Archief van
Categorie: Essen politiek

Goed getroffen

Goed getroffen

De Trefdag van VVSG brengt tweejaarlijks enkele duizenden ambtenaren van gemeentebesturen en OCMWs en lokale politici samen. Voor mij een absoluut niet te missen afspraak. Ik denk dat het voor mij de vierde keer was dat ik er naartoe ben gegaan. Twee jaar geleden was het voor mij de startsein om te beginnen werken aan het verkiezingsprogramma. Nu is dat niet aan de orde, maar de Trefdag blijft een erg efficiënte manier om op korte tijd veel informatie in te winnen, en ideeën op te doen. Sommige zaken zijn daarbij meteen bruikbaar, anderen verdwijnen ergens in het achterhoofd of op een notablokje, om misschien ooit op het juiste moment naar boven te komen. De uitdaging is om de folders die je meeneemt en de voorbeelden van elders die je meekrijgt in verband te brengen met de Essense realiteit en om te vormen tot bouwstenen die je kan inzetten om een tussenkomst, een vraag of een voorstel mee te construeren.

Daarbij heb ik mijn aandacht over verschillende beleidsdomeinen verspreid, ik probeer nu eenmaal op veel vlakken wat bij te blijven. Tot en met het rioolbeleid, en boeiend domein waarvan ik voor 2006 nooit had gedacht dat ik me er mee zou bezig houden. Vooral interessant omdat het erg technisch lijkt (en ook wel is), maar daarachter zit veel politiek verborgen.

Omdat ik transparant wil zijn, geef ik de titels van de trefwinkels mee die ik heb gevolgd (en waarbij de tijd daartussen werd opgevuld met het langsgaan van talloze standjes met min of meer zinvolle lectuur) :
• Samen werken aan de economische ontwikkeling
• Samenwerken met een Vlaamse gemeente: een reflectie uit het Zuiden
• De pensioenen van het personeel van lokale besturen: wie zal ze (nog kunnen) betalen?
• Politici en personeel: (g)een verstandshuwelijk
• Nieuwe rioolprojecten: regenwater in de tuin, niet op de riool

De Trefdag is tenslotte een uitzonderlijk knappe en professionele organisatie. Als VVSG alleen dit deed, zou het een enorme meerwaarde hebben. Voor de Vlaamse lokale politiek zijn zij een godsgeschenk. Ook al is hun uitgangspunt soms (al dan niet noodgedwongen) iets te veel dat het bestuur in de eerste plaats bestaat uit de ambtenaren en het schepencollege of de OCMW-voorzitter. Maar de meest effectieve oppositie is vaak degene die zich het best kan verplaatsen in de denkwereld van de meerderheid. Dus bewijzen ze misschien ook daar nog wel een dienst mee.

Bekomst

Bekomst

Mocht iemand ooit op zoek zijn naar de Vlaamse gemeenteraad met het hoogste aantal commissies, dan is de kans reëel dat de zoektocht naar Essen zal leiden. Met vijftien stuks doen we wellicht “beter” dan alle anderen. Dat heeft voor- en nadelen. In het beste geval betekent het dat ellenlange vergaderingen over de meest uiteenlopende onderwerpen vermeden worden. Maar het kan natuurlijk ook dat je naar het gemeentehuis wordt geroepen voor een zo goed als lege agenda. Essen heeft een traditie van veel commissies, en het aantal op zich vind ik ook niet zo belangrijk. Sommige collega’s geloven wel dat het met wat minder beter zou zijn, maar ik vind het weinig zinvol daar veel energie in te steken.

Veel meer dan over het aantal gaat het wat mij betreft over de manier waarop ermee wordt omgesprongen. Soms kunnen daar bedenkingen bij worden gemaakt (vaak ook niet, want er zijn er ook die door voorzitter en schepen perfect worden voorbereid). Toen we de agenda van de commissie “Hoekomst” ontvingen lag het voor de hand dat we duidelijk zouden reageren : het was weinig helder waarover de commissie zou gaan en vooral wat van de raadsleden zou worden verwacht.

