I stood by your Atlantic sea and sang a song for Ireland

I stood by your Atlantic sea and sang a song for Ireland

Nee, gezongen heb ik niet. Maar de Cliffs of Moher deden me wel aan dit lied denken. Het was de eerste keer dat ik in Ierland verder raakte dan Dublin. Al bleef mijn uitstap beperkt tot een (lange) dagtrip, met de bus vanuit de hoofdstad naar Galway en zo verder naar de Cliffs of Moher. Die zijn op zich de moeite van het bezoeken waard, maar ik heb nog het meest genoten van het prachtige Ierse landschap onderweg. Van de groene weiden, netjes ommuurd, met schapen en koeien. Van de rotsformaties die de laatste IJstijd over het eiland uitstrooide. En van de pittoreske dorpjes met meer pubs dan huizen. Van de clichés dus.

Het bevestigde me in wat ik hieronder over het Essense structuurplan schreef : zelfs wie veel open ruimte heeft, moet daar zorgvuldig en zuinig mee omgaan. Zoals de Ieren. En dat geldt dus zeker voor wie er minder heeft.

Ik was in Ierland voor een conferentie. Die ging over werkgelegenheid (dat is nu eenmaal mijn vakgebied) maar de twee Ierse sprekers (een minister en een voormalige premier) hadden het in hun speeches vooral over Brexit. En dan in de eerste plaats over de impact op het Goede Vrijdagakkoord dat de vrede in Noord-Ierland heeft gebracht. Ze wezen erop dat het Britse plan om uit de Europese Eenheidsmarkt te stappen én de belofte om geen grenscontroles in te voeren op het Ierse eiland niet met elkaar te verzoenen lijken. Ze gaven aan dat het probleem door de Britten is gecreëerd. En dat die dat dan maar moeten oplossen. Een positie die duidelijk door de hele EU werd ondersteund.

De voorbije dagen gaven de Ieren aan dat ze daar ook hun veto voor willen gebruiken. Terecht. Maar het zal niet nodig zijn. De EU-grens ligt aan de Cliffs of Moher, en de hoop van sommige Britten dat de Ieren mee zouden stappen in hun dwaasheid is een illusie. Gelukkig maar. Als dat op termijn tot een herenigd Iers eiland leidt, dan is dat de prijs die Londen maar moet betalen.

Zoals steeds in Ierland smaakten de Guinness en de Bushmills me uitstekend – de ene uit het zuiden, de andere uit het noorden. Niemand op het eiland zou begrijpen dat het vrij transport van die producten plots “smokkel” zou worden…

Structureel denken

Structureel denken

Het Gemeentelijk Ruimtelijk Structuurplan (GRS) wordt herzien. Het zal tijd worden. Bij het aantreden van de huidige meerderheid werd de herziening van dat structuurplan, dat de basis vormt voor de ruimtelijke ordening in onze gemeente, al in het vooruitzicht gesteld. Maar ofwel werd er bewust niet aan begonnen (wat in de complottheorie past die ik hier al eerder heb uiteengezet), ofwel werd het dossier gewoon opzijgelegd (en dat is ook heel erg). Maar goed, CD&V en sp.a hebben nu toch besloten dat het plan echt wel herzien moet worden. En ze hebben daar een proces voor opgestart.

Na aandringen van mezelf en Arno Aerden (sp.a) werd er zowaar besloten om ook naar de visie van de gemeenteraadsleden te peilen. Dus mochten we gisteren naar het gemeentehuis komen om onder begeleiding van Arcadis mee vast te leggen wat de grote uitdagingen zijn. Tot mijn vreugde blijkt daarover redelijk wat eensgezindheid : het landelijk karakter van de gemeente behouden en zorgen dat de verkeersknoop niet nog erger wordt scoorde erg hoog in het lijstje. Afwachten of bij de uitwerking van het plan daar toch niet allerlei toegevingen op worden gedaan.

Samen met onder meer Ludo Somers (CD&V) bracht ik ook het inzicht aan dat een landelijke dorpskern uitbouwen om die leefbaar te houden (een nieuwe wijk bouwen zodat de school kan blijven bestaan) net het karakter van die dorpskern zodanig onderuit kan halen dat de gezochte leefbaarheid verdwijnt. Wie klanten naar de dorpswinkel wil aantrekken moet opletten om niet het pad te effenen voor de supermarktketen, met andere woorden. Vooral voor Hoek, maar ook voor Horendonk, is op dat vlak voorzichtigheid geboden.

