Water en energie doorzichtig maken !

We vinden het maar normaal. Dat er water uit komt als we de kraan open draaien. En dat de stekker in het stopcontact steken zowat alle mogelijke toestellen in gang zet. Dus vergeten we wel eens dat er nogal wat infrastructuur achter steekt. En ook een hoop beleid. Beleid dat op een aantal punten best anders zou kunnen. Beter voor het milieu, en toch betaalbaar !

Geld in de riool...

Zuiver water is niet zo evident. Elders op de wereld wordt er oorlog voor gevoerd. Ook hier is het een schaarse grondstof, en dat beginnen we zo stilaan ook aan de prijzen te merken. Te lang zijn we met water omgegaan alsof het zomaar gratis uit de hemel komt gevallen. Want zo lijkt het natuurlijk vaak ook... Maar we gebruiken liters drinkbaar water om de ramen mee te wassen of het toilet door te spoelen. En even vaak gaat er een massa regenwater naar onze riolen om vervolgens door een intensief en duur zuiveringsproces te gaan. Als het echt hard regent, raken die riolen bovendien overbelast en krijgen we overstromingen.

Het is natuurlijk belangrijk dat er zo weinig mogelijk vervuild water in het leefmilieu terechtkomt. Dat wordt zo opgelegd door de Europese Kaderrichtlijn Water, die normen invoerde voor de zuiverheid van het oppervlaktewater. Dus moeten er riolen zijn, en waar dat niet kan kleine lokale waterzuiveringsinstallaties. Maar om efficiënt te zijn zou in die riolen alleen afvalwater mogen terechtkomen, en geen regenwater. Daarom moeten er gescheiden rioleringen komen. Zodat de waterzuiveringsinstallaties alleen echt vuil water binnenkrijgen, en daardoor veel efficiënter kunnen werken. Het regenwater kan dan (liefst) gewoon in de grond verdwijnen, of via sloten, beken en rivieren worden afgevoerd.

Vlaanderen heeft nog een hele achterstand in te halen : 80% van het afvalwater moet worden gezuiverd, en die norm wordt nog lang niet gehaald (we zitten rond 65%). De gemeenten zijn verantwoordelijk voor de riolen op hun grondgebied. Wat er moet gebeuren, werd vastgelegd in de zogenaamde zoneringsplannen. Vervolgens traden de meeste gemeenten toe tot één of ander samenwerkingsverband dat het rioolbeleid moet uitvoeren. En nu staan er overal grote investeringen op stapel om de plannen in de praktijk om te zetten. Vlaanderen subsidieert die investeringen. Dat moet ook wel, want als de gemeenten alle investeringen zouden moeten doen die nodig zijn om de normen te halen, dan gaan ze financieel kopje onder. Maar de Vlaamse overheid voorziet veel te weinig middelen hiervoor. Bovendien is de planning niet goed aangepakt. Er wordt op gerekend dat Europa uitstel zal geven voor het halen van de normen. Maar dat is niet zeker. En het kan toch ook niet de bedoeling zijn : het gaat om zuiver water, liefst zo snel mogelijk.

Vlaanderen moet dus een inhaalbeweging maken en investeren in de lange termijn, in plaats van de kost volledig nu via de waterfactuur door te willen rekenen aan de gebruiker. Riolen die jaren moeten meegaan laten betalen door degene die vandaag de kraan open draait is geen verstandige aanpak - al is het wel normaal dat de gebruiker betaalt voor de milieukost die hij nu veroorzaakt. Maar niet voor nieuwe riolen. Een investeringsbeleid is bovendien de beste remedie tegen de economische crisis. Investeren in het leefmilieu rendeert natuurlijk dubbel, want zo vermijden we zware milieukosten in de toekomst. Een inhaalbeweging voor rioleringsinvesteringen is daarom absoluut nodig. Zodat we wél voor zuiver water kunnen gaan. Zonder uitstel. En zonder de gemeenten financieel de nek om te wringen. Want daarvoor betaalt uiteindelijk ook de burger.

Tegen de stroom in...

Zuivere stroom is natuurlijk ook nodig. De SLP zet sterk in op hernieuwbare energie, en daar kan ik me helemaal in terugvinden. Dat zal mogelijk op termijn voor een wat hogere elektriciteitsfactuur zorgen. Dat zouden we kunnen opvangen door de prijzen eerst te doen dalen. Dat kan, als men in dit land maar de moed zou hebben om de energiemarkt anders te organiseren. De feiten zijn eigenlijk eenvoudig : er is te weinig concurrentie tussen de producenten van gas en elektriciteit. En de markt is zo gestructureerd dat de overheden, zeker de gemeenten, daar nog belang bij hebben ook.

In principe zouden de gemeenten vandaag alleen nog actief moeten zijn binnen de zogenaamde "distributienetbeheerders". Die brengen het gas of de elektriciteit van de producent naar de woonkamer of het bedrijf. Ze werken aan vastgestelde tarieven. Maar de producenten hebben een stevige voet in huis in een aantal van die distributienetbeheerders, en de gemeenten hebben meestal ook rechtstreeks of onrechtstreeks aandelen van de energieleveranciers, of van financiële participatiestructuren die op hun beurt mede-eigenaar zijn van de producenten. Alles zit zowat aan iedereen vast, en vermoedelijk is zowat elke gemeente onrechtstreeks betrokken bij de beide belangrijke energieproducenten...

Vreselijk ondoorzichtig en ingewikkeld allemaal. In al die structuren zitten gemeenteraadsleden die het allemaal mee in het oog moeten houden. Maar je moet al heel gespecialiseerd zijn om er echt aan uit te kunnen, en volgens mij is niet 1% van de raadsleden en schepenen in dat geval - ik geef alvast eerlijk toe dat ik er maar heel weinig inzicht in heb, en ik probeer het dan nog te volgen (al zit ik niet in één of andere raad van bestuur). In de meeste intercommunales wordt er goedgekeurd wat er voorgekauwd wordt. Zolang het voor de gemeenten maar opbrengt. Maar de consument betaalt de rekening, en de armsten betalen in verhouding meer (hoe minder geld, hoe groter het deel van het budget dat naar energie gaat).

Een zogenaamd vrije markt waarin de overheid (via de gemeenten) aandelen heeft in alle marktpartijen is geen vrije markt. De Vlaamse overheid moet de energiemarkt anders structureren. In de eerste plaats moeten de overheden, op alle niveaus, uit de hele sector weg. Een stuk interne staatshervorming die heel wat heilige huisjes omver zou trappen, maar die wel hard nodig is.

De distributienetbeheerders kunnen tot één overheidsbedrijf worden samengevoegd. Maar het heeft geen enkele zin dat gemeentebesturen financieel overeind moeten blijven via de opbrengst van energieaandelen. Natuurlijk moeten ze dan wel een andere financiering in de plaats krijgen, via een eerlijk systeem zoals het Gemeentefonds. En de markt van producenten en leveranciers moet echt concurrentieel worden gemaakt. Electrabel moet dus worden opgesplitst. Die vrije markt moet door de overheid worden omkaderd, bijvoorbeeld om echt af te dwingen dat er snel meer werk wordt gemaakt van hernieuwbare energie. Dat is veel beter dan zelf in allerlei raden van bestuur gaan zitten. Als het op die manier wordt aangepakt, kan de energieprijs echt naar beneden. Een stuk van die daling kan de consument dan gebruiken om te investeren in zonne-energie, bijvoorbeeld. Zodat de energiefactuur ook in de toekomst betaalbaar blijft...