Archief van
Categorie: Politiek algemeen

14/6/2010… Die ochtend in het paleis

14/6/2010… Die ochtend in het paleis

“Oewie we waar hebben, de premier.”
“Sire, het is niet het moment voor grapjes.”
“Allez Bart, c’est pour rire. We mogen toch ook eens lachen.”
“Yves heeft mij ook al een sms gestuurd : 800.000 stemmen, wanneer komt ge de sleutel van de 16 halen ?”
“Awel ja, ik zie ons al samen op het podium staan bij de defilé volgende maand. Gij, ik, uw Veerle en tante Faby. En uw minister van defensie natuurlijk. Frieda, I presume ? Of Jan Peumans ? Dan zie ik die ook nog eens. En serieus salueren als ze de Brabançonne spelen, hé Bart. Ik moet dan ook mijn lach inhouden, maar ’t is voor het vaderland.”
“Sire, ik ben een groot liefhebber van cynische humor, maar u overdrijft.”
“Kom, kom, Bart. Ge hebt zelf gisteren op de televisie gezegd dat ge uw verantwoordelijkheid gaat nemen. Ik weet het, dat zeggen ze allemaal. Maar ik geloof u Bart, gij zijt anders. Ik heb het nog tegen Philip gezegd : vote N-VA si tu veux que ça change. ’t Is dat Mathilde zijn stembrief invult, want hij zou het nog gedaan hebben ook, onze Philips de Denker.”
“Ik zal doen wat nodig is om mijn programma uit te voeren.”
“Awel, voilà, nu zijn w’er. Wat gaat ge mij in mijn speech voor de nationale feestdag laten zeggen ? Of kom ik dit jaar op 11 juli op tv ? Oewaarde Vlaamse landgenoten. En dan kan ik op reis, tien dagen vroeger dan anders. Ons Paola gaat u nog een goede vinden. Op 14 juli moet Nicolas maar op de RTBF spreken.”
“Nicolas ?”
“Sarkozy, Bart. Die heeft al gebeld of zijn soldaten de Corridor de Rhode komen bewaken, of blauwhelmen. Maar ik zal wel een paar Congolozen meebrengen, heb ik gezegd.”
“Albert, het loopt hier de spuigaten uit.”
“Ge hebt gelijk. Ik ga te snel. Eerst wordt Elio een week informateur. Samen met ene van u. Een éminence grise. Wie hadt ge gedacht ?”
“Euh… Siegfried ?”
“Het was maar een strikvraag, Bart. Neenee, we gaan het ineens goed doen. Ik benoem u tot Eerste Minister van het Koninkrijk België. Yves heeft het besluit al ondertekend en het staat in de Moniteur. En nu ga ik mij een weekje samen met hem bezinnen.”
“In West-Vleteren, neem ik aan ?”
“Ik ben blij dat ge er toch nog mee kunt lachen, premier. Allez, dis bonjour à Laurette, Joelle, Caroline en Marianne. De regering van het beest en de schonen. Hahaha…”

En toen schoot Bart terug wakker. Het was maar een peiling…

Eén tegen allen ?

Eén tegen allen ?

Voor een zwevende kiezer is de Stemtest natuurlijk een handig hulpmiddel. Ik heb het dus geprobeerd, en drie partijen behaalden een even hoge score : Open Vld, N-VA en Groen! Daarmee ben ik nog niet veel wijzer, zoals wie de eerdere stukjes hier heeft gelezen zal begrijpen. Bovendien bleek dat ik ook met deze drie niet echt veel standpunten gemeen heb. Dat kan ook niet, want het zou betekenen dat ze ook onderling niet veel zouden verschillen…

De verklaring is nogal duidelijk : er ontbreekt een partij in het rijtje. Als ik in Nederland soortgelijke testen invul, dan kom ik overtuigend bij D66 uit, met soms GroenLinks redelijk in de buurt. Als sociaal-liberaal mag me dat niet verbazen – de standpunten van de Nederlandse groenen zijn overigens ook sociaal-liberaler dan die van hun Vlaamse tegenhangers.

