|
Bestuursakkoord
CD&V-VLD
Essen
2001-2006
Deze versie van het bestuursakkoord werd bewerkt door PLE.
Aan de tekst is niet veranderd, maar stukken tekst hebben wel een
kleurtje gekregen.
De tekst in oranje komt letterlijk of bijna
letterlijk uit het CD&V-programma. “Bijna
letterlijk” betekent ten hoogste dat de volgorde van de woorden is veranderd,
dat de woorden “de CVP” vervangen zijn door “het gemeentebestuur” of
iets dergelijks of dat een woord door een synoniem vervangen is.
INLEIDING
Bijgaande
tekst vormt de basis voor het beleid dat CVP en VLD de komende zes jaar in Essen
willen voeren.
De
nieuwe bestuursmeerderheid beschouwt het als een uitdaging om het aantrekkelijke
van Essen, de openheid en landelijkheid, het nog aanwezige dorpskarakter, voor
de toekomst te behouden en te versterken. Tegelijkertijd wil de nieuwe
meerderheid er echter ook voor zorgen dat Essen een gemeente blijft waar
volwaardig geleefd kan worden, waar er gewoond en gewerkt kan worden, waar de
voornaamste moderne voorzieningen aan de burgers kunnen aangeboden worden.
Vanuit
deze dubbele optiek werd dit bestuursakkoord opgesteld. Het vormt het programma
voor de volgende zes jaar. Voor 1 april 2001 zal het vertaald worden in een
beleidsnota voor de hele legislatuur die aan de gemeenteraad zal voorgelegd
worden. Jaarlijks zal deze nota verfijnd worden tot een jaaractieplan dat
telkenmale rekening houdt met de financiële mogelijkheden.
1.
WELZIJN- EN GEZINSBELEID
1.1.
ALGEMEEN
Welzijn
is meer dan armoedebestrijding. Met welzijn wordt het hele ‘goed voelen’ van
de mens bedoeld.
Het
gemeentebestuur en het OCMW hebben tot taak te waken over het globale welzijn
van onze inwoners en dit alles binnen een jaarlijks afgebakend financieel kader.
Zij zullen dit doen in samenwerking met elkaar en in samenwerking met al wie in
onze gemeente op dit punt initiatieven ontwikkelt, het groot aantal v.z.w.’s,
de talrijke verenigingen en de vele vrijwilligers.
1.2
EEN SOCIAAL HUIS
Het
organiseren en uitbouwen van de bestaande structuren van het OCMW vereist een
complete reorganisatie en uitbouw van de nodige dienstverlening. Hiervoor is een
ruime en afdoende huisvesting voor de verschillende diensten noodzakelijk en dit
moet dringend gerealiseerd worden.
De
dienstverlening in een ‘echt sociaal huis’, waar men terechtkan en bijstand
ontvangt voor alle noodzakelijke formaliteiten.
Zo mogelijk moeten ook de sociale diensten van de gemeente hierin ondergebracht
worden. Zoals reeds gesteld, moet dit gebeuren in
samenwerking met de bestaande en nog uit te werken vrije initiatieven (o.a.
ziekenfondsen, rusthuizen, e.d.).
1.3
HULPVERLENING EN THUISZORG
Gemeente
en OCMW hebben altijd extra aandacht gegeven aan de thuiszorg. Dit gebeurde via
de ondersteuning van landelijke diensten voor thuiszorg en door de uitbouw van
eigen diensten, zoals warme maaltijden en de vzw Handicar.
De
reeds bestaande gemeentelijke initiatieven zoals mantelzorg, warme maaltijden,
vzw Handicar e.a. blijven de volledige steun genieten en worden indien
noodzakelijk uitgebreid, b.v. door de uitbreiding van de vzw Handicar met een
mindermobielencentrale, vervoersdienst met vrijwilligers enz. In
overleg met onze buurgemeenten zal nagegaan worden of het tarief voor het
gebruiken van de handicar kan dalen.
De
installatie van een klusjesdienst krijgt de volle ondersteuning.
Diensten
zoals ‘mantelzorgtoelage’ blijven ertoe bijdragen dat onze zwakkeren in
eigen omgeving de nodige verzorging ontvangen. De ‘poetsdienst’ voldoet aan
een grote behoefte en moet dringend uitgebreid worden. Ook de financiële
ondersteuning door de gemeente van de landelijk georganiseerde hulpverlening
blijft behouden en wordt eventueel verhoogd.
De
service via het OCMW van de warme maaltijden kent een stijgend succes.
Onderzocht moet worden of bedeling op zon- en feestdagen mogelijk is.
Er
wordt naar gestreefd om de hulp en bijstand door vrijwilligers voor de
oppasdienst te verruimen.
Met
de uitbouw en gemeentelijke ondersteuning van een "Netwerk Zorgzaam
Essen", dat niet enkel de huidige dienstverlening via gemeente en OCMW
groepeert, worden alle mogelijke initiatieven onderzocht en ondersteund die
bijdragen tot een betere dienstverlening, betere informatie, aan onze inwoners.
Hierin past ook de relatie met de reeds bestaande netwerken van palliatieve
verzorging, het onderzoeken naar de noodzaak voor kortverblijf en
dagverzorgingscentra.
