Niet baanvast
Voor de allereerste keer (!) organiseerde het gemeentebestuur een hoorzitting over de nochtans ingrijpende plannen voor een fietspad langs de Moerkantsebaan. Voor een select publiek dan nog : alleen degenen die een stuk grond moeten afstaan werden uitgenodigd. Dat het gemeentebestuur de eigen raadsleden op zijn minst op de hoogte brengt van dergelijke vergaderingen, lijkt een evidentie. Niet in Essen, nochtans. Gelukkig hebben er enkele voldoende ondernemingszin om dan zelf maar achter de informatie aan te gaan.
De vergadering was bijzonder slecht aangepakt en uiteindelijk ronduit zinloos. De opdracht was dan ook niet gemakkelijk, maar dat is niet helemaal een geldig excuus. Ik stel voor er de volgende lessen uit te trekken :
1. De besluitvorming rond de aanleg van het fietspad is bijzonder ondoorzichtig verlopen, waardoor er onvoldoende draagvlak is gecreëerd. Bovendien verschuilt het gemeentebestuuur zich achter de provindie (de mate van “verschuilen” wil ik nog verder nagaan, maar het is alleszins duidelijk dat de gemeente een beslissende stem heeft gehad bij de keuze voor een eenzijdig fietspad langs de noordzijde). Het uiteindelijke besluit lijkt mij overigens aanvaardbaar, maar dat praat het hele proces nog niet goed.
2. De zogenaamde “hoorzitting” die CD&V in 2005 hierover organiseerde heeft valse verwachtingen gewekt en een zuiver besluitvormingsproces sterk bemoeilijkt. Daarna(ast) zijn er achter de schermen blijkbaar allerlei beloftes gedaan in de beste traditie van de achterkamertjespolitiek.
3. Een hoorzitting waarop een plan voorligt zonder dat iemand dat plan echt verdedigt brengt niets bij. Het studiebureau wordt nochtans betaald voor dat plan, maar de verantwoordelijke gaf liever zijn eigen mening die helemaal tegenovergesteld was. Het is alsof er een advocaat voor de verdediging werd ingehuurd die vooral de schuld van de verdachte in de verf wil zetten. Onaanvaardbaar. Omdat ook de collegeleden zich achter de provincie (provinciale auditcommissie) verschuilden, zat er alleen maar een dovemansgesprek in. En natuurlijk kan het plan niet meer worden gewijzigd, maar dat toont alleen maar aan dat er veel eerder aan behoorlijke inspraak zou moeten zijn gewerkt.
4. Wanneer leert men eindelijk eens dat een hoorzitting een degelijke voorbereiding en een goede omkadering vraagt ? Met duidelijke doelstelling, een professionele gespreksleider, een werkende microfoon (!) en een degelijke powerpointpresentatie -in plaats van enkele schamele snel geknutselde slides- zou er al een hele stap vooruit zijn gezet.
5. Een publiek dat populisme combineert met op een aantal punten doorslaande (technische) argumenten is natuurlijk ook niet eenvoudig om aan te pakken. Wat des te meer de noodzaak van en goede organisatie aantoont.