De Stemtest gaat me dus in het kieshokje niet hard kunnen helpen. Nu, als ik de voorbije dagen de media volg, zijn er ook maar twee keuzes. Voor of tegen Bart De Wever. Het moet niet eenvoudig zijn om op dit moment in diens schoenen te staan. Gelukkig kan hij zichzelf nogal relativeren, zoals zijn laatste twee columns (1 & 2) bewijzen. Wie zichzelf op het (mogelijke) hoogtepunt van zijn carrière nog in die mate in perspectief durft plaatsen, zal niet snel naast zijn schoenen gaan lopen.

Je kan voor of tegen het programma van De Wever zijn. Voor of tegen de Vlaamse onafhankelijkheid als einddoel en een confederaal België als tussenstap. Het lijkt me niet dat hij die mening ooit heeft verborgen, en wie dus nu plots vaststelt dat de man een “separatist” is, maakt zichzelf belachelijk (zeker als je er vroeger mee in een kartel hebt gezeten…). Je kan er als kiezer op gokken dat hij er niet in zal slagen om het hele programma na 13 juni te realiseren, en dus desgewenst ervan uitgaan dat hij wel stappen naar het confederalisme zal kunnen zetten maar niet in de mogelijkheid zal zijn om de onafhankelijkheid te realiseren. Dat lijkt me een volstrekt legitieme reden om voor een partij te stemmen. Als ik bijvoorbeeld voor Groen! zou kiezen, dan zou ik er ook vanuit gaan dat ze er niet in zullen slagen hun meest verregaande standpunten uit te voeren. Natuurlijk heeft het geen zin om net het tegendeel te verwachten : N-VA kiezen om België te redden of Groen! om de kerncentrales open te houden heeft uiteraard geen zin.

Hetzelfde soort redenering moet gelden voor coalitiebesprekingen tussen democratische partijen. Je kan een regering met Groen! maken zonder daarin alle groene standpunten te realiseren. Of met Open Vld zonder alle liberale ideeën uit te voeren. Op dezelfde manier kan je ook een federale regering vormen met N-VA zonder dat dat noodzakelijk tot de Vlaamse onafhankelijkheid moet leiden. N-VA op basis van de vaststelling dat het een “separatistische” partij is bij voorbaat uitsluiten van regeringsdeelname is daarom volstrekte onzin. Een partij op basis van zijn einddoel ongeschikt achten voor tussentijdse samenwerking is ondemocratisch – op voorwaarde dat dat einddoel binnen ethische grenzen blijft. Met Hitlers NSDAP samenwerken was géén aanvaardbare optie, ook al sloot de man compromissen. Maar een onafhankelijk Vlaanderen kan een wensdroom of een spookbeeld zijn, het is niet in strijd met de mensenrechten.

Dat na de Franstalige ook een aantal Vlaamse politici zich nu bezondigen aan het uitsluiten van de N-VA op die basis, vind ik zeer verbazend.

De kern van de Noord-Ierse regering wordt gevormd door de DUP die absoluut in het Verenigd Koninkrijk wil blijven, en door Sinn Féin dat 100% voor een opname in de Ierse republiek gaat. Toch werken ze samen in de regering. Een regering Di Rupo-De Wever zal eventjes vreemd lijken, maar is volstrekt legitiem. Waarmee ik niet gezegd heb dat ik hoop dat het daarop uitdraait, want ik vrees toch een beetje voor het sociaal-economische pakket waartoe zo’n regering zou kunnen besluiten.

Geloof

Geloof

Deze morgen op de radio, in het persoverzicht, zat het gerucht dat Siegfried Bracke in de politiek zou stappen. Ik was nog niet helemaal wakker, en hoorde een partijnaam die een beetje als sp.a klonk… Dat had ik dus fout gehoord. Toevallig was ik deze voormiddag thuis, en toevallig zag ik de N-VA-persconferentie rechtstreeks op het internet. Bracke moet het klappen van de politieke zweep natuurlijk niet leren. Hij vertelde een geloofwaardig verhaal. En dat is wat hij en N-VA elkaar te bieden hebben : geloofwaardigheid. Toevallig gaan de komende verkiezingen vooral daarover – zie ook het verhaal van Stijn Meuris. Ik zou het een godsgeschenk voor Bart De Wever noemen, maar dat lijkt me in Brackes geval net te veel een contradictio in terminis.

De Wever bleek ondertussen zelf min of meer van de schok bekomen, maar er moeten er anderen in de Wetstraat vreemd hebben opgekeken. En hier en daar misschien ook wel binnen de N-VA, een partij die plots heel wat groter en daardoor meteen ook breder wordt dan ze zelf pakweg drie jaar geleden voor mogelijk hield. Een positieve evolutie, als je het mij vraagt, maar groeipijnen zijn wellicht hier en daar onvermijdelijk.