Bij
al deze initiatieven moet het vrijwilligerswerk dat voor vele initiatieven reeds
bestaat, ondersteund worden.
1.4
BEJAARDENVOORZIENINGEN EN SERVICEFLATS
Door
het steeds ouder worden van de bevolking stijgt ook de nood aan voldoende
bejaardenvoorzieningen en serviceflats. In onze gemeente moeten er voldoende
bejaardenvoorzieningen en serviceflats zijn en afhankelijk van de noodzaak tot
uitbreiding zal het gemeentebestuur en het OCMW hieraan haar medewerking
verlenen.
De
bouw en de afwerking van 20 serviceflats nadert zijn voltooiing. Door de grote
belangstelling blijkt overduidelijk de behoefte als tussenstap naar een opname
in een rusthuis. Indien blijkt dat het aanbod van 20 serviceflats onvoldoende is
voor onze gemeente neemt het OCMW de beslissing tot uitbreiding.
Bij
de prijsbepaling is de betaalbaarheid voor de bewoners, rekening gehouden met
hun financiële draagkracht, de voornaamste invalshoek.
Bij
toekomstige bouwprojecten in de verschillende wijken, moet nagegaan worden of
niet telkenmale ook enkele woningen geschikt voor ouderen en andersvaliden
kunnen ingeplant worden.
1.5
POLIKLINIEK
De
vernieuwde Polikliniek geeft aan onze inwoners, en aan diegenen die minder
mobiel zijn, de gelegenheid, gebruik te maken van verschillende gespecialiseerde
diensten.
Het
O.C.M.W. ijvert voor de verdere uitbreiding van de dienstverlening in
samenwerking met het gemeentebestuur, de lokale huisartsen en het ziekenhuis
Klina.
1.6.P.W.A.
Plaatselijk Werkgelegenheidsagentschap
Het
plaatselijk werkgelegenheidsagentschap geeft aan langdurig werklozen de kans
zich opnieuw in het arbeidsproces te integreren. Het P.W.A. moet echter méér
zijn dan tussenpersoon bij de aanvrager en de werkzoekenden. Bijkomende en
gespecialiseerde vormingsmogelijkheden voor laaggeschoolde jongeren moeten
aangeboden worden.
1.7
PLOT. Plaatselijk Loket Tewerkstelling
Door
de gemeente Essen werd een convenant afgesloten waarbij de V.D.A.B., R.V.A. en
P.W.A. met elkaar samenwerken en waardoor het voor de werkzoekenden mogelijk is
in eigen gemeente alle noodzakelijke formaliteiten te vervullen.
Het
PLOT is een bijkomende schakel tussen werkaanbieders en werkzoekenden dat
blijvend de volledige steun van de gemeente zal genieten, en dat moet bijdragen
tot het verminderen van de plaatselijke werkloosheid.
1.8
ONTHEEMDEN & ASIELZOEKERS
Het
OCMW heeft
overeenkomstig de richtlijnen van de hogere overheid de
taak de aan de gemeente toegewezen asielzoekers of ontheemden op te vangen, te
begeleiden, te huisvesten enz.
Het
gemeentebestuur is voorstander van een vlugge inburgering en ijvert voor het
aanleren van onze moedertaal door het volgen van aangepaste taalcursussen te
stimuleren. Samen met vrijwilligers kan gewerkt worden aan de vlotte opvang en
het zich thuis voelen in onze gemeente. Het samenwerken met de sociale
bewegingen kan een stimulans zijn voor een betere integratie.
1.9
KINDEROPVANG EN GEZINSBELEID
Het
belang van de kinderen primeert. Kinderen mogen géén slachtoffer worden van de
soms moeilijke combinatie van gezin en arbeid. Het is belangrijk de gezinnen te
ondersteunen bij de opvang van de kinderen. De gemeente wenst een uitdrukkelijke
ondersteuning aan de bestaande initiatieven (vzw. Opvanggezinnen, verdere
uitbouw spelotheek, Speelpleinwerking, Voor- en naschoolse kinderopvang…,
Oppasdienst B.G.J.G….) te geven, maar zal ook rekening houden met de
individuele keuzevrijheid.
Het
lokaal overleg heeft de behoeften aangetoond en de nodige initiatieven werden de
voorbije legislatuur dan ook genomen. Kinderopvang en buitenschoolse opvang
moeten uitgaan van flexibiliteit. Een goede buitenschoolse kinderopvang via de
bestaande Dienst voor Opvanggezinnen en via de scholen is dan ook onmisbaar.
Tijdelijke
opvang voor alle kinderen, noodopvang, nacht- en weekendopvang kunnen
ondersteuning krijgen, ofwel door uitbreiding van de bestaande diensten of in
overleg met deze diensten.
Onze
gemeente kent een zéér sterk georganiseerd verenigingsleven voor de jeugd. In
nauw overleg en in samenwerking met de gemeentelijke Jeugdraad worden de
mogelijkheden van uitbreiding van de speelpleinwerking onderzocht, zo mogelijk
verruimd tot de volledige schoolvakanties en vrije dagen.