Een gewaarschuwd voorzitter, in casu CD&V’er Luc Van Wezel, zou er twee waard moeten zijn, maar de commissie bleef steken in de (degelijke) presentatie van de resultaten van de enquête in Hoek door de administratie. Beleidsvoorstellen, of nog maar de richting die die zouden kunnen uitgaan, lagen niet voor. Toppunt was dat zelfs de aanwezige schepen vond dat nu maar eens moest worden beslist wie een concreet plan zou uitwerken, en tegen wanneer. Dat Van Wezel zich sinds vorig jaar als quasi-schepen voor Hoek kon profileren, kwam velen in de meerderheid erg goed uit. Maar nu stoot die aanpak op zijn grenzen. Dat ligt trouwens niet aan zijn inzet of goede wil, maar aan een ondoordachte aanpak van het hele Hoekomstverhaal door de meerderheidspartijen.

De enquête bij de inwoners van Hoek was een groot succes. Maar ik had vooraf voorzien dat de aandachtspunten die het hoogst zouden scoren bij de bewoners zich niet zo eenvoudig zouden laten beantwoorden. Het verhaal van het fietspad langs de Moerkantsebaan is verknoeid door premature CD&V-beloftes, waardoor de Hoekenaar terecht eist dat het er (eer)gisteren ligt. De vraag naar een eigen voetbalveld voor Hoek is terecht, maar vanuit verschillende hoeken is er de voorbije jaren veel aan gedaan om te zorgen dat ze nu wat surrealistisch overkomt (er dreigt een veld zonder ploeg). De top-3 wordt volgemaakt met de bezorgdheid over de toekomst van de dorpsschool. Maar die ligt helemaal in handen van het katholieke onderwijs, waarop het gemeentebestuur weinig vat heeft en dat soms een wat eigen rationaliteit kent.

Naast deze drie grote vragen zijn er verschillende kleine en middelgrote, maar daar hadden op het terrein al lang resultaten kunnen en moeten worden geboekt. Ik kan me niet voorstellen dat de inwoners van Hoek echt tevreden zouden zijn met in 2008 alleen… een nieuw kerkhof. In 2010 volgt dan misschien ergens het langverwachte speelpleintje. En in 2012 het fietspad. In de verkiezingsfolders, niet in het echt.

Katrien begon de commissie met de vraag naar concrete actiepunten, en ze bleef daar terecht aan vasthouden. Ze maakte het Van Wezel niet gemakkelijk. Maar die had zichzelf dan ook veel leed kunnen besparen. Al kan hij zich troosten met de gedachte dat hij volgens mij lang niet de laatste is die er niet in zal slagen om gebakken lucht aan mijn partijgenote te verkopen.

Kunst- en vliegwerk

Kunst- en vliegwerk

De leden van de gemeenteraad en de raad voor locale economie die zich vrij konden maken bezochten vandaag de luchtmachtbasis in Woensdrecht. We werden rondgeleid in het daar gevestigde onderhoudscentrum. Na een zeer bedrijfseconomisch gerichte inleiding (ik zie het bij de Belgische defensie nog niet gebeuren en kon eigenlijk alleen maar jaloers zijn op de rationele aanpak van de Nederlandse overheid in dit soort zaken) mochten we een blik werpen in de werkplaatsen. Ik ben niet echt een techneut en heb ook niet zoveel met “das Militär”, maar een F16 helemaal uit elkaar zien halen of de roeren en remmen ervan zien testen heeft iets onweerstaanbaar fascinerends (zou dat puur aan mannelijke hormonen liggen ?). De werksfeer sprak me ook wel aan : relatief relaxed maar zichtbaar uiterst professioneel. Het is bovendien -hoe je ook over de inhoud van sommige van de met het materiaal uitgevoerde taken denkt- zeer relevant werk : een helicopter wordt niet zomaar vliegklaar gemaakt, maar moet zo snel mogelijk naar Afghanistan (daar zijn er al twee verloren gegaan, bovendien).