Op de persconferentie kreeg De Wever de vraag of hij federaal premier wordt als zijn partij de grootste wordt. Dat hij niet in lachen uitbarstte, is eigenlijk heel veelzeggend. Sinds wanneer zou hij het voor mogelijk zijn beginnen houden dat hij ooit nog eens ernstig op die vraag zou moeten antwoorden ? En zou hij al beseffen dat een behoorlijk deel van zijn toekomstige kiezers inderdaad van hem -zoals eerder van Leterme- wel eens zou kunnen verwachten dat hij én de communautaire problemen aanpakt én het land goed gaat besturen ?

Dat hij niet eens bij voorbaat kansloos is, moet ook de analyse van Bracke zijn geweest. Ik onthoud van de kersverse politicus dat hij hoopt dat we het hier zelf kunnen regelen voor het IMF langs moet komen. Terecht. Ook al zou een behoorlijke dosis van het IMF-medicijn erg gezond kunnen zijn, de nevenwerking houden we misschien toch beter zelf onder controle.

BHV

BHV

Vandaag is het Pasen. Zo had Jean-Luc Dehaene het toch aangekondigd. Want vandaag zou hij met de oplossing komen voor het dossier van de splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde. Volgens sommigen een symbooldossier. Dat is het natuurlijk óók. Maar het gaat volgens mij in de eerste plaats om een symptoomdossier : de niet-gesplitste kieskring is een symptoom voor de dubbelzinnige houding van de politieke partijen in het zuiden van dit land tegenover de grenzen van het Vlaams Gewest. Eigenlijk erkennen ze die niet. Wat op zijn beurt maakt dat Vlaanderen het moeilijk heeft om de Franstalige minderheid in de zuidrand van het Gewest te erkennen. Nogal vanzelfsprekend.

Een Vlaanderen met een “harde” grens, die ook door de beide andere Gewesten als blijvend zou worden erkend, zou wellicht op een meer ontspannen manier met die minderheid kunnen omgaan – al dan niet met ondertekening van het Europese Minderhedenverdag. Waarbij een goed stelsel zoals “wonen in eigen streek” op een wettelijke en onpartijdige manier wordt toegepast, bijvoorbeeld. Zonder juridisch betwistbaar geknutsel in de marge van de wet. Zodat het systeem uiteindelijk ook de Franstaligen in de Rand ten goede komt.

Onvermijdelijk wordt er gesproken over “compensaties” voor de splitsing van BHV. Ik deel niet de mening van degenen die zeggen dat daar absoluut geen sprake van kan zijn. Ik vind wel dat de prijs die wordt betaald redelijk moet blijven. Ik zou kunnen leven met een uitdovend inschrijvingsrecht in Brussel, zodat wie dat wil daar kan gaan stemmen – alleen geldig voor de huidige inwoners van de zes faciliteitengemeenten, uiteraard. Ook de rechtstreekse verkiezing van de burgemeesters in de Rand lijkt me aanvaardbaar, vanuit democratisch oogpunt – uiteraard met ingang van 2012. En een herfinanciering van Brussel is in elk geval nodig, dus mag dat ook in het pakket zitten. Als er voorwaarden aan gekoppeld worden, bijvoorbeeld om te vermijden dat het Brussels Gewest het extra geld in gesubsidieerde tewerkstelling steekt. Meer bieden lijkt me niet echt aangewezen. In dat geval is het sop de kool wellicht niet waard.

Gelukkig zit ik niet mee aan tafel, want het zou natuurlijk niet verstandig zijn om vooraf al “toegevingen” aan te kondigen. Maar zo heb ik wel een “benchmark” om het akkoord mee af te toetsen. Eens zien waar Dehaene mee afkomt…

Jammer

Jammer

Patrik Vankrunkelsven heeft aangekondigd dat hij stopt met nationale politiek, en dat kan ik hier niet zonder commentaar laten voorbijgaan.