Iedere
opvang moet kwaliteitsvol en betaalbaar zijn.
Een
onderzoek moet aanduiden of de gemeente aanvullende of ondersteunende
maatregelen moet invoeren of verhogen zoals geboorte- en adoptiepremies, premies
bij huwelijk of duurzame samenlevingsvormen.
1.10.GEHANDICAPTENZORG
De
gemeente wil op alle terreinen ertoe bij te dragen dat gehandicapten of
andersvaliden zich zelfstandig kunnen ontplooien. De bestaande organisaties en
initiatieven worden blijvend ondersteund. Leemten moeten worden opgevuld.
Een
specifiek en regelmatig rechtstreeks overleg met deze organisaties en
instellingen heeft tot doel voorstellen voor de verbetering van de
levenskwaliteit van deze groep inwoners te ontwikkelen en te onderzoeken. .
Onze
gemeente blijft grote belangstelling tonen voor de vzw Gehandicaptenzorg der
Noorderkempen, en in het bijzonder aan het in onze gemeente gevestigde tehuis
voor volwassen andersvaliden "De Regenboog".
Ook
ontspanningsmogelijkheden, zoals muziek, turnen, voor deze groep en voor licht
tot matig mentaal gehandicapte kinderen moeten bijkomende ondersteuning krijgen.
Ofwel plaatselijk ofwel intergemeentelijk.
De
toegankelijkheid van straten, pleinen, openbare gebouwen, winkels e.d., voor
gehandicapten, andersvaliden en slechtzienden, moet verbeteren.
1.11
BETER OMGAAN MET GEZONDHEID
De
gemeente wil een lokaal beleidsplan voor de gezondheid uitwerken. Twee pijlers
vormen de basis: ziektepreventie en gezondheidsbevorderende maatregelen. Dit
plan bevat de gewenste doelstellingen en stimuleringsmaatregelen. De
bevoorrechte partners zijn de bestaande gezondheidsstructuren: Kind en Gezin,
Centrum voor Leerlingenbegeleiding, Logo enz.
De
gemeente ondersteunt alle bovenlokale acties voor het bevorderen van een gezonde
levensstijl en promoot acties tegen het gebruik van drugs, tegen rook- en
alcoholverslaving en promoot het gebruik van gezonde voeding.
1.12.SOCIAAL
WOONBELEID
Zoals
uitgebreider verwoord onder het hoofdstuk ruimtelijke ordening, streeft het
gemeentebestuur ernaar om de woonuitbreidingsgebieden prioritair voor te
behouden voor de inplanting van sociale woonwijken.
2.
SENIORENBELEID
Deze
steeds groeiende groep inwoners heeft in haar actief leven duidelijk bijgedragen
tot ons huidig niveau van welvaart en welzijn. Daarom hebben zij recht op een
gemeentelijk beleid dat ervoor zorgt dat zij als individu en als groep geïntegreerd
blijven in onze gemeente, wijk, buurt enz.
Er
werd reeds gestart met de voorbereidende werkzaamheden voor de totstandkoming
van een gemeentelijk beleidsplan voor de senioren. De
opstelling gebeurt door het gemeentebestuur in samenwerking met het OCMW, de
Gemeentelijke Seniorenraad, en groeperingen die zich inzetten voor deze
belangrijke groep inwoners.
Dit
beleidsplan moet zo snel als mogelijk afgerond worden. Daarbij zal in ieder
geval aandacht besteed worden aan de lokalenproblematiek. Dit probleem moet
echter tevens bekeken worden in het licht van het globale lokalenprobleem van
het wijkgebonden verenigingsleven.
Voor
de uitvoering van dit plan zal in ieder geval een supplementair budget in de
gemeentelijke begroting ingeschreven worden.
3.
JEUGDBELEID
Kinderen,
jongeren en jongvolwassenen moeten zich goed voelen in onze gemeente. Zij moeten
er zich kunnen ontplooien en door inspraak een directe invloed hebben op het
jeugdbeleid. De verschillende groepen en of verenigingen in onze gemeente hebben
reeds meermaals aangetoond dat zij in staat zijn een attractief vrijetijdsaanbod
te ontwikkelen.
Het
gemeentebestuur moet een "jongerenreflex" uitstralen. Een goed middel
daartoe is een goedwerkende jeugddienst met een jeugdconsulent als centrale
figuur.
Het
J.W.B.P. (jeugdwerkbeleidsplan) dat jaarlijks door de stuurgroep wordt
opgemaakt, vormt de leidraad voor het jeugdbeleid van het gemeentebestuur.
Het gemeentebestuur wil de jeugdraad helpen zich beter bekend te maken bij het
brede jongerenpubliek, ook via de scholen die op deze wijze ook betrokken worden
bij de opmaak van het JWBP.
Jongeren
willen enerzijds graag zelf de invulling van hun vrije tijd en hun
verenigingsleven organiseren en anderzijds verzoeken zij om infrastructurele
steun vanuit het bestuur. De
gemeente wil op deze vraag inspelen.