6. Gelukkig blijkt de burgemeester veel helderder te communiceren dat zijn voorganger (annex schepen voor openbare infrastructuur). Dat er op sommige vragen toch nog enigszins een antwoord kwam, en dat het geheel niet helemaal in een scheldpartij ontaardde, was zijn verdienste. Overigens speelde hij er geen gemakkelijke rol en kan hij er wellicht ook niet helemaal aan doen dat zij die voor hem kwamen het dossier erg slecht hebben gecommuniceerd (al was hij natuurlijk als fractievoorzitter van zijn partij wel mee verantwoordelijk). Ik heb hem gezegd dat ik niet graag in zijn schoenen zou hebben gestaan, en dat meen ik ook – als is het “part of the job”, natuurlijk. Maar hij had wel voor een paar steviger schoenen kunnen zorgen…
Oozen burgemjester zet zoewmar in de gemjentelijke berichte dattem gin Esses kan. Da’s straf, stelt uw is veur dat de kunnigin beveurbeld zou zegge dazze gin Vloms kan… Nou muttek jerlijk toewgeve dakkik wok ni jellemoal Esses proat gelak asda zou moette. Mijn ouwers zen van Wezel en Loenout, en ik zen nog nen tijd in Wogstroaete nor ’t school gewist (’t Seminorrie, jaja) : doar zegge ze dasiet ni goe vijne aszet ni goe vinne ! En op den tellevies worde veural Antweirps en dan lekket al rap of dache da dan mar moet overpakke; ’t Esses is wok van zen eige al ni zoew een duidelijk dialect : ’t is West-Broabaants mej toch wok Wost-Broabaantse invloede (gelak as “wer” op ’t ende vanne zin). En binnenet West-Broabaants zittet Esses op de greis tusse Markiezoats, Baroniejs en Antweirps. Veurbij de Nimoer en ’t Aachterbroek proate z’echt Antweirps (dus klappe ze’t,…) mar ier dus niej. Daddis dan wok nog is een bitje menneneigen theoriej, want achet opzukt vind ooveral nen aanderen uitleg. Kem gewort dazze veur achtonderdveftig joar Esse ’t jen en ’t aander gon opschrijve over ’t Esses, en da lekt me wel een goej initjatief. ’t Zou sunt zen da binne feftig joar nimant mjer wet oewachier echt mut proate.
Ik heb een uitgesproken mening over een hoofddoekenverbod, maar ik hoop dat ik die mening als gemeenteraadslid nooit nodig zal hebben. Het gaat immers natuurlijk niet om een gemeentelijke kwestie. Ik vraag me af wat de Vlaamse regering, met minister Keulen (Open Vld) op kop, bezielt om het VB toe te laten om hun spelletje te heralen van stad tot stad, en later misschien ook nog van gemeente tot gemeente. Uiteraard zou het voor de regering niet eenvoudig zijn om een standpunt in te nemen, maar dat doet maar één keer pijn. De huidige aanpak is gewoon masochistisch, langs de kant van tegen- én voorstanders van het verbod.
Gisteren was er géén gemeenteraad. Over de reden daarvan doen verschillende versies de ronde. Officieel waren er niet genoeg agendapunten, maar dat probleem had ik nog wel willen wegwerken. Het volstaat om het me tijdig te vragen.
Ik ben het volledig eens met de NMBS-topman. Dat had ik nooit gedacht, maar het blijkt dat ze bij de spoorwegmaatschappij toch nog een klein beetje normaal kunnen redeneren. Jannie Haek, die aan het hoofd staat van de NMBS-holding, vindt dat de treinen stipt moeten rijden. Een verstandige uitspraak, die uitgebreid in het nieuws kwam.
Het gemeentebestuur organiseerde een opleiding “vergadertechnieken” voor de geïnteresseerde gemeenteraadsleden. Dat waren er niet zoveel. Een beetje jammer, maar wel begrijpelijk : we hebben allemaal een drukke kalender, beschouwen ons vaak al als “expert-vergaderaars”, horen niet zo graag anderen vertellen hoe het moet… Bovendien zijn gemeenteraden en commissies een wat bijzondere vorm van vergaderen, die niet zomaar met de klassieke vergadertechnieken te vatten is. Ik was dus zelf ook niet zo enthousiast over het initiatief, maar ik vind vorming voor raadsleden sowieso belangrijk. Bij wijze van waardering daarvoor was ik er dus toch, gisteren en vorige week donderdag.
2008 trekt zich in de Essense politiek maar langzaam op gang. Te veel gefeest of nog niet bekomen van de twee dagen begroting eind vorig jaar ? Deze week begon er toch wat beweging in te komen. Zo werd de nieuwe sporthal nog eens bovengehaald in de raad van bestuur van het Autonoom Gemeentebedrijf. Stilaan begon ik te vrezen dat er niets meer van zou komen, maar er wordt nu zowaar werk gemaakt van een samenwerkingsovereenkomst met de gemeente. Het ontwerp daarvan doet mij echter nog altijd vrezen dat het financiële plaatje uiteindelijk niet gaat kloppen. Ik ben erg benieuwd of er privé-partners gaan worden gevonden.