Patrik was -neen, is- één van de mensen die mij in de politiek heeft geïnspireerd. Het programma dat hij bij de stichting van Spirit uitschreef, is nog steeds het politieke programma waar ik mezelf het best in terugvind. En ook als mens waardeer ik hem enorm. Ik heb hem nooit gesproken. Eén keer heb ik hem gemaild, waarop hij me toen heeft geantwoord. Het was bij zijn overstap naar de VLD. Hoewel zijn antwoord doordacht en overtuigd overkwam, vond ik toen dat hij zich vergiste. Patrik hoorde niet thuis bij de VLD (in tegenstelling tot sommige andere ex-VU’ers die er wel op hun plaats zitten, overigens) – al lijkt het erop dat een bepaalde links-liberale stroming er wel een beetje een thuis heeft gevoeld. Het geeft een vreemd gevoel te lezen dat hij vandaag stelt dat hij zich toen misschien wel heeft vergist. En waren wij, de overblijvers, mét hem wel op hetzelfde dood spoor als vandaag beland ? Het blijft voor altijd een open vraag.

Opmerkelijk bij zijn vertrek is de verwijzing van Vankrunkelsven naar de “nestwarmte” van de VU die hij later niet heeft teruggevonden. Het belang van die “nestwarmte” voor het politieke landschap (op verschillende niveaus) wordt soms onderschat. Zelf werd ik daar vorige zaterdag op een cursus “copywriting” aan herinnerd. De (zeer nuttige en erg goed gebrachte) lessen waarvan ik hier regelmatig feestelijk zal blijven negeren. Selectief, uiteraard. En elders wellicht veel minder…

Overigens zijn de commentaren van Rik Van Cauwelaert en sommige anderen, ook op basis van persoonlijke aantijgingen, beneden alle peil. Vankrunkelsven heeft fouten gemaakt (wie niet ?) maar ik vond hem een degelijk en inspirerend VU-partijvoorzitter en een bekwaam sociaal-liberaal parlementslid. Zijn afscheid is een verlies voor de Vlaamse politiek.

Neen, maar…

Neen, maar…

Referenda. Ik heb er een wat dubbelzinnige verhouding mee. Ik ben een principieel voorstander, maar ze vragen om een stuk “opvoeding” en “discipline” bij de kiezer, om ervoor te zorgen dat het referendum over het eigenlijke onderwerp gaat. En ook met de vraagstelling kan er heel wat mislopen. Zo kan een weldenkend mens zich natuurlijk afvragen waarom de Ieren eerst tégen het Verdrag van Lissabon waren, en enkele weken geleden plots vóór. Gelukkig maar, voor de werking van de EU. Maar er zit uiteraard een vreemde nasmaak aan.

Al bij al vind ik het referendum over de Oosterweelverbinding “Lange Wapper” nog redelijk zuiver, ondanks het gesteggel over de vraagstelling. Het is niet verworden tot een “voor” of “tegen” de Antwerpse meerderheid, want die is zelf zeer verdeeld. En ondanks de stemmingmakerij worden er al bij al vrij redelijke argumenten aangehaald. De “bochten” die diverse politici en partijen maakten waren niet allemaal even fraai (sommige wel in het kunstschaatsen, wellicht) maar zijn nu ook weer niet zo onredelijk. Er is in dit verhaal nu eenmaal op gezette tijdstippen nieuwe informatie opgedoken. Vooral, maar niet alleen, onder impuls van de twee actiegroepen (Ademloos en StRaten-Generaal) die voortreffelijk werk hebben verricht – ze hebben bewezen dat weinig mensen een groot verschil kunnen maken als ze een draagvlak kunnen activeren, en dat is verheugend voor de gezondheid van de democratie in Vlaanderen (en bemoedigend voor ondermeer het Actiecomité Lijn 12). Aan de andere kant is de BAM er –wegens arrogantie van de macht die níet bij een democratie past- er niet in geslaagd om een nochtans niet zo slecht dossier behoorlijk te communiceren.