Dit
betekent open speelruimten op elke wijk en afgesloten speelstraten voor de
kinderen tijdens de vakanties. Een goed ingericht SJOC of
Jongerenontmoetingscentrum. Financiële ondersteuning van aanpassingswerken aan
de lokalen van de verenigingen en/of tussenkomst in de huurkosten. De aanleg van
een BMX-parcours moet concreet worden.
De
gemeente wil een fuifvriendelijke gemeente zijn. De realisatie van een eigen
volwaardige fuifzaal in de gemeente staat voorop. Daarnaast moet in samenspraak
met onze buurgemeenten het inrichten van een fuifbus bij belangrijke evenementen
in de streek gerealiseerd worden. Ook kan die fuifvriendelijkheid blijken uit de
inrichting van een repetitielokaal voor muziekgroepjes. Tenslotte houdt dit ook
in dat nagegaan moet worden of het sluitingsuur nog voldoende realistisch is.
4.
ONDERWIJS
4.1
ALGEMEEN
Uit
de gehele streek komen kinderen naar Essen om onderwijs te volgen. Uiteraard is
de aanwezigheid van vele scholen met vel studierichtingen ook voor de Essenaren
heel positief. Het gemeentebestuur wil daarom actief zijn rol spelen om Essen
als ‘scholencentrum’ te behouden en te versterken.
Het
onderwijslandschap zal in de komende tijden wijzigingen ondergaan. De mensen
zullen zich moeten blijven bijscholen, zodat permanente vorming als opdracht
voor het onderwijs aan belang zal winnen. In Essen moeten er daarom genoeg naschoolse
en vormende cursussen georganiseerd worden. Het gemeentebestuur zal aan
deze evolutie ruime aandacht besteden.
Essen
zal blijven investeren in het gemeentelijk onderwijs op Wildert en het muziek-
en kunstonderwijs in de Muziekacademie der Noorderkempen.
Bovendien
zal worden onderzocht door het Lokaal Overleg hoe sociale voordelen aan alle
scholen kunnen worden toegekend. Het gratis schoolzwemmen maakt daarvan deel
uit.
4.2
AANVULLEND ONDERWIJS & BIJSCHOLINGSCURSUSSEN
Er
zal bovenlokaal, ook grensoverschrijdend, samengewerkt worden met diensten,
instellingen en organisaties die reeds ruime ervaring hebben bij het aanbieden
van aanvullende cursussen..
Daar
waar deze opleidingen en cursussen in eigen gemeente georganiseerd worden moet
er een goede samenwerking ontstaan die de mogelijkheid biedt voor een ruime
verspreiding.
Bijscholingscursussen,
ook in samenwerking met de diensten van P.W.A. & Plot moeten afgestemd zijn
op de actuele ontwikkelingen in de maatschappij. De gemeente zal dit per
doelgroep stimuleren en steunen door bijvoorbeeld het ter beschikking stellen
van lokalen en infrastructuur.
Op
deze basis kunnen ook vormingsprojecten worden opgestart voor laaggeschoolde
jongeren om hen bijkomende kansen te bieden op de arbeidsmarkt.
4.3
NIEUWE KLEUTERSCHOOL OP WILDERT
Het
bouwdossier is klaar en de toelagen zijn beschikbaar.
De
gemeente stelt alles in het werk voor het bekomen van een snelle realisatie.
4.4
MUZIEKACADEMIE & KUNSTACADEMIE
De
samenwerking van de muziekacademie met de lokale muziekverenigingen en zangkoren
moet concreet uitgewerkt worden.
Onderzocht
zal worden of de muziekacademie kan uitgebreid
worden met een ‘kunstafdeling’. Dit na onderzoek door de gemeentebesturen
van Essen en Kalmthout en in samenwerking met de Bestuurscommissie en met de
verenigingen die op dit vlak in Essen actief zijn.
5.
CULTUUR
5.1
ALGEMEEN
Essen
heeft een erg levendig cultureel leven. Dankzij vele verenigingen die zorgen
voor tal van activiteiten. Het is de eerste opdracht van de gemeente op
cultureel vlak om dit levendig verenigingsleven te ondersteunen.
Daarnaast
heeft de gemeente ook de taak om zelf te zorgen voor een degelijk cultuuraanbod.
Het
cultuurbeleid zal op deze basis blijven verlopen. Dit moet in nauw overleg
gebeuren met de Culturele Raad.
5.2
VERENIGINGSLEVEN
De
rol van het verenigingsleven kan niet genoeg benadrukt worden. "Zich
verenigen" is een activiteit die de mens meer mens maakt. Gelukkig mag
Essen zich nog steeds een gemeente noemen met een bloeiend verenigingsleven. Dit
moet absoluut behouden blijven.
De
rol van de gemeente naar het bloeiende verenigingsleven is in de eerste plaats
ondersteunend. De uitleendienst van podia, tafels, stoelen en dergelijke is
echter toe aan kwalitatieve verbetering.
De gemeentelijke communicatiekanalen worden ter beschikking gesteld van het
verenigingsleven, zodat de verenigingen op een moderne en goedkope manier hun
werking en initiatieven aan de Essenaren kenbaar kunnen maken.