Het proces is gestart. Hopelijk mondt het snel uit in een goed GRS, onderbouwd met een mobiliteitsplan en een woonbehoeftenstudie. Die wat mij betreft moet zorgen dat Essen de 20.000 inwoners niet haalt. Dat getal gaat de draagkracht van onze gemeente immers te boven.

28/28

28/28

Er zijn 28 EU-Lidstaten. Daarvan had ik er tot nog toe 27 bezocht. De voorbije dagen bracht ik door in Bulgarije. En daarmee heb ik het lijstje dus volgemaakt. Al moet ik erbij zeggen dat ik één van de 27 overige landen bezocht heb vóór het land EU-lid werd : Roemenië. Niet toevallig één van de andere landen die het meest recent tot de Unie toetraden. Daar moet ik dus wellicht nog eens opnieuw naartoe. Voor de zekerheid was ik wel al in Schotland. En in Catalonië…

Maar nu dus Bulgarije. Sofia en Plovdiv met name. Als toerist. Voor het werk zal een bezoek pas voor volgend jaar zijn wellicht, als het land het EU-Voorzitterschap overneemt. Heel wat landen hebben de naam een “kruispunt van culturen” te zijn, maar Bulgarije moet voor de andere pretendenten van die titel zeker niet onderdoen. De Thraciërs, de Kelten, de Grieken, Romeinen/Byzantijnen, Ottomanen… lieten er allemaal hun sporen. Tussendoor was Bulgarije zélf een stevig rijk, dat zich tot aan de Kaspische Zee uitstrekte. Sofia en Plovdiv waren beide Romeinse steden, en de overblijfselen daarvan zijn ook op beide plekken mooi bewaard en de voorbije jaren ook op een geslaagde manier in de twee steden geïntegreerd. De Romeinse keizer Constantijn zou zelfs een voorkeur gehad hebben voor Sofia (Serdica) als nieuwe hoofdstad, maar de strategische ligging van Byzantium/Constantinopel/Istanboel gaf uiteindelijk de doorslag. Op archeologisch vlak achtten de Bulgaren zich dan ook de nummer drie in Europa, na Griekenland en Italië. Het zal wel kloppen.

Het kruispuntschap maakt ook dat de eigen identiteit wat ontbreekt. Bulgarije is onmiskenbaar een Balkanland. Het lijkt wellicht het meest op de landen van het voormalige Joegoslavië, maar met wat meer Griekse en Russische invloeden (en niet van de rijke Russen van vandaag, maar van de Tsaren). Plus een meer orthodox communisme dan dat van Tito.

Sofia ligt er mooi aan de voet van de Vitoshaberg en herbergt de monumentale gebouwen van de 19e en 20e eeuw. Plovdiv heeft een oud Ottomaans centrum. Een bezoek zeker waard. Maar wat nu “typisch Bulgaars” is, blijft ook daarna moeilijk te definiëren.

Catalonië en de EU – bis

Catalonië en de EU – bis

Catalonië. Er valt zoveel over te zeggen. En eerlijk, in een verhaal van zwart en wit wil ik niet zomaar kleur bekennen, wegens 50 tinten grijs. Maar ik heb het hier al wel gehad over de band met de EU. Het stoort mij dat die EU zich niet duidelijker wil of kan uitspreken, bijvoorbeeld door actief bemiddeling aan te bieden. Maar dat is minstens voor een deel inherent aan de EU-constructie. Wie wil dat de Unie meer doet, en ook voorbij het concept Lidstaat stapt, moet zich dan ook noodzakelijkerwijs tot een meer federale visie op de EU bekennen. Wie wil dat de EU zich niet bemoeit en daardoor per definitie de Spaanse lijn volgt, moet consequent pleiten voor een intergouvernementele EU, een eenheidsmarkt die daarnaast samenwerkt waar de Lidstaten dat unaniem nodig vinden, maar waar ze de facto elk hun eigen veto houden – en dus als het erop aankomt onaantastbaar zijn.