In een referendum is het natuurlijk essentieel om te weten wat de gevolgen van een stem zullen zijn, dus hoe een bepaald resultaat zal worden geïnterpreteerd. Dat is voor een deel altijd koffiedik kijken, en dus ook hier. Maar het lijkt erop dat er wat asymmetrie geslopen is in de interpretatie : een “ja” zal volgens mij worden gezien als een quasi blanco cheque voor de BAM-plannen. Die zijn gedurfd (en Antwerpen verdient echt wel wat meer “opvallende architectuur”) maar zeer onvolmaakt, en onduidelijk op het vlak van de consequenties voor de omwonenden van de geplande infrastructuur. Een “neen” opent de deur voor veel meer nuances (tenzij een al te sterk “neen” dat wellicht ook weer te veel het Arup-Sum-traject zou promoten). Bij afweging, en overeenkomstig het standpunt dat ik als kandidaat bij de Vlaamse verkiezingen innam, zou ik “neen” stemmen. Het ideale resultaat zou ik een hoge opkomst vinden, en een niet te ruime meerderheid (laat ons zeggen rond 55%) voor “neen”. Al heb ik natuurlijk niet de pretentie om een stemadvies te geven aan de mensen van “’t Stad” ! Die zijn verstandig genoeg om zelf te beslissen.

Zonder Kris-is

Zonder Kris-is

Er is een nieuwe Vlaamse regering. Er werd een regeerakoord onderhandeld, de posten werden verdeeld en netjes op elf juli kregen de nieuwe ministers ook een gezicht.

In de eerste plaats valt de stijlbreuk op tegenover de onderhandelingen over de nieuwe federale regering in 2007. Niet alleen verliep alles in Vlaanderen veel vlotter (wat bij gebrek aan communautaire dimensie niet helemaal verwonderlijk is), de discussie werd ook niet op de straatstenen en voor de camera’s gevoerd. Wellicht heeft ook het grote regietalent van minister-president Kris Peeters daarmee te maken.

Inhoudelijk geldt natuurlijk vooral dat “the proof of the pudding is in the eating”. In het regeerakkoord zie ik een aantal sterke punten : de extra aandacht voor kinderopvang, de brede school, de vrij doordachte uitbouw van de sociale bescherming, de bijkomende middelen voor kinderopvang… Ook wat de prioriteiten die ik in mijn verkiezingscampagne vooropstelde betreft, zie ik vooruitgang : er worden stappen gezet in de richting van meer innovatie, meer groene energie en een sterker openbaar vervoer. Al had het hier en daar toch wat meer mogen zijn, wat mij betreft. Over werkgelegenheid ga ik me om professionele redenen nu niet uitspreken, maar het bijna-afschaffen van de jobkorting is natuurlijk een goede zaak (helemaal afschaffen zou nog beter zijn geweest). Ook de voorzichtige aanzet om te komen tot persoonsgebonden budgetten in de zorgsector kan ik wel waarderen.

De communautaire strategie waarvoor gekozen wordt, is opmerkelijk en wat mij betreft erg interessant. De essentie is het optimale gebruik van de eigen bevoegdheden, die er toe moet bijdragen dat de federale verantwoordelijken en de franstalige partijen zelf vragende partij worden voor een grote onderhandelingsronde. Dat is alvast een aanpak die veel meer perspectieven biedt dan de dwaze premisse uit het vorige Vlaamse regeerakkoord dat de Vlaamse partijen die het ondertekenden er federaal voor moesten zorgen dat er vooruitgang zou worden geboekt, om daaraan dan een hele bundel eisen te koppelen waarvan de moeilijkste (de splitsing van BHV) zelfs “onverwijld” moest worden uitgevoerd.

Natuurlijk zie ik ook minpunten. Het vooropgestelde beleid op het vlak van milieu en ruimtelijke ordening lijkt me onvoldoende ambitieus. Maar vooral over het begrotingsbeleid maak ik me zorgen. Vlaanderen moet absoluut zo snel mogelijk een structureel financieel overschot opbouwen. Niet om de federale begrotingscijfers te doen kloppen (desnoods wordt moet het Vlaams overschot op één of andere “ESR-neutraal” worden gemaakt, zodat Europa het niet meetelt), maar wel omdat dat nodig is voor de Vlaamse toekomst.

Uit de invulling van de ministerposten vallen enkele lessen te trekken. CD&V bleef zijn eigen zelf : het stuurde de verwachte namen en hield de bevoegdheden waaraan de eigen zuil het meest gehecht is voor zich. De sp.a blijft een partij in moeilijkheden : de prijs die wordt betaald voor het behoud van de bevoegdheid over onderwijs (om welk verschil te maken ?) en voor “één minister meer dan de N-VA” is hoog. Dat partijvoorzitter Gennez bovendien Frank Vandenbroucke dumpte (want dat is het gepaste woord) is een zoveelste voorbeeld van het onbegrijpelijke personeelsbeleid van de partij. Al verstevigt Gennez wel de eigen positie. N-VA-voorzitter Bart De Wever toont zich tenslotte een uiterst efficiënt onderhandelaar en een meester-tacticus. De komst van Philippe Muyters is een prachtige zet, en de man krijgt bovendien meer bevoegdheden dan op zijn naamkaartje zullen passen.