Daarnaast
moet de gemeente met de verenigingen ook meedenken en mee naar oplossingen
zoeken voor hun verschillende problemen op het vlak van infrastructuur.
5.3.
BIBLIOTHEEK EN MUZIEKACADEMIE
De
bibliotheek wordt verder kwalitatief uitgebouwd.
Nagegaan moet worden of dit kan in samenwerking met onze buurgemeenten, ook deze
aan de andere zijde van de landsgrens.
Gedacht
wordt aan een stripbib en een muziekbib. De bibliotheek moet daarnaast kunnen
uitgroeien tot een volwaardig "informatiecentrum", waar de Essenaren
toegang kunnen krijgen tot de modernste communicatie-en informatiekanalen.
Verenigingen en allerlei andere actgoren die zich kenbaar willen maken, kunnen
dit doen in dit "bibliotheek-informatiecentrum" Ook op de
uitleenposten zal gratis internet geïnstalleerd worden. De wijkbibliotheken
groeien op die manier uit tot "wijk-info-bibliotheken"
Zoals
reeds gesteld onder het hoofdstuk onderwijs, moet de samenwerking van de
muziekacademie met de lokale muziekverenigingen en zangkoren concreet uitgewerkt
worden.
Ook
zal onderzocht worden of de muziekacademie kan uitgebreid worden met een
‘kunstafdeling’. Dit na onderzoek door de gemeentebesturen van Essen en
Kalmthout en in samenwerking met de Bestuurscommissie en met de verenigingen en
initiatieven die op dit vlak in Essen actief zijn.
5.4
EVENEMENTEN
In
overleg met de culturele raad en met de verenigingen moet nagedacht worden over
de organisatie in Essen van een jaarlijkse of tweejaarlijkse grote
cultuurhappening, al dan niet gespreid over verschillende zomeravonden waarbij
alle cultuurgenres aan bod komen. Dit betreft optredens van klassieke muziek tot
popmuziek, maar ook tentoonstellingen van "klassieke" schilderkunst
tot strips en zo verder. De organisatie hiervan steunt grotendeels op
vrijwilligers van alle leeftijden en sociale achtergronden.
6.
SPORT
6.1.
INFRASTRUCTUUR
Sporten
is
tegelijkertijd aangenaam en gezond. Sporten
draagt bovendien bij tot de sociale cohesie binnen onze gemeente, door een
bloeiend sportverenigingsleven en contacten met andere sporters.
We
zijn er dan ook blij om dat er in Essen veel gesport wordt. Zoveel dat we de
jongste jaren merken dat de in Essen bestaande sportinfrastructuur krap wordt:
de Heuvelhal is 100% volledig bezet tijdens de avonduren, zowel met
competitiesport als met recreatieve sport. Om meerdere sportsoorten te laten
plaatsvinden (vb handbal) moeten we de volgende jaren meer sportinfrastructuur
voorzien.
Daarom
wil de gemeente mee de bouw financieren van een sportzaal aan het sportpark voor
de St. Jozefschool en van een sportzaal voor de gemeenteschool te Wildert. Beide
sportzalen zullen overdag dienstdoen als turnzaal voor de scholieren, maar
zullen tijdens de avonduren en in de weekends door de sportclubs kunnen gebruikt
worden.
In
het Sportpark Hemelrijk is ook de bezetting van het terrein onhoudbaar geworden
voor een goede werking. Er zal een oplossing komen voor Olympic Essen, die nu
tijdelijk hun intrek genomen hebben in het Sportpark. Die oplossing zou best
samengaan met een locatie voor de ruiters van Essen-Hoek.
Tenslotte
licht er voor de sportinfrastructuur een nieuwe kans in het te ontwikkelen
spoorwegemplacement. De hal kan mogelijkerwijze een geschikte plek zijn voor
zaalsporten. De omgeving rondom kan voor een deel omgezet worden tot
buitensportcomplex.
6.2.
STIMULERING EN SENSIBILISERING
De
uitbouw van de nodige infrastructuur vormt de belangrijkste ondersteuning die de
gemeente aan de sportievelingen kan bieden. Daarnaast heeft de gemeente echter
ook een taak op het vlak van de stimulering van de sportbeoefening. Nagegaan
moet worden of de gemeente tijdens de zomervakantie ook niet, in overleg met de
jeugdraad en in samenwerking met de sportverenigingen, sportactiviteiten kan
organiseren voor de jongeren die net te oud zijn voor de speelpleinen en net te
jong om een tweede zit te hebben.
7.
EEN VEILIGE GEMEENTE EN BUURT
7.1.ALGEMEEN
Zorgen
voor de veiligheid van onze inwoners is voor de gemeente één van de
basisopdrachten. Dit vereist een veiligheidsplan, niet alleen voor onze gemeente
maar in overleg met de andere gemeentes die behoren tot de Interpolitiezone
"Grens (Essen, Kalmthout & Wuustwezel). De uitvoering van dit plan is
uiteraard afhankelijk van de uitvoering van het Octopusakkoord door de federale
regering.
7.2.
