Energiek
Verdoken in het nieuws, maar daarom roept het nog niet minder vragen op. De CREG, het controleorgaan voor de energiesector, heeft vastgesteld dat Electrabel en ook de andere elektriciteitsproducent SPE de emissierechten die ze gratis hebben gekregen toch hebben aangerekend aan hun (industriële) klanten. Die “emissirechten” geven hen het recht om koolstofdioxide uit te stoten, en door de hoeveelheid van die rechten beperkt te houden, probeert de overheid dus de CO2-uitstoot te verminderen.
Electrabel heeft dus de prijs van elektriciteit kunstmatig hoog gemaakt. In 2008 gaat het om 328 miljoen te veel, maar de teller loopt al sinds 2001. Daarmee heeft Electrabel dus extra winst geboekt. Wie profiteert daarvan ? De aandeelhouders en de andere zakenpartners van Electrabel. De Franse staat, dus. Maar ook zowat alle steden en gemeenten in dit land. Allemaal zijn ze wel rechtstreeks of onrechtstreeks gelinkt aan Electrabel (en/of SPE). Waardoor de lokale overheden er belang bij hebben dat de elektriciteitsprijs te hoog is. Wat in het nadeel is van onze bedrijven, en dus van onze economie en van ons allemaal. Wat we uitsparen aan lokale belastingen, betalen we via de omweg van hogere prijzen voor energie of van producten die met energie worden gemaakt – dat zijn ze wellicht zowat allemaal. Of via een lagere werkgelegenheid.
Waarom doet de politiek daar niets aan ? Zou het kunnen zijn omdat al die burgemeester van CD&V, sp.a en Open Vld in het parlement het potje liever gedekt houden ? Omdat ze denken dat hun lokale kiezer liever lagere gemeentebelastingen maar hogere prijzen heeft ? Ook al is dat vreselijk asociaal, want aan belastingen betalen hogere inkomens verhoudingsgewijs méér dan lagere, maar aan energie en andere basisbehoeften betalen de lagere inkomens meer dan de hogere ?
De lokale besturen moeten uit de energiesector – allemaal tegelijk, want anders zal het zeker niet lukken. Het is géén kerntaak van gemeentebestuurders om Electrabel mee te beheren. Dat kan alleen maar fout lopen.
“Lokaal” is het blad dat de VVSG uitgeeft voor mandatarissen en personeelsleden van de Vlaamse gemeentes en OCMWs. Goed gemaakt en meestal zeer lezenswaardig. In het blad staat een column, ondertekend door “Pieter Bos”. Duidelijk iemand die de lokale politiek erg goed kent, en gezegend is met een scherpe pen. Onlangs schreef hij onder de titel “Commissaris Bos” een pittig stukje over raadsleden (en schepenen) die hun gemeente vertegenwoordigen in de structuren van een intercommunale. 

Carnaval in november, het heeft een hoog surrealismegehalte. Ik weet wel, op 11 november begint de jaarlijkse carnavalscyclus. Maar ik associeer het hele gebeuren toch eerder met de krokusvakantie dan met het herfstverlof. Ik ben dan ook geen volbloed-carnavalist, ik zal het maar toegeven. Toch ben ik gisteren de prins-elect (hij was nog niet officieel aangesteld) en de muzikanten van Dofkapel gaan beluisteren in het gemeentehuis. Met reden, want het gemeentebestuur vierde dat het de trotse eigenaar was geworden van het schilderij “Carnaval in Essen” van Piet Tireliren. Het is ook voor mij een evidentie dat dit schilderij in Essen moet blijven, en dus vind ik het een zeer verstandig besluit om dit aan te kopen. Wellicht zou elke schepen van cultuur tot die conclusie zijn gekomen, maar bij Jokke voel je ook dat ze de beslissing niet neemt uit één of andere vorm van (politieke) berekening, maar vanuit het hart.