Het bizarre is dat velen die nu de (terechte) Catalaanse klacht steunen dat de EU niets doet, eigenlijk die laatste visie aanhangen, verenigd in de verschillende gradaties van eurosceptische fracties in het Europees Parlement. Tot en met degenen die de EU in naam van de nationale soevereiniteit het liefst helemaal zouden zien verdwijnen, maar nu wel vinden dat de Unie moet tussenkomen ! En anderzijds staan enkele van de grootste eurofederalisten nu op de strakke positie dat het allemaal een intern-Spaanse aangelegenheid is. Terwijl net een federaal Europa, waarin de Raad meer dan vandaag zou functioneren als een kamer van een federaal parlement (een soort Bundesrat), een nieuwe Catalaanse staat -en andere soortgelijke wijzigingen in de institutionele opbouw van de Unie-relatief eenvoudig zou kunnen opvangen.

Nog opmerkelijk is dat de scheidingslijnen vaak omgekeerd lopen dan wanneer het bijvoorbeeld over de inmenging van de EU in de kwaliteit van de Poolse democratie gaat. Het gaat om een paradox die landsgrenzen overschrijdt, waartegen enkel de Groen/EVA-fractie in het Europees Parlement redelijk bestand blijft, en die ook Vlaanderen verre van onberoerd laat. Sommigen moeten bij het opstaan in de spiegel toch blauwgele sterren met roodgele, geelzwarte of roodgeelzwarte strepen zien, denk ik dan. Ook zonder het nuttigen van vele glazen cava.

Complot

Complot

Ik geloof niet snel in complottheorieën. Twee uitzonderingen : de Bende van Nijvel, uiteraard, en het RUP Meergezinswoningen. Dat laatste is minder bekend, en gelukkig ook minder gevaarlijk. Onschuldig is het nochtans niet : het ontbreken van een RUP om het aantal meergezinswoningen, zeg maar appartementen, te beperken heeft er de voorbije decennia voor gezorgd dat Essen aan een hoog tempo volgebouwd wordt. Dat onze gemeente van een landelijke gemeente een voorstad is geworden.

Dat werd in gang gezet met het een aantal bestemmingsplannen (toen heetten die BPA, nu RUP) die in grote delen van Essen-Centrum appartementsbouw toelieten, en met een wel erg liberaal vergunningenbeleid buiten Essen-Centrum. In het begin van de vorige legislatuur rijpte het besef bij onder meer schepen van ruimtelijke ordening Gino Veraart dat daar iets aan moest gebeuren. De woorden „overdruk-RUP” en „toetsingskader” vielen al snel. Wij zaten al van bij het begin op dezelfde golflengte als de sp.a hierover. CD&V bewees lippendienst, in commissies bijvoorbeeld.

En toen… gebeurde er niets meer. De drive was er snel uit, zeker na het overlijden van Gino. Het dossier bleef af en toe opduiken. Er werd naar de juiste formule gezocht. Dat kregen we wel tien keer te horen. Zo kabbelde het verder naar de gemeenteraadsverkiezingen. Het engagement ertoe werd herhaald in het nieuwe bestuursakkoord tussen CD&V en sp.a. Om vervolgens weer onderaan de stapel te belanden. In een, jammer genoeg hypothetisch, coalitie-akkoord tussen N-VA/PLE en sp.a zou dit één van de topprioriteiten zijn geweest, zeker weten. Wie stond zo lang op de rem ?

En wie haalde uiteindelijk de voet toch van die rem ? Want gisteren hebben we het RUP wel unaniem goedgekeurd. Zoals ik in de raad zei : van onze kant niet met blijdschap, wel met opluchting. Het RUP gaat zelfs verrassend ver : er worden veel potentiële appartementen in de kiem gesmoord (er blijven er nog, en al wat in aanbouw of vergund is komt er uiteraard sowieso nog). En met de opmerkingen in de commissie die wij maakten en waarvoor we de steun kregen van sp.a en van enkele voorzichtige stemmen binnen CD&V, werd ook echt rekening gehouden. Tot gisteren, want onze twee amendementen om nog een tandje bij te steken werden weggestemd. Zonder debat, zonder uitleg. Voor sp.a haalde Arno Aerden aan dat het plan niet perfect is, maar goed genoeg. Om mijn uitnodiging om het dan beter te maken, ging hij niet in. Dat deed niemand.