In het Woensdrechtse gemeentehuis kregen we vervolgens een voorstelling van het project “Maintenance Valley”, met natuurlijk ook een discussie over de eventuele positieve en negatieve gevolgen voor onze gemeente. Het project is ambitieus en op zijn Nederlands in allerlei complexe besluitvormingstrajecten met Engelse namen gegoten. Ik weet niet of dat altijd het democratisch gehalte ten goede komt – wie beslist er nu eigenlijk wat ?. Maar het ziet er allemaal bijzonder professioneel uit en wordt ook wel goed aan de man gebracht. Toch wil ik ook de andere klok nog wel eens horen luiden (want dat die “helemaal zou zijn bijgedraaid” geloof ik niet echt).

Vanuit Essens perspectief zijn de lusten bovendien wenig concreet, maar lijken de lasten vooralsnog veel tastbaarder – in de eerste plaats de verhoogde geluidsoverlast, zeker als Nederland echt in de “Joint Strike Fighter” zou instappen. Als het brede draagvlak dat onze Noorderburen zeggen na te streven ernstig mag worden genomen, dan moet Essen structureel bij de besluitvorming worden betrokken. Wat vage voornemens daarover lijken me niet voldoende – en dat beseft men in Woensdrecht ook, lijkt me.

Alleszins werd veel tijd en moeite in ons Essenaren geïnvesteerd, en dat waardeer ik zeer. Het laatste woord is zeker nog niet gezegd. Het zal ook niet in Essen worden gezegd, natuurlijk. Maar voor het uitgesproken wordt, moeten we er echt wel voor zorgen dat er minstens degelijk naar (en in…) Essen geluisterd is.

Klokkenluiders

Klokkenluiders

De gemeenteraad viel in een voor mij erg drukke werkweek. Dat betekende dus dat ik moest proberen om twee dingen goed te doen : de Essense kiezer heeft recht op een actief raadslid, de Belgische belastingbetaler heeft al evenzeer recht op een geëngageerd ambtenaar. De Engelse term “civil servant” drukt dat goed uit : we zijn er om de burgers te dienen. Dat vraagt soms bijzondere inspanningen : als het “goed bestuur” vereist dat er op woensdag een rapport ligt waarin 90 blz. gegevens die op maandag werden gepresenteerd op 3 pagina’s zijn samengevat, dan moet er een tandje bij worden gestoken. Zeker als de lat ook op het vlak van de kwaliteit van dat soort werk terecht hoog wordt gelegd – ondermeer door onszelf.

In tegenstelling tot wat het cliché wil, worden er in dit land ernstige inspanningen verwacht van (de grote meerderheid van de) ambtenaren. Gelukkig maar. Daar krijgen we ook wel één en ander voor terug. De verloning is niet voor alle functies echt competitief, maar daar staat de vaste benoeming tegenover (die ik persoonlijk gerust wil inruilen voor een marktconform loon, maar dat alleen al toont de waarde van die benoeming aan), alsook een veelal vrij flexibele uurregeling, redelijk wat vakantie en een stevig statuut dat beschermt tegen willekeur van de werkgever. Bij de overheid zijn er bovendien veel functies met ruime contacten, veel autonomie en de mogelijkheid om concrete resultaten te zien die zich niet alleen uiten in de koers van een aandeel of een bonus voor de grote chef. Voor functies die die kenmerken niet hebben, wordt dat vaak gecompenseerd met bijvoorbeeld een duidelijk lagere werkdruk. Natuurlijk kan alles beter, en zullen veel ambtenaren ook terecht niet helemaal tevreden zijn. Het personeelsbeleid in het algemeen is niet optimaal, wat vooral aan een erg verouderde wetgeving ligt. Voor veel overheidstaken (neem maar de belastingcontroles) worden ook eenvoudigweg niet genoeg middelen uitgetrokken, maar dat verwijt treft dan ook niet de ambtenaar maar de verantwoordelijke beleidsmakers – als het goed is. Door de band genomen is de publieke sector in ons land een redelijk aantrekkelijke werkgever. Dat is mijn mening, maar ik weet wel waarover ik spreek.