POLITIE – LOKALE POLITIE – EENHEIDSPOLITIE
Het
nationaal goedgekeurde Octopusakkoord heeft tot gevolg dat de reeds bestaande
samenwerking in IPZ-verband tussen de gemeentepolitie en de lokale brigades van
de rijkswacht (Politie Essen, Kalmthout, Wuustwezel en de rijkswachtbrigades van
Kalmthout en Wuustwezel) een volledige integratie zal inhouden van de vijf
korpsen.
Intensieve
samenwerking moet voor onze bevolking betekenen dat er een grotere inzetbaarheid
is van alle manschappen, een betere bereikbaarheid met duidelijke
aanspreekpunten. De nadruk moet gelegd worden op een betere wijkwerking.
De
schaalvoordelen die hieruit voorvloeien moeten het mogelijk maken dat de lokale
politie 24u/24u ter beschikking is en dat een nog betere specialisatie mogelijk
is voor jeugd, verkeer, preventie, slachtofferzorg, drugs, milieu e.d. Tevens
moet hierdoor de basis voor een goede lokale politie, de wijkwerking, in
belangrijke mate versterkt worden.
De
door de verschillende korpsen reeds genomen initiatieven, die hun degelijkheid
hebben bewezen, blijven bestaan, zoals vakantietoezicht, preventie tegen
inbraken, slachtofferhulp, drugspreventie in de scholen.
Door
de beslissing van 30 oktober 2000 om de IPZ Essen-Kalmthout-Wuustwezel uit te
roepen tot pilootzone, kunnen voornoemde schaalvoordelen zich reeds een jaar
eerder manifesteren. De gemeente Essen zal dan ook zeer voluntaristisch
meewerken aan de totstandkoming van dit pilootproject.
7.3.
EEN VEILIGE BUURT
Elke
straat en elke buurt moeten veilig zijn. De overheid mag niet dulden dat mensen
‘s avonds niet meer uit huis durven omdat ze zich onveilig voelen.
Het
gemeentebeleid legt de nadruk op het voorkomen van criminaliteit en het
garanderen van verkeersveiligheid. Tenslotte moeten goed opgeleide
politieambtenaren bijstand verlenen aan slachtoffers (Slachtofferhulp).
7.4
NOOD AAN VERKEERSVEILIGHEID
Het
verkeersveiligheidsbeleid kadert in het mobiliteitsplan dat in samenwerking met
de andere overheden uitgewerkt werd.
Boven
op dit plan, zal de gemeente meer specifiek blijven ijveren voor de realisatie
van schoolvervoersplannen om de schoolomgeving verkeersveilig te maken.
Naast infrastructurele maatregelen zijn
signalisatie, sensibiliseren en opvoeding de sleutelwoorden. Waar we kunnen,
maken we rond de schoolomgeving echte zones 30. Dit wil zeggen niet alleen
gebieden waar een bord aangeeft dat men maar 30km/u. mag rijden, maar waar het
door infrastructuurmaatregelen onmogelijk is om een hogere snelheid te halen.
Alleen zo wordt de veiligheid van onze kinderen effectief gegarandeerd. De
gemachtigde opzichters leveren reeds een zeer belangrijke bijdrage voor de
verkeersveiligheid van en naar school. Dit kan nog versterkt worden door
fietspoolen (= enkele ouders fietsen samen met alle kinderen uit een buurt in
groep naar en van school).
Zoals
aangegeven in het mobiliteitsplan, vormen meer fietspaden, betere voetpaden en
zichtbaar uitgewerkte oversteekplaatsen voor deze legislatuur een prioriteit.
Op
repressief vlak wenst de gemeente de naleving van de toegelaten snelheid in de
bebouwde kom af te dwingen, evenals het fout -parkeren aan te pakken.
7.5
VOORKOMEN IS BETER DAN GENEZEN
Het
veiligheidsplan en veiligheidscharter (ondertekend door de IPZ-partners) moeten
verfijnd worden. Het zal niet alleen jaarlijks geëvalueerd worden door de
gemeenteraad, ook onze inwoners krijgen de mogelijkheid hieraan mee te werken.
Preventieve
maatregelen blijven noodzakelijk, zoals informatie over inbraakbeveiliging. De
inspanningen die de politie in IPZ-verband reeds doet, woningtoezicht tijdens de
vakantie, woningtoezicht tijdens familiefeesten en begrafenissen, en andere,
kunnen nog versterkt worden.
De
inwoners moeten vertrouwen hebben in het politioneel apparaat. Dit vereist een
menselijke opvang, een effectieve opvolging van klachten en een afdoende
informatie over het gevolg dat aan de klacht werd gegeven.
Bepaalde
ongemakken kunnen niet langer worden geduld. Hondenpoep en structurele
geluidsoverlast zijn enkele voorbeelden.
7.6
EEN VOLWAARDIGE ACTIEF OPTREDENDE WIJKAGENT
Een
kordate politieaanpak is noodzakelijk om de straatcriminaliteit en vandalisme
binnen de perken te houden. De spilfiguur is de wijkagent die actief naar de
mensen toe gaat. De functie van de wijkagent moet opnieuw volwaardig binnen het
politieambt gesitueerd worden. Deze agent beweegt zich op eigen initiatief
tussen en rond de mensen. De idee van de vroegere veldwachter is niet veraf.
