Heem, sweet heem
Het is zowat een jaarlijkse traditie om eind augustus een barbecue te organiseren met de “WOLK” : de oud-leiding van KSJ Essen. Vorig jaar hebben we overgeslagen, maar gisteren hebben we de vlam nog eens in het houtskool gejaagd. Als locatie gebruiken we ondertussen ook al weer sinds enkele jaren het Jeugdheem, waar we ons natuurlijk thuis voelen. En het was weer erg gezellig. Alleen doet het me elk jaar wat meer pijn dat het heem zelf, en zeker de terreinen ervoor, niet echt meer in goede staat zijn. Dat is een vicieuze cirkel : doordat het geheel er niet meer even fris uitziet als pakweg 20 jaar geleden, wordt het ook een stuk minder goed onderhouden door de jeugdbewegingen zelf. Daardoor ziet het er dus nog minder goed uit…
Dat doet natuurlijk geen afbreuk aan de verdiensten van vooral de Kernraad en al wie zich gedurende jaren voor het Jeugdheem heeft ingezet en nog inzet. Maar volgens mij is het ogenblik gekomen voor een grondige opknapbeurt, waarbij de jeugdbewegingen zelf de prioriteiten uittekenen en dan zoveel mogelijk mensen de handen in elkaar slaan om de plannen te realiseren. Omdat goede infrastructuur mee zorgt voor degelijk jeugdwerk.
Vakantie betekent oook tijd om wat (meer) te lezen, en zo heb ik de voorbije week de autobiografie van Hillary (Rodham) Clinton gelezen. In het Nederlands heet het boek “Mijn Verhaal”, maar ik heb er spijt van dat ik de Engelse versie niet heb verkozen, want de kwaliteit van de vertaling was vaak eerder bedenkelijk.
Ik had natuurlijk alle dagen een commentaar kunnen neerpennen op de regeringsonderhandelingen, maar het heeft weinig zin om gewoon te herhalen wat de kranten schrijven. Een beetje spijt heb ik er wel van, want ik zou een frontale crash voorspeld hebben. En kijk, deze morgen lijkt de formatietrein inderdaad tegen een muur te zijn gebotst : de Franstalige “tegeneisen” op het vlak van staatshervorming jagen de Vlamingen op de kast. Dat is natuurlijk gespeeld, want iedereen wist dat de zware Vlaamse communautaire agenda op een stevige repliek zou kunnen rekenen. Al blijft dat moeilijk verkoopbaar voor wie aan Vlaamse kant vóór de verkiezingen een “gratis” grote staatshervorming heeft beloofd.
De wijk Hoek is één van de mooiste plekjes in onze gemeente. Het is de plek waar Essen nog het meest platteland is, waar De Stille Kempen méér zijn dan een antiek lied en waar bovendien het sociale weefsel erg hecht is. Waarmee ik geen karikatuur wil maken : het Hoek van vandaag is een typisch Vlaams 21e eeuws dorp.
Ik ben een fan van The Simpsons, al zijn er grenzen : de familienaam van Apu van de Kwik-E-Mart kan ik niet onthouden (Nahasapeemapetilon, voor wie het zelf wil proberen). Een bezoekje aan
Mijn “analyse” van de regeringsformatie van gisteren bevatte het zinnetje Leterme zal de komende dagen alvast een “Vinokourov” moeten doen : vanuit een onverwacht slechte positie terug de leiding nemen.
“Le jour de gloire” van Yves Leterme is nog lang niet “arrivé”. Zijn verwarring tussen de Brabançonne en de Marseillaise kan dan door Vlaams(gezind)e ogen nog sympathiek lijken, tactisch is het een grote blunder. Als je symbolen niet belangrijk vindt, is het des te essentiëler om met die van een ander voorzichtig te zijn.
Als het buiten 38° in de schaduw is, is een hotelkamer met airconditioning al bij al een stuk aantrekkelijker dan de straten van de Hongaarse hoofdstad. Bovendien heb ik gisteren al de lokale cinemazaal bezocht, maar de meeste films worden hier in het Hongaars gedubd, wat ik niet meteen uitnodigend vind. Ik heb dan voor
Omdat een Hongaarse conferentie meer informatie wil over de dienstencheques, ben ik sinds enkele dagen in Boedapest beland. Een heel mooie stad, zeer Midden-Europees met hints naar de Balkan, maar de hittegolf alhier maakt ze nu niet echt geschikt om uitgebreid te verkennen. Gelukkig heb ik een aantal jaren geleden al eens de kans gekregen om de stad te bekijken, zodat ik me nu kan concentreren op enkele zaken die ik echt nog wilde zien. Zo weet ik nu dat het
11 juli. Vlaanderen feest, en zoals gebruikelijk bezorgde N-VA/PLE een bloemetje aan wie de vlag uithing.