Overigens zie ik totaal geen democratisch probleem in het aanduiden van ministers van buiten het Vlaams Parlement. Integendeel. De kiezer kiest het parlement, dat bepaalt het beleid en controleert de regering. Het parlement kiest de regering. Er is geen enkele reden waarom dat parlement zich zou beperken tot de eigen leden. In Nederland bijvoorbeeld stappen er traditioneel maar weinig parlementairen over naar de regering. Dat versterkt het parlement, want dat werkt een stuk onafhankelijker. Bovendien verwordt het parlement zo veel minder tot een “wachtkamer voor kandidaat-ministers”. Het maakt de verkiezingscampagne ook zuiverder : we kiezen parlementsleden, geen ministers. En ook de regering wordt versterkt via het inbrengen van bekwame buitenstaanders. Leve de niet-verkozen ministers !

Daarmee is de Vlaamse regering in principe weer voor vijf jaar vertrokken. Afwachten of de kans op een “goed bestuur” die er duidelijk is toch weer niet gaat verzanden in een “geen keuze”-beleid à la CD&V of wordt overschaduwd door symboolbeleid (waar de sp.a sterk in is) of een verlies van de communautaire koelbloedigheid (die van de N-VA-achterban wordt gevraagd, opdat de strategie zou kunnen werken).

Ondertussen stel ik voor om aan Frank Vandenbroucke het SLP-partijapparaat op een presenteerblad aan te bieden. We hebben daarbij niets te verliezen : al het lukt, dan hebben we een overlevingskans mét een sterk sociaal-liberaal boegbeeld.

Sweet Lost Paradise

Sweet Lost Paradise

Van de voormalige groep VlaamsProgressieven in het Vlaams en het Brussels Parlement schiet niet veel meer over. In het Vlaams Parlement raakte alleen Bart Caron verkozen, voor Groen! (-5), en in Brussel Fouad Ahidar voor de sp.a (-1). Dat de sp.a niet geeft om bekwame parlementsleden die geen electorale hoogvliegers zijn óf niet zijn gepokt en gemazeld in het generatiesocialisme, had geen verrassing mogen zijn voor kleppers als Jan Roegiers of Joris Vandenbroucke, natuurlijk. Bovendien was het ook van meet af aan de bedoeling van sp.a om Vl.Pro zoveel mogelijk op te slokken aan een zo laag mogelijke prijs. Ahidar is zijn eigen zetel waard, dat is dus geen probleem. En Anciaux bracht stemmen aan zonder met een mandaat te gaan lopen (of kost hij hen toch nog een ministerpost ?). Inhoudelijk zie ik ook al geen enkel verschil tussen de sp.a mét en de sp.a zónder de ex-VlaamsProgressieven. De novembercrisis van Vl.Pro na het ontslag van Bettina Geysen blijkt dus vooral een operatie-zelfdestructie te zijn geweest.

En de SLP heeft het dus ook niet gered. Ook wij hebben geen VlaamsProgressieven/sociaal-liberalen in het Vlaams Parlement gebracht. Had dat gekund ? Misschien. Als alles zou hebben meegezeten. In elk geval gaat het niet op de schuldigen helemaal buiten de parij te gaan zoeken. De media hebben ons al bij al nog een redelijke kans gegeven. De peiling die de vrijdag voor de verkiezingen verscheen heeft ons een pak stemmen gekost van kiezers die ons opeens geen zinvolle keuze meer vonden, maar de foutenmarge van die peiling is wellicht nu ook weer niet zo groot dat we zonder dat effect toch de kiesdrempel zouden hebben gehaald. Heeft de partij dan zelf fouten gemaakt ? Nauwelijks eigenlijk. De SLP-campagne zat gewoon goed. Uiteindelijk is het de kiezer geweest die geoordeeld heeft dat het politieke landschap van vandaag geen sociaal-liberale partij nodig heeft. Of toch geen die de kiesdrempel haalt (in Nederland zou het SLP-resultaat wellicht drie zetels hebben opgeleverd). Ik ben ervan overtuigd dat er in het Vlaanderen van morgen wel nood zal zijn aan een afzonderlijke sociaal-liberale partij, maar wanneer die dag komt is moeilijk te voorzien. Het communautaire gegeven maakt dat Vlaanderen nu al relatief veel partijen heeft, omdat er tussen wat tegenwoordig de V- en de B-partijen heeft een extra breuklijn ligt. Dat speelde de SLP overigens ook parten, want niet elke sociaal-liberaal is ook een progressieve Vlaamsgezinde, en omgekeerd.

