Bij uitbreiding
Een bestuursmeerderheid heeft twee manieren om het de oppositie moeilijk te maken. Het kan door een goed doordacht, onderbouwd, transparant en breed gedragen beleid te voeren. Waar je, ook als je het er niet mee eens bent, niet veel spelden kan tussen krijgen. De tweede manier is door te proberen zo ondoorzichtig mogelijk te werken, zo weinig mogelijk mensen te raadplegen of zelfs maar informatie te geven, en als het echt moet zo lang mogelijk te wachten. En het dan zo te verpakken dat door de bomen het bos niet meer duidelijk is.
De Essense CD&V en sp.a hebben besloten om voluit voor de laatste techniek te gaan. Vóór ik de Strategische Meerjarenplanning kreeg, vroeg ik om alvast de voorbereidende documenten te mogen inzien. Dat werd niet toegestaan, want er zat niets bij dat als definitief kon worden beschouwd. Toen ik dan vroeg om zodra het plan wél beschikbaar was ook de voorbereidende stukken zoals (her)berekeningen en denkpistes in te zien, kreeg ik als antwoord dat ik de weerslag van dat alles in de officiële documenten kon vinden. Nadat we onze vragen hadden gesteld, bleken er toch studies te zijn opgemaakt, minstens over het zwembad en de turnhal. Ik vroeg officieel om die te mogen inzien, en ook daar werd niet op ingegaan.
We krijgen veertien dagen om het hele financiële plaatje voor zes jaar te beoordelen, en de cruciale informatie die ik vooraf al had gevraagd blijkt zelfs in die periode niet beschikbaar te kunnen worden gesteld. Soms waant een mens zich in de Oekraïne of in Wit-Rusland in plaats van in Essen. Eerlijk gezegd krijg ik op dat soort momenten veel zin om er gewoon de brui aan te geven. Maar “Si les dégoûtés s’en vont…”.
Ik denk trouwens dat het gemeentebestuur met de manier waarop het dit BBC-verhaal heeft aangepakt zichzelf ondergraaft. Bruno Tobback (sp.a-voorzitter) pleitte onlangs voor gemeentefusies. Ik heb het verminderen van het democratisch draagvlak altijd een argument tegen dat soort operatie gevonden. De argumenten vóór gaan over bestuurskracht (de capaciteit om planmatig te werken, bijvoorbeeld) en een efficiënt niveau van de organisatie van voorzieningen (zoals een zwembad). Is het doel van burgemeester Van Tichelt dan toch om Essen, Kalmthout en Wuustwezel samen te voegen tot één gemeente – die overigens alleen de naam “Heide” zou kunnen dragen ?
Overigens vind ik het hartverwarmend dat in de Oekraïne de Europese vlag als -terecht- symbool van vrijheid en democratie wordt gebruikt.
Er is een heel jaar hard aan gewerkt, maar nu ligt ze er : de strategische meerjarenplanning 2014-2019. Maanden lang zijn de ambtenaren en schepencollege met niets anders bezig geweest. Op elke vraag naar een beleid, een visie… kwam als antwoord dat we op dit plan moesten wachten. Broodnodige wegenwerken werden ervoor uitgesteld en er werd zo hard gewrocht op de invoering van de nieuwe aanpak (“BBC”) bij de gemeente dat er geen tijd meer over was om ook voor het Autonoom Gemeentebedrijf een plan -of zelfs maar een begroting voor 2014- uit te werken. Neen, het heeft bovenmenselijke inspanningen gevergd.
“For to be free is not merely to cast off one’s chains, but to live in a way that respects and enhances the freedom of others. ” Nelson Mandela, 1918-2013.
Ik begrijp er niets van. Dat heb ik gisteren op de gemeenteraad geleerd. Het schepencollege, dat altijd met één stem spreekt volgens onze burgemeester, vindt dat ik niets van de vzw Kobie begrijp. Ik wilde nog uitleggen hoe ik dacht dat het in elkaar zat, maar ik werd de mond gesnoerd : ik zou het toch nooit begrijpen. Het college vindt mij wellicht te dom. Met dank voor het respect, collega’s van CD&V en sp.a.