Als de middelen er zijn, vind ik het dan ook niet meer dan logisch dat de burgers (en hun vertegenwoordigers) ook effectief om kwaliteit vragen. Bijvoorbeeld in de uitvoering van politieke besluiten, ook als we het daar als ambtenaren zelf niet noodzakelijk mee eens zijn. In het rapport waarover ik sprak staan beleidsaanbevelingen. Terecht, dat is een taak van de administratie. Bovendien hebben we niet gewacht tot de vraag kwam maar hebben we ze spontaan geformuleerd om op tijd te wegen op het debat. Maar we weten nu al dat de politieke beslissing mogelijk helemaal andere richtingen zal inslaan. Waarna we die besluiten zo goed mogelijk zullen proberen uit te voeren, uit te leggen en te evalueren. De politiek heeft het laatste woord, zoals dat in een democratie hoort.

Op de agenda van de gemeenteraad stond een brief van het gemeentelijk “managementteam” over de avondopening van het gemeentehuis. De Essense gemeentelijke administratie levert op de meeste terreinen goed werk, maar de burger verwacht dit nu volgens een wat andere uurregeling dan men gewend is. Een onmogelijke aanpassing van de arbeidsorganisatie, of een kwestie van normale flexibiliteit ? Een interessante discussie die in de raad al verschillende keren werd gevoerd. Is het laatste woord erover al gezegd ? Of is februari toch wat vroeg om al over vijgen na Pasen te spreken ?

Terug rugby

Terug rugby

Wie wint dit jaar de Six Nations ? Het na het W.K. grondig vernieuwde Franse team leek de favoriet, na “French flair” overwinningen tegen een zwak Schotland maar vooral tegen een Ierland dat een sterk team op het veld brengt. Maar vice-wereldkampioen Engeland toonde gisteren in het Stade de France dat het daar vorig jaar toch niet helemaal onterecht in de finale stond.

De Engelsen versloegen voor het eerst in acht jaar Les Bleus nu ook in de Six Nations, na hun overwinning in de halve finales van het W.K.. Maar de nederlaag tegen Wales die Engeland in Twickenham leed drie weken geleden maakt dat het toernooi nog alle kanten uit kan. De beslissing valt op 15 maart.

Terug in Essen ondertussen zette nu ook de commissie sport mee het licht op groen voor het inrichten van het terrein van het Sportpark als gecombineerd voetbal/rugbyveld, zodat de eerste echte rugbywedstrijd op Essense bodem misschien niet zo ver meer af is. Al zijn onverwachte “tackles” zowel in de gemeentepolitiek als op een rugbyveld nooit uitgesloten…

Eerbaar

Eerbaar

Zowel Jos Van Loon (die van Horendonk) en Ludo Boden werden onlangs door de Vlaamse regering verheven tot “ere-schepen”. Daarvoor kregen ze van het gemeentebestuur een receptie aangeboden. Een mooi gebaar en een terechte waardering voor een jarenlange inzet. Ik ben het lang niet altijd met beide heren eens geweest, maar hun inzet voor Essen -ook in tijden dat een schepenambt al bij al eerder karig werd vergoed- is onmiskenbaar.

Ik herinner mij Jos Van Loon als iemand met een grote dossierkennis die altijd zorgde voor een degelijke uitleg over het wat en waarom van een bepaalde keuze. Bovendien smaakte hij zowel de overwinning als de (zeldzame) nederlaag met min of meer dezelfde glimlach en het vleugje cynisme dat nodig is om in de plaatselijk politiek te overleven. Als voetbalfan speelde hij ook meestal de bal (toch in het zicht van de scheidsrechter…). Ik wens hem bij wijze van afscheidsgeschenk toe dat project “sporthal in het sportpark” alsnog afgeblazen zou worden wegens allerelei technische moeilijkheden. Zodat we de niet-verharde dreef daar -verdiend- kunnen noemen naar een notoir betonliefhebber (met volgens mij stiekem een groener hart dan uit zijn politieke cv blijkt).