Een omerta die me eens te meer deed afvragen wie dit RUP al die jaren tegengewerkt heeft. Robotfoto’s noch DNA-onderzoek zullen het antwoord geven, en meerderheidspolitici blijkbaar ook niet. De karaktermoord op Essen blijft zo wellicht onbestraft (in tegenstelling, laat ons hopen, tot de Grote Doofpot van de Bende Van Nijvel). Of zou Jef Vermassen ook interesse in ruimtelijke ordening hebben ?

Van dienst

Van dienst

Vijf jaar geleden opende het Lokaal Dienstencentrum (LDC) “’t Gasthuis” de deuren. Het werd voorlopig in de oude gebouwen van De Bijster gevestigd. Het LDC werd een vaste waarde in Essen, en een nieuwbouw drong zich dan ook op. De afspraken met de groep rond De Bijster namen wat tijd in beslag : de geplande “Woonzorgzone” vereiste onder meer aanpassingen van de bestemmingsplannen. Eens dat achter de rug, ging het snel. In januari van dit jaar verwierf het OCMW zekerheid over de Vlaamse subsidies. De bouw kon van start gaan.

Gisteren werd die nieuwbouw geopend. Hier en daar is nog wat afwerking nodig, maar het geheel ziet er goed uit – al heb ik zelf wat twijfels over de toog en het geïntegreerde kunstwerk. Dat geheel lijkt mee op de “bodega’s” die we vroeger opbouwden in de scoutslokalen, om tijdens het KSJ-weekend cocktails te serveren aan wie van bier niet snel genoeg dronken werd. Wel met meer licht dan toen, want het LDC is een echt “glazen huis” geworden.

Zoals werd opgemerkt realiseert daarmee het OCMW net voor zijn “inkanteling” in de gemeente de enige nieuwbouw die het Essense bestuur tijdens deze legislatuur zal neerzetten. Dat zou erop kunnen wijzen dat het meer doordachte “patrimoniumbeleid” dat werd aangekondigd ook in de praktijk is gebracht, maar dat zou veel te veel eer zijn voor het huidige college. Met alle goede voornemens daarrond is vooralsnog zo goed als niets gebeurd. Vooral overbodig patrimonium afstaan blijkt een ernstig probleem.

Nu goed, dat is niet de schuld van het OCMW, en al zeker niet van het Lokaal Dienstencentrum. Ik wens de verantwoordelijken, de medewerkers, de vrijwilligers en de bezoekers van ’t Gasthuis veel geluk met hun nieuwe onderdak !

In Europa

In Europa

Tot voor enkele jaren wist ik eenvoudig niet dat Heide, het zuidelijke deel van onze buurgemeente Kalmthout, een joods verleden had. Ondertussen las ik erover in de krant. De synagoge had ik nog nooit gezien. Ik wist ondertussen wel dat ze bestond, en zal worden gerestaureerd. Gisteren organiseerde N-VA/PLE een door Jan Ingelbrecht gegidste wandeling door de voormalige joodse wijk in Heide, ook langs de synagoge. Zo leerde ik dat in het begin van de 20e eeuw Heide voor 2/3 joods was. Er was niet alleen een synagoge, maar ook een talmoedschool (jeshiva – de eerste die in België werd opgericht), waar studenten uit heel Europa naartoe kwamen. We kregen de villa’s en huizen te zien, en hoorden de verhalen van de bewoners en van hun buren. Ook het antisemitisme van de jaren 1930 en de vervolging in de Tweede Wereldoorlog kwamen aan bod.

De synagoge staat er wat onwezenlijk, in een rustige wijk in de Antwerpse Kempen. Het is de enige synagoge in het Vlaamse “platteland”, in de mate dat Heide aan die beschrijving voldoet. Een stille getuige van de geschiedenis. Ik hoop dat de restauratie snel volgt, en dat het gebouw (ook) een museumfunctie kan krijgen. En een herdenkingsplaats kan worden –zoals eigenlijk elke herinnering aan het joodse verleden in Europa ook een “in memoriam” is, een verwijzing naar de meest onwezenlijke episode uit de geschiedenis van ons werelddeel, de holocaust.