De SLP heeft beslist om pas in het najaar de knopen door te hakken. Een verstandig besluit, maar dat we ons dat kunnen permitteren “danken” we aan het slechte resultaat, waardoor we uit beeld kunnen blijven en niet onmiddellijk over vanalles en nog wat positie moeten innemen. Ik ga me nu niet uitspreken voor één of ander scenario, al heb ik in mijn bijdrage op de verkiezingsdag hier al aangegeven dat een herhaling van het kamikazescenario niet meteen een optie is voor mij. Ik hoop wel dat de keuze die gemaakt wordt er één zal zijn met respect voor de mening en keuze van iedereen die op 7 juni op onze lijst heeft gestaan of die lijst mee heeft gesteund. We hebben allemaal onze energie én onze reputatie ingezet om van het SLP-verhaal een succes te maken, en dat verdient respect. Hoe de “tweede keuze” van iedereen er ook zal uitzien.

Errera humanum est

Errera humanum est

De Vlaamse regering wordt een tripartite, maar niet degene die voor de verkiezingen door iedereen –Kris Peeters incluis- was voorzien. De onverwacht sterke uitslag van N-VA en het verlies van de sp.a en (vooral) Open Vld maakten het voor CD&V moeilijk om de oude coalitie ongewijzigd verder te zetten. Daarnaast was het aan de kant laten staan van de voormalige kartelpartner voor de christen-democraten geen evidente optie.

Binnen CD&V werd daarom in eerste instantie voor een vierpartijenregering gekozen. Groot voordeel : onderweg kan één van de drie partners gedumpt worden. Als de eisen, op sociaal of communautair vlak te hoog worden, bijvoorbeeld. Een weinig aantrekkelijk vooruitzicht voor de “junior partners”, en het aanvoelen van N-VA en sp.a dat het wiel van de Open Vld er het eenvoudigst zou afrollen bracht een tandem Gennez-De Wever tot stand. Zodat Verhofstadt moest toezien dat de regeringsvorming zonder hem werd verdergezet. Volgens mij overigens voor een deel ook omwille van hem : een Open Vld-onderhandelingsteam met bijvoorbeeld Keulen of Van Mechelen aan het hoofd had misschien aan tafel mogen blijven. Maar voor Kris Peeters was het vooruitzicht om met de voormalige premier te onderhandelen wellicht niet zo aantrekkelijk, en bij N-VA zit een soort anti-Verhofstadtgevoel enigszins ingebakken. Al moet het communautaire “palmares” van Leterme toch ook bij hen de “standstill” van Verhofstadt doen relativeren.

Ook inhoudelijk manoeuvreerde Open Vld zich voor de verkiezingen in een moeilijke positie. Over ondermeer de jobkorting en de Lange Wapper werden al te duidelijke standpunten ingenomen, die nu eenmaal ongepast zijn voor een door CD&V geleide regering. Dus komt er een Vlaamse regering zonder liberalen. Wel met sp.a en N-VA, maar hun partijprogramma’s voor het Vlaamse beleid zijn niet echt incompatibel. Op communautair vlak zijn er natuurlijk wel meningsverschillen, wellicht vooral over de te volgen strategie. Maar als Peeters het verstandig speelt, hoeft dat niet heel zwaar te wegen op de werking van de Vlaamse regering zelf.

Federaal premier Van Rompuy moet zich wellicht iets meer zorgen maken. Al is het maar de vraag of het verschil tussen een totale puinhoop (nu) en een nog grotere puinhoop (nu + opnieuw communautaire crisis) zoveel verschil maakt. De arme man blijft er relatief koelbloedig bij, en meer moeten we er wellicht ook niet van verwachten. Net nu de economische en budgettaire situatie een krachtig beleid nochtans zou kunnen gebruiken.