De
wijkagent heeft een preventieve, informatieve en politionele rol. De wijkagent
is de ideale tussenpersoon tussen het bestuur en haar inwoners. Op politioneel
vlak staat hij mee in voor de handhaving van de openbare orde.
Door
een goede organisatie en versterking van het personeel, dankzij de IPZ-vorming,
moet het mogelijk zijn dat een wijkagent of een lid van het wijkteam ook
geregeld ’s avonds in de wijk ter beschikking is.
7.7
VOORWAARDEN
De
nieuwe federale regering moet uitvoering geven aan het Octopusakkoord zoals het
in 1998 door bijna alle partijen werd goedgekeurd. Dit wil zeggen: nadruk op
lokale politie in de hervormde politiestructuur, voldoende financiering van de
lokale politie door de federale overheid, een sneller werkend gerecht dat gevolg
geeft aan de processen-verbaal die door de politiediensten worden opgemaakt. Dit
motiveert de lokale diensten.
8.
MOBILITEIT, VERKEERSLEEFBAARHEID en VERKEERSLEEFBAARHEID
8.1
ALGEMEEN KADER
De
gemeente kiest zoals weergegeven in het mobiliteitsplan, voor het scenario
duurzame mobiliteit. Met als doelstellingen, op een vooraf gekozen wijze, het
waarborgen van de bereikbaarheid en de verplaatsingsmodaliteiten voor alle
doelgroepen naar alle deelgebieden. Ondanks de toenemende mobiliteit, wordt de
verkeersleefbaarheid gehandhaafd en de verkeersveiligheid verder verhoogd.
Dit
wil zeggen dat de dorpskernen maximaal worden uitgewerkt als verblijfsgebieden
van hoge kwaliteit, terwijl op enkele goed gekozen lokale verbindingswegen
verkeersdrukte wel wordt aanvaard.
Het
openbaar vervoer wordt een vlotte doorgang verzekerd en fietsers en voetgangers
moeten zich meer kunnen terugvinden in het vernieuwd openbaar domein.
De
uitwerking van deze mobiliteit is een prioriteit voor deze legislatuur. Deze
uitwerking omvat sturing van de ruimtelijke ordening, ontwikkeling van
verkeersnetwerken en flankerende maatregelen.
Het
gevoerde mobiliteitsbeleid kan slechts succesvol zijn mits voldoende
voorlichting, educatie en ondersteuning van vervoersprojecten. Ook een
handhavingsbeleid met de klemtoon op snelheidslimieten en parkeerregeling is
vereist.
8.2
ACTIES
Dit
algemeen kader wordt vertaald in actieprogramma’s op ‘Korte Termijn’ (KT),
‘Middellange Termijn’ (MLT) en ‘Lange Termijn’ (LT), zoals ze werden
opgenomen in het ‘Mobiliteitsbeleidsplan’.
8.2.1.RUIMTELIJKE
STRUCTUUR
Afwerking
van het Ruimtelijk Structuurplan Essen met diverse deelstudies, zoals
woonbehoeftestudie, sectoraal BPA zonevreemde bedrijven, herziening bestaande
BPA’s, problematiek van de weekendzones, herinrichting site NMBS, locaties
voor sportinfrastructuur (o.a. voetbal, ruitersport e.d.), bijkomende
industrieterreinen en zones voor K.M.O’s en de categorisering van de wegen.
8.2.2
VERKEERSSTRUCTUUR / WEGENBELEIDSPLAN
In
het goedgekeurde mobiliteitsplan van de gemeente Essen werden diverse projecten
opgenomen voor uitvoering op korte & middellange termijn.
De
projecten, voorzien in het beleidsplan voor uitvoering op korte en middellange
termijn, worden dan ook uitgevoerd:
·
De
Moerkantsebaan krijgt op korte termijn een herinrichting.
- Ook
zal tijdens deze legislatuur werk gemaakt worden van de uitbouw van
Stationsstraat, Nieuwstraat en Kapelstraat tot een aantrekkelijk
dorpscentrum waar verkeersdoorstroming kan gepaard gaan met winkelen en
beroep doen op de dienstverlening van Post, Bibliotheek, Gemeentehuis, OCMW,
Politie
- Aan
volgende straten zullen weg- en rioleringswerken gebeuren: Schanker,
Postbaan en Spijker; Moerkantsebaan, Maststraat en Hemelrijk
- Volgende
kruispunten zullen worden heringericht waardoor de veiligheid in belangrijke
mate zal kunnen toenemen:
o
Kruispunt
Spijker/ Nieuwmoersesteenweg en Spijker/Over d’Aa
- Huybergsebaan
/ Verbindingsstraat
- Nieuwmoersesteenweg
/ Postbaan
- Maststraat
/ H. Consciencelaan / Leemstraat
- Moerkantsebaan
/ Maststraat / Hemelrijk
8.2.3
OPENBAAR VERVOER
Er
wordt aandacht gegeven aan de uitbouw van de openbare vervoersknooppunten ter
hoogte van de stations van Essen en Wildert.
De
regelmaat en de kwaliteit van het spoorvervoer op Lijn 12 zal een permanent
aandachtspunt van het gemeentebestuur vormen.