Deze zomer was ik in Rhodos. We bezochten daar ook de synagoge – een stuk groter dan die in Kalmthout, veel ouder ook (12e eeuw, herbouwd in de 15e eeuw). En af en toe nog in gebruik. Er woonden nogal wat joden in Griekenland. In Rhodos zelfs al in de 2e eeuw voor Christus, dus vóór de vernietiging van de tempel door de Romeinen en het begin van de grote diaspora. Ze overleefden er eeuwenlang, met name omdat het Ottomaanse Rijk hen altijd had verwelkomd. Maar vanzelfsprekend leidde de Duitse bezetting ook daar tot een massale deportatie, al vond die pas laat tijdens de oorlog plaats (juli 1944), wat een aantal slachtoffers het leven heeft gered. De torahrollen bleven bewaard. De rabbijn gaf ze aan de plaatselijke imam, correct redenerend dat de Duitsers de rollen overal zouden gaan zoeken, behalve in de moskee !

’s Anderendaags gingen we terug naar de synagoge, en spraken met een man die als 13-jarige naar Auschwitz was afgevoerd, en dat als één van de weinigen kan navertellen. Dat deed hij dan ook. Hij sprak zijn vierde taal (al eindigde zijn schoolloopbaan bij zijn deportatie), ik luisterde in mijn vijfde – en stelde enkele vragen in het Frans. Ik kende het verhaal wel – een tiental jaren geleden bezocht ik Auschwitz-Birkenau. Toch blijft het een voorrecht om het uit eerste hand te horen. Aan ons daarmee om het verhaal levend te houden, ook wanneer er niemand meer zal zijn om het zelf te vertellen.

Het blijft onwezenlijk als je door Europa reist om te zien hoe gigantisch veel joodse cultuur tijdens de oorlog (en soms ook al voordien) gewoon vernietigt, uitgewist is. Het is goed dat er actief aan wordt gewerkt om wat er nog is te bewaren. Maar soms voelt het als een druppel op een hete plaat. En alleen de stenen redden blijft zeer onvolmaakt. Zoveel mensen, zoveel verhalen, zoveel leven dat werd afgenomen.

Zodat niemand weet hoe mooi ze toen was
Κανείς δεν ήξερε πως είναι τόσο ωραία

Yes, we can

Yes, we can

Het gebeurt niet zo vaak dat ik het gemeentehuis verlaat en echt tevreden ben met de beslissing die ik mee heb genomen. Dat is nu eenmaal vaak het lot van een oppositieraadslid. Dat lag gisteren anders. Nochtans ging het om een vergadering van de vzw Kobie, en het is bekend dat ik van die structuur niet meteen een grote fan ben. Maar het project dat nu binnen de vzw op stapel wordt gezet ziet er gewoon erg goed uit. OK, het had ook zonder de vzw gekund, en de bestuurlijk-financiële bezwaren tegen de constructie blijven bestaan. Maar daar gaat het even niet om.

In september volgend jaar organiseert Essen een groot musicalspektakel rond het einde van de Eerste Wereldoorlog, honderd jaar nadat de wapens in 1918 eindelijk zwegen. Het wordt een duur project, geraamd op 170.000 EUR uitgaven (en hopelijk per saldo ongeveer even veel inkomsten !). Er zullen meer dan 400 vrijwilligers nodig zijn. Het project is gelukkig erg grondig tegen het licht gehouden, zodat het plaatje netjes in elkaar past. Namens de werkgroep die er achter zit stelde Steff Nouws een heldere planning en een realistische begroting voor. Het blijft een stevig project, met heel wat uitdagingen. Dat het eerst voorzichtig en kritisch werd onthaald, is dan ook meer dan terecht. Dat heeft er ook voor gezorgd dat het plaatje nog beter in elkaar ging passen.

Er zitten nog wel wat risico’s aan vast, met name meteorologische : in het budget zou misschien nog geld kunnen worden voorzien om vanaf nu tot in september volgend jaar elke dag een gros eieren naar de Arme Klaren te brengen (heb me altijd al afgevraagd wat die dames daarmee doen, en maak me ook zorgen over hun cholesterol, doch dit geheel terzijde).

Het risico dat gisteren het meeste aandacht kreeg – wat als er te weinig vrijwilligers worden gevonden – schat ik zelf redelijk klein in. Ik vermoed dat het er te veel zullen zijn. En de tegenkanting vanuit ACW-kringen, omdat de vrijwillige inzet voor dit project ten kosten zou kunnen gaan van de bestaande verenigingen, vond ik zelfs bizar.