Ludo Boden is een beetje meer van “voor mijn tijd”. In de vorige legislatuur zetelde hij als onafhankelijke (waarover in de laudatio’s op de receptie geen woord viel, blijkbaar houdt CD&V de christelijke deugd van de vergevingsgezindheid in ere). Daarbij was hij vaak de meest efficiënte opposant in de hele raad : een tussenkomst van enkele woorden kon zowel de argumentatie van het college volledig onderuit halen als de hele zaal aan het lachen brengen. Aan hem is een groot oppositietalent verloren gegaan. Als schepen van financiën slaagde hij er ook niet in slaagde echt een lijn op langere termijn uit te tekenen, maar hij voerde alleszins veel minder een “achtbaan”-beleid met pieken en dalen dan zijn opvolgers. En een aantal Wildertse dossiers vonden in hem in elk geval ook een stevige verdediger.

Natuurlijk vind ik dat Essen helemaal anders bestuurd moet worden dan Jos en Ludo dat deden. Maar dat doet niets af aan de waardering voor de tijd en de energie die zij in onze gemeente hebben gestoken.

Overigens werd de receptie opgeluisterd met een zangoptreden van Dries De Crom, dat op mij als relatieve muziekbarbaar erg veel indruk maakte. Het moet gelukkig niet altijd de politiek zijn die in het gemeentehuis de hoogste noten zingt !

Niveauverschil

Niveauverschil

Ik ben voor het eerst eens naar de vergadering van de commissie “openbare infrastructuur” geweest. Ik ben geen lid van de commissie en het is niet meteen het beleidsdomein dat me het meest ligt, maar het is natuurlijk wel erg belangrijk. De vergadering was bovendien hoogst amusant, vooral voor wie van surrealistische humor houdt. Enig medelijden met de voorzitster van de vergadering kan ik evenwel niet ontkennen.

De bochten waarin de openbare infrastructuurschepen zich wrong om naast de kwestie te antwoorden waren erg inventief. Bovendien vond hij het nodig om enkele raadsleden herhaaldelijk tot in het belachelijke toe van onkunde te beschuldigen. En slaagde hij erin om een half uur lang te beweren dat de enige manier om in een fietspad een hoogteverschil van iets meer dan 1m (één meter) te overwinnen -over een afstand van zo’n 100m- de aanleg van een trap is. Wat de unanieme gemeenteraad over het hoofd zou hebben gezien toen ze het tracé ervan hebben goedgekeurd…

Zeer plezant. En erg triest. Dorpspolitiek op zijn allersmalst. Hopelijk zit er langs de kant van de meerderheid nog een minimum aan gezond verstand en wordt het fietspad langs de Spillebeek ook echt een fietspad… langs de Spillebeek !

Niet baanvast

Niet baanvast

Voor de allereerste keer (!) organiseerde het gemeentebestuur een hoorzitting over de nochtans ingrijpende plannen voor een fietspad langs de Moerkantsebaan. Voor een select publiek dan nog : alleen degenen die een stuk grond moeten afstaan werden uitgenodigd. Dat het gemeentebestuur de eigen raadsleden op zijn minst op de hoogte brengt van dergelijke vergaderingen, lijkt een evidentie. Niet in Essen, nochtans. Gelukkig hebben er enkele voldoende ondernemingszin om dan zelf maar achter de informatie aan te gaan.

De vergadering was bijzonder slecht aangepakt en uiteindelijk ronduit zinloos. De opdracht was dan ook niet gemakkelijk, maar dat is niet helemaal een geldig excuus. Ik stel voor er de volgende lessen uit te trekken :

1. De besluitvorming rond de aanleg van het fietspad is bijzonder ondoorzichtig verlopen, waardoor er onvoldoende draagvlak is gecreëerd. Bovendien verschuilt het gemeentebestuuur zich achter de provindie (de mate van “verschuilen” wil ik nog verder nagaan, maar het is alleszins duidelijk dat de gemeente een beslissende stem heeft gehad bij de keuze voor een eenzijdig fietspad langs de noordzijde). Het uiteindelijke besluit lijkt mij overigens aanvaardbaar, maar dat praat het hele proces nog niet goed.

2. De zogenaamde “hoorzitting” die CD&V in 2005 hierover organiseerde heeft valse verwachtingen gewekt en een zuiver besluitvormingsproces sterk bemoeilijkt. Daarna(ast) zijn er achter de schermen blijkbaar allerlei beloftes gedaan in de beste traditie van de achterkamertjespolitiek.

3. Een hoorzitting waarop een plan voorligt zonder dat iemand dat plan echt verdedigt brengt niets bij. Het studiebureau wordt nochtans betaald voor dat plan, maar de verantwoordelijke gaf liever zijn eigen mening die helemaal tegenovergesteld was. Het is alsof er een advocaat voor de verdediging werd ingehuurd die vooral de schuld van de verdachte in de verf wil zetten. Onaanvaardbaar. Omdat ook de collegeleden zich achter de provincie (provinciale auditcommissie) verschuilden, zat er alleen maar een dovemansgesprek in. En natuurlijk kan het plan niet meer worden gewijzigd, maar dat toont alleen maar aan dat er veel eerder aan behoorlijke inspraak zou moeten zijn gewerkt.

4. Wanneer leert men eindelijk eens dat een hoorzitting een degelijke voorbereiding en een goede omkadering vraagt ? Met duidelijke doelstelling, een professionele gespreksleider, een werkende microfoon (!) en een degelijke powerpointpresentatie -in plaats van enkele schamele snel geknutselde slides- zou er al een hele stap vooruit zijn gezet.

5. Een publiek dat populisme combineert met op een aantal punten doorslaande (technische) argumenten is natuurlijk ook niet eenvoudig om aan te pakken. Wat des te meer de noodzaak van en goede organisatie aantoont.

6. Gelukkig blijkt de burgemeester veel helderder te communiceren dat zijn voorganger (annex schepen voor openbare infrastructuur). Dat er op sommige vragen toch nog enigszins een antwoord kwam, en dat het geheel niet helemaal in een scheldpartij ontaardde, was zijn verdienste. Overigens speelde hij er geen gemakkelijke rol en kan hij er wellicht ook niet helemaal aan doen dat zij die voor hem kwamen het dossier erg slecht hebben gecommuniceerd (al was hij natuurlijk als fractievoorzitter van zijn partij wel mee verantwoordelijk). Ik heb hem gezegd dat ik niet graag in zijn schoenen zou hebben gestaan, en dat meen ik ook – als is het “part of the job”, natuurlijk. Maar hij had wel voor een paar steviger schoenen kunnen zorgen…

Voila

Voila

Ik heb een uitgesproken mening over een hoofddoekenverbod, maar ik hoop dat ik die mening als gemeenteraadslid nooit nodig zal hebben. Het gaat immers natuurlijk niet om een gemeentelijke kwestie. Ik vraag me af wat de Vlaamse regering, met minister Keulen (Open Vld) op kop, bezielt om het VB toe te laten om hun spelletje te heralen van stad tot stad, en later misschien ook nog van gemeente tot gemeente. Uiteraard zou het voor de regering niet eenvoudig zijn om een standpunt in te nemen, maar dat doet maar één keer pijn. De huidige aanpak is gewoon masochistisch, langs de kant van tegen- én voorstanders van het verbod.

Vooruitlopenp op gedichtendag bij wijze van karamellenvers…

Marino, geef ons alsjeblief
een duidelijke omzendbrief !

Cold Turkey

Cold Turkey

Gisteren was er géén gemeenteraad. Over de reden daarvan doen verschillende versies de ronde. Officieel waren er niet genoeg agendapunten, maar dat probleem had ik nog wel willen wegwerken. Het volstaat om het me tijdig te vragen.

De afkickverschijnselen blijven voorlopig binnen de perken, al is het ook qua commissievergadering heel stilletjes. Ik had een opstoot van activiteit verwacht om het Algemeen Beleidsplan in concrete acties om te zetten. Naïef gedacht, ongetwijfeld.