Lijn
67 moet worden geheroriënteerd.
Het industrieterrein Rijkmaker en de wijken Hoek en
Horendonk moeten via lijn 67 een geregelde verbinding hebben naar de stations
Wildert en Centrum. Het aanpassen van de bushaltes en bushalte-infrastructuur en
het verzorgen van de basismobiliteit zijn noodzakelijk.
De
gemeente zal bij De Lijn blijven pleiten voor de snelle invoering van een
belbussysteem voor Essen.
8.2.4
FIETSBELEIDSPLAN en VOETGANGERSNETWERK
De
fiets- en voetgangersnetwerken zoals weergegeven in het Essense mobiliteitsplan
zullen uitgewerkt worden. Daarbij moet bijzondere aandacht besteed worden aan de
mobiliteitsmogelijkheden van rolstoelgebruikers.
Volgende
fietspaden zullen worden aangelegd:
·
Kalmthoutsesteenweg
tussen Oude Baan en Zandstraat en verder in de richting van het Spijker
- Nieuwmoersesteenweg,
richting industrieterrein "De Rijkmaker"
- Vervollediging
van het fietspad van de Huybergesebaan
- Moerkantsebaan
Bij
de herinrichting van Kapelstraat / Nieuwstraat / Stationsstraat vormt de
situatie van de fietser een belangrijk aandachtspunt.
De
ondertunneling aan Moerkantsebaan (spoorovergang) zal worden verbeterd. De
ondertunneling van de Kalmthoutsesteenweg aan het viaduct van Wildert is een
prioriteit.
Winkelomgevingen
moeten voorzien worden van fietsparkings en de fietspaden moeten worden
bewegwijzerd.
8.2.5
FLANKERENDE MAATREGELEN
Er
zal aandacht zijn voor het vervoersmanagement bij de gemeentelijke diensten,
scholen en bedrijven.
Er
komen ondersteunende maatregelen voor het gebruik van het openbaar vervoer,
verkeersveiligheid, fietspoolen.
Een
professionele communicatiestrategie is onontbeerlijk wil het mobiliteitsplan
kans op slagen hebben. Er moeten hoorzittingen zijn
bij herinrichtingprojecten en er zullen informatiebrochures worden uitgegeven.
De
bewegwijzering voor auto, fietser en voetganger zal verbeterd worden. Aan de
rand van de dorpskernen worden stratenplannen aangebracht. Snelheidssignalisaties
gebeuren volgens de categorisering van de wegen.
9.
RUIMTELIJKE ORDENING
9.1.ALGEMEEN.
Het
nieuwe decreet op de ruimtelijke ordening zorgt voor vele veranderingen in de
organisatie van de ruimtelijke ordening. Belangrijk daarbij is dat de gemeente
op dit vlak veel meer bevoegdheden zullen krijgen.
Basis
van dit alles zijn de structuurplannen. Het gemeentelijk ruimtelijk
structuurplan moet zich inpassen in het ruimtelijk structuurplan Vlaanderen en
het provinciaal structuurplan.
Het
gemeentelijk structuurplan Essen moet bijgevolg rekening houden met het
structuurplan van de provincie Antwerpen en met het structuurplan Vlaanderen.
Het
uitgangspunt is: meer aandacht voor de leefbaarheid van steden en dorpen en een
grotere bescherming van de open ruimtes.
Door
de gemeente Essen werd in 1998 opdracht gegeven aan het studiebureau Gedas N.V.
voor het opmaken van het lokaal structuurplan.
De
startnota werd goedgekeurd door de ambtelijke werkgroep, de gemeentelijke
commissie van advies en het hoofdbestuur van Arohm te Brussel, Arohm Antwerpen
inclusief door de diensten van de provincie Antwerpen.
Het
structuurplan Essen moet volledig klaar zijn medio 2001 en de uiteindelijke
goedkeuring door de Vlaamse minister van Ruimtelijke Ordening mag
dan verwacht worden tegen het einde van 2001.
Aangezien
het belang van het gemeentelijk structuurplan enorm is, ook (en vooral) voor
toekomstige generaties Essenaren, is het niet meer dan logisch dat het
gemeentebestuur grote inspanningen zal doen om op een professionele wijze over
dit onderwerp met de bevolking te communiceren.
9.2.
ESSEN, WONEN IN EEN LANDELIJKE GEMEENTE
Onze
gemeente heeft een uitgesproken landelijk karakter met nog veel heide- en
bosgebied. Volgens het provinciaal structuurplan is Essen gelegen in een open
gebied met grootschalige landbouw en verspreide natuurgebieden. Land- en
tuinbouw zijn de belangrijkste gebruikers van de open ruimte. Daarom moeten wij
hen voor de toekomst voldoende kansen geven.
Wonen
en werken moeten geconcentreerd worden in aansluiting bij de bestaande kernen om
de versnippering van de nog bestaande open ruimte te voorkomen.
Het ruimtelijk beleid moet maximale kansen scheppen
voor landbouw- en natuurgebieden, echter rekening houdend met de woonbehoeften
van onze bevolking en met ontplooiingskansen voor de