A cunning plan
Vorige week zaten we met de twee schepenen van sociale zaken en enkele raadsleden samen om de evaluatie van het Lokaal Sociaal Beleidsplan te overlopen. Zoals Jokke bij het begin van die vergadering aanhaalde, heb ik een jaar of vijf geleden eerst vanuit het OCMW en later de gemeenteraad veel energie gestoken in dat plan. Ik heb daar goede herinneringen aan, omwille van de pittige maar interessante discussies en de samenwerking met de ambtenaren van OCMW en gemeente.
Gisteren kwam de evaluatie van het plan in de gemeenteraad. Ik ben er redelijk tevreden over, al blijft een cruciale schakel -het Lokaal Dienstencentrum- een vraagteken : er zal wel iets komen, maar wordt het goed genoeg om het sluitstuk te vormen bij de uitvoering van het Plan ? Zolang kan ik niet anders dan een definitief oordeel uitstellen.
Het blijft daarnaast interessant om te zien dat zaken die ik destijds in de werkgroep na veel discussie niet in het plan kreeg (de avondopening) uiteindelijk wel werden gerealiseerd, terwijl andere dingen die ik wel binnenhaalde (de werkconsulent) doelbewust door het college niet werden uitgevoerd. Ook dat is politiek : je mag nooit denken dat je iets hebt gerealiseerd omdat het op papier staat, en je hebt nooit iets definitief verloren omdat er op papier staat dat het er niet komt. De regeringsonderhandelaars knopen het beter in hun oren…
Ik heb in de raad gezegd dat het plan vooral tekortschiet op het vlak van werkgelegenheid en vorming. Twee zaken die sterk samenhangen. Ik ben ervan overtuigd dat een gemeentebestuur op die domeinen veel meer kan doen, maar Essen mist een visie op “ondernemen en werken” ondanks goedbedoelde initiatieven. Als puntje bij paaltje komt, geldt aan het Heuvelplein immers een ambtelijke logica in plaats van één waarbij mensen en ondernemingen kansen krijgen. De weigering om in het containerpark voor bedrijven een factuur te maken -een voorstel dat we gisteren vergeefs verdedigden- is op dat vlak tekenend. Als dat in één bedrijf één job zou kunnen opleveren, moeten we dat toch doen ?
Of hoe sociaal beleid soms toch nog meer een “Caritas”-beleid dan een kansenbeleid is. Minder op papier dan op het terrein. Laat me toch maar eindigen met een voorzichtig compliment aan de beleidsverantwoordelijken die de voorbije jaren het plan hebben uitgevoerd : Jokke, Imelda, Brigitte, Jos en Jan. En aan hun ambtenaren, natuurlijk.
De gemeenteraad gisteren was pittig, met een wakkere oppositie (N-VA/PLE en Philip, zoals gebruikelijk) en een burgemeester die ook bij de les was. Gaston bleef overeind op een koord die in enkele dossiers erg slap gespannen was. Nu, het schepencollege maakt het zichzelf ook niet gemakkelijk : werken laten uitvoeren zonder krediet of visum, vergunningen afleveren voor iets dat nooit is gevraagd, zelf een vergunning vragen voor een traject dat men niet wil volgen, bomen mee gaan merken die men niet wil kappen… Il faut le faire, zoals de bijna-premier van dit land het ongetwijfeld zou zeggen.
Gisteren waren we er dus wél bij, in het “nieuwe” gemeentehuis. De opendeurdag trok veel volk naar het Heuvelplein, en dat is natuurlijk een goede zaak. De nieuwe delen van het gebouw zien er ook goed uit – dat mag natuurlijk ook wel voor de slordige twee miljoen euro die de Essenaar er voor ophoest. Ik hou zelf nogal van de stijl waarin het gebouw ingericht is, en ben ook een liefhebber van gebouwen met veel glas. Al zou ik in de nieuwe werkplek voor de afdeling vrije tijd nog niet graag de hele dag zitten; daar is het een beetje té. Maar langs buiten ziet het er niet slecht uit, en persoonlijk vind ik de integratie van de verschillende stijlen van het gebouw redelijk geslaagd – al heb ik begrepen dat de meningen daarover verschillen. Gelukkig maar.
De provinciegouverneur heeft vandaag het vernieuwde gemeentehuis plechtig geopend. Maar ik ben thuis gebleven. Met N-VA/PLE hebben we na grondig overwegen beslist om niet naar de opening en de bijhorende receptie te gaan. We hebben dat ook uitgelegd in een
11 november. In 2011 dan nog. Om 11 uur organiseerde het gemeentebestuur zoals elk jaar een herdenking van de wapenstilstand die op deze dag in 1918 werd ondertekend in het Franse Compiègne. Met enkele korte toespraken en het neerleggen van enkele kransen bij het monument op het Heuvelplein wordt even stilgestaan bij het oorlogsleed van de Groote Oorlog, maar ook bij WO II en alle andere conflicten waarin Essenaren of andere wereldburgers het leven lieten. Een zinvolle traditie, die zeker behouden moet worden maar wellicht wat uit de besloten kring van de oud-strijdersorganisaties kan worden opgetild en inclusiever kan worden gemaakt.