De vereiste sponsors zoeken zal mogelijk wat moeilijker worden. In de filosofie van Kobie moet het immers om sponsors gaan die anders niet op Essens niveau actief zouden zijn, zodat het lokale sponsorpotentieel voorbehouden blijft voor de Essense verenigingen. Hopelijk worden de mensen die het geheel praktisch gaan uitwerken niet met die zoektocht naar ondersteuning belast.

Nu, misschien kan de NMBS wel sponsoren. Als Wiedergutmachung, nadat ze het project bijna torpedeerde. Dat deed ze op de haar eigen virtuoze manier : de beoogde regisseur/organisatiebureau wilde met de trein naar Essen komen voor een eerste gesprek, maar bereikte onze gemeente nooit. Trein afgeschaft, vertraagd… Gefrustreerd wilde de man helemaal afhaken. Begrijpelijk. Gelukkig kon er een mouw aan worden gepast. 20.000 EUR sponsorgeld, en zand erover, beste NMBS. We regelen vervoer van het station naar het college, en jullie verkopen combitickets. Jullie komen op alle affiches. Zelfs een trein in het scenario verwerken moet bespreekbaar zijn (ja toch, Steff ?). En we beloven met zoveel mogelijk Essenaren dat we drie maanden lang niet over jullie dienstverlening zullen klagen. Al is dat misschien wat meer waard. Laten we zeggen 25.000 EUR en het terrein tussen de Moerkantsebaan en de goederenloods aan Hemelrijk. Een koopje zeg ik u, beste spoorwegvrienden !

Kortom, ik zag gisteren een project dat alle kansen verdient om de slogan “kom bijeen in Essen” inhoud te geven. Ik werd er helemaal goedgezind van. Wanneer kan ik inkomkaarten bestellen ?

Si…

Si…

Niet alleen de Spaanse staat, ook de Europese Unie heeft het moeilijk met het aangekondigde referendum over de onafhankelijkheid van Catalonië. Dat is begrijpelijk : de EU is een unie van Lidstaten, en volgens de Lidstaat Spanje is het referendum onwettelijk. En ik al ben ik geen kenner van de Spaanse wet, het lijkt erop dat dat inderdaad het geval is : de Spaanse rechtsorde voorziet niet dat een deelstaat eruit kan trekken.

Toch stoort de EU-houding. Om twee redenen : het democratisch aanvoelen van de meeste Europeanen vereist dat een deelgebied dat een staatsverband wil verlaten, dat ook moet kunnen. En pragmatische realpolitiek maakt dan weer dat wanneer de afscheidingspoging effectief slaagt, de EU er ook goed aan doet om de nieuwe staat met zo weinig mogelijk frictie op te nemen.

De recente geschiedenis van het Verenigd Koninkrijk onderlijnt uiteraard deze vaststellingen. Schotland kreeg zijn referendum (David Cameron zij geprezen), en het zou voor iedereen beter zijn geweest als de EU gewoon had kunnen bevestigen dat het onafhankelijke Schotland, onder voorwaarden, meteen EU-lid had kunnen worden. Daarna kreeg het VK zelf zijn Brexitreferendum (David Cameron zij vervloekt), waarna de EU aantoonde dat het inderdaad een vrijwillige en democratische Unie is (want art. 50 bestaat) en dat je eens je lid bent toch maar beter aan boord kunt blijven (want wie eruit stapt doet vooral zichzelf maar ook de anderen toch echt wel schade aan).

Uit die ervaring met de twee Britse referenda zou de Unie lessen kunnen trekken, en in een nieuw Verdrag kunnen voorzien hoe een deelstaat zich van een Lidstaat kan afscheiden en toch lid kan blijven van de Unie. Dat zou noch het internationale noch het nationale recht zomaar veranderen – al zou het wel een belangrijke invloed hebben en bijvoorbeeld de Unie zelf ook kunnen toelaten om over afscheidingen elders te oordelen.

