochtans geen onbelangrijke vergadering, want het ging over het Europees Semester en de band met de nieuwe “six pack”-procedure die uiteindelijk tot sancties kan leiden voor de landen die de aanbevelingen niet opvolgen. Wie de actualiteit een beetje opvolgt, weet dat dit niet zonder belang is. Als EMCO willen we een rol spelen in die procedure.

Een ander agendapunt op de vergadering was de verkiezing van een nieuwe vice-voorzitter, die ook de Indicatorengroep moet leiden. Het mandaat van de vorige voorzitter liep na twee jaar af. Maar de statuten houden geen beperking tot één termijn in. Wel voor de voorzitter van het Comité, overigens. De uittredende vice-voorzitter was opnieuw kandidaat, en bleek de enige. Dus werd hij herkozen.

Ik mag dus de Indicatorengroep blijven voorzitter. Ik vind dat nog altijd een groot voorrecht, omdat ik van die groep en de materie die we behandelen hou. En ook omdat het mij in de “inner circle” van het Comité brengt, met een redelijk goed uitzicht op de Europese besluitvorming. In een uiterst interessante periode. Niet altijd gemakkelijk, want soms komt het EMCO-werk als eens bovenop de andere taken. Maar die prijs betaal ik graag.

Stilaan begin ik wel eens naar een mogelijke opvolger uit te kijken. Ik weet al wie, zij nog niet. Maar er is nog tijd, natuurlijk…