Het decreet van 9 juni 1993 “houdende subsidiëring van gemeentebesturen en de Vlaamse Gemeenschapscommissie inzake het voeren van een jeugdwerkbeleid” was een belangrijke stap voor het jeugdbeleid in Vlaanderen : de gemeenten kregen autonomie, en kregen samen met het lokale jeugdwerk de verantwoordelijkheid om een jeugdwerkbeleidsplan op te stellen. In ruil voorzag Vlaanderen subsidies.
Nadat vorige maand bijna alle commissies werden afgelast, mocht deze maand de commissie “Omgeving” nog eens samenkomen. In principe alleen over de begraafplaatsen in Hoek en elders, maar het leek me verstandig ook de planning voor de ruimtelijke uitvoeringsplannen (RUPs) voor de komende jaren te agenderen. De discussie daarover werd een dovemansgesprek. De lijst van RUPs die door het schepencollege was besproken bleek niet de definitieve lijst, want het college had er nog heel wat aan aangepast. Maar op mijn herhaalde vraag naar hoe de uiteindelijke lijst er dan wel uitzag, kon onmogelijk worden geantwoord. Zodat het college na een vol jaar plannen dus niet kan zeggen welke bestemmingsplannen er de komende jaren gaan worden opgesteld…
Ik heb het verkeer geregeld. Wie zondagnamiddag uit Heiblok kwam en Horendonk wilde indraaien had mijn toelating nodig, want ik deed dienst als seingever om zo mee de “
Ik hou van het Karrenmuseum. Het is een mooi stukje Essen waar heel wat vrijwilligers zich voor inzetten. Het trekt bovendien veel bezoekers naar Essen. Nu, dat mag ook wel, want elk jaar besteedt het gemeentebestuur 100.000 EUR aan het museum. En dat is niet het enige overheidsgeld dat er naartoe gaat. Zo werd vorig jaar alles samen bijna 400.000 EUR belastinggeld aan het museum besteed.
Gemeenteraad na een maand windstilte. Een schimmenspel vooral, want de echte beslissingen worden dezer dagen in de achterkamertjes bedisseld. Onder het mom van de “Beleids- en Beheerscyclus” worden de waardevolle participatieprocessen die in het verleden rond bijvoorbeeld het Lokaal Sociaal Beleidsplan of het Jeugdwerkbeleidsplan waren opgebouwd overboord gegooid. Een dialoog met de gemeenteraad, zoals die zes jaar geleden bij de opmaak van het bestuursakkoord en vervolgens het beleidsplan nog enigszins mogelijk bleek, lijkt ook al niet meer op de agenda te staan. Ik ben benieuwd of minstens het personeel nog bij de discussie wordt betrokken, of ook maar moet vernemen dat het management met het college één of andere lineaire besparing wil doordrukken…
Één jaar na de gemeenteraadsverkiezingen. Tijd om even achterom te kijken. Niet om te lang stil te staan bij de campagne, de uitslag of de gevolgen daarvan. Die evaluatie is gemaakt. En het is alleszins een genot om in een sterke fractie van negen raadslid te mogen zijn. Wel om even naar het jaar te kijken waarin het nieuwe college de kans heeft gekregen om „beleid” te maken. Een kans die ze manifest niet hebben gegrepen : het bestuursakkoord bleek een lege doos, en het zogenaamde „planningsjaar” hebben ze vooral gebruikt om beslissingen voor zich uit te schuiven. Zodat nu wellicht alles op een hoopje wordt gegooid en een hutsepot die door enkelen in een achterkamertje wordt bijeen gekookt zonder veel discussie als „enige mogelijkheid” zal worden opgediend. Ik pas alvast om daar een snuifje zout of peper aan te willen toevoegen – ik wil over de fundamentele keuzes meepraten. In een ordentelijk proces. Anders hoeft het hele brouwsel voor mij niet.