De voorwaarden zouden strikt maar haalbaar kunnen zijn, zodat de gemeenteraad van Echternach of Clervaux niet op een blauwe maandag uit Luxemburg kan treden. Een democratisch verkozen deelstaatparlement dat na verkiezingen waarbij de mogelijkheid duidelijk op tafel lag de wens uitdrukt om onafhankelijk te worden, zou bijvoorbeeld moeten kunnen verklaren dat het alle verplichtingen van de “moederstaat” proportioneel wil overnemen (schulden e.d.) en dat het de Europese wetgeving zal respecteren. Daarna zou een referendum kunnen volgen, met een opkomstdrempel en een meerderheidsdrempel.

Vervolgens zou een periode van onderhandelingen kunnen ingaan (bijvoorbeeld twee jaar, zoals in art. 50), en in die tijd zou de Unie ook mee betrokken kunnen worden bij het opzetten van bepaalde cruciale instellingen, zoals een centrale bank. De EU zou ook bij de onderhandelingen tussen de moederstaat en de would-be onafhankelijke staat kunnen worden betrokken, om over de goede trouw van beide partijen te waken (en eventueel zou de Unie, pakweg via het Hof van Justitie, de rol van scheidsrechter kunnen opnemen als de besprekingen niet vlotten). Het eindresultaat van de onderhandelingen zou dan opnieuw bij referendum kunnen worden geratificeerd. Ook een regeling voor subgebieden die bij gelegenheid van de nieuwe staatsvorming willen afscheiden om bij de moederstaat te blijven (zodat Hupperdange niet bij Clervaux hoeft te blijven als dat uit Luxemburg stapt) zou bij het pakket kunnen horen.

Als al die voorwaarden gerespecteerd worden, dan zou de EU de nieuwe Lidstaat automatisch erkennen en als lid aanvaarden. De “moerderstaten” zouden in dat model het proces niet eenzijdig kunnen tegenhouden, zodat wat Spanje nu doet niet zou kunnen (Europees recht gaat boven nationaal recht). Maar ook de Catalaanse regering zou veel meer open kaart moeten spelen dan ze vandaag heeft gedaan.

De democratie en de EU zouden er wel bij varen.

De rode lijn

De rode lijn

Een gemeenteraad zonder verhaal. Of misschien dat er bij openbare werken altijd wel iets misloopt. Wie ooit een huis heeft gebouwd of verbouwd, kan het zich wellicht voorstellen. Toch blijft het me verbazen, ook voor wat die huizen betreft. Maar veel verhaal zat er dus niet in die raadszitting.

En over de vorige heb ik niets geschreven. Nochtans hebben we toen een beslissing genomen met een wisselmeerderheid. De eerste van deze legislatuur. We hebben de beslissing over een wegentracé namelijk uitgesteld, en daarmee het college belet om een verkavelingsvergunning af te leveren. Voor mij was dat belangrijk. Ik ben er al heel lang van overtuigd dat onze gemeente aan een veel te snel tempo wordt volgebouwd. Nu bijna 18 jaar geleden zetten we de veel te lange slogan “Essen mag geen voorstad van Antwerpen of Roosendaal worden” op onze verkiezingsaffiches. Voor een groot deel van onze gemeente is het wellicht te laat. Wie door Essen-Centrum rijdt kan er niet omheen dat de verkeersdrukte, het type bebouwing, … steeds meer aan voorsteden als Kapellen of Ekeren doen denken. We hebben al lang relatief het minste open ruimte in de noordrand van de provincie Antwerpen.

Ik ga het hele verhaal niet herhalen, maar ik wel Essen niet verder verkavelen. En zeker niet “zomaar”. Dat het ruimtelijk structuurplan niet werd herzien, is voor mij de zwaarste beleidsfout die dit college deze legislatuur heeft gemaakt. Een afdwingbare visie op waar we in Essen nog wel, en waar we niet meer willen bouwen is absoluut noodzakelijk om te vermijden dat de leefbaarheid van onze gemeente wordt verstikt onder verkeersdrukte, gebrek aan groene ruimte en een zo hoog inwonersaantal dat álle aanwezige voorzieningen hun grenzen bereiken, en ze allemaal uitbreiden de enige optie wordt. Alleen in het kader van zo’n visie heeft het zin om over één bepaalde verkaveling te discussiëren. Zonder visie wil ik ze niet. Hoe doordacht de plannen ook en voor welke doelgroep dan ook. Natuurlijk zijn er gradaties, maar een “beter” plan is niet noodzakelijk een “goed” plan. Een plan wordt pas goed als het in een goede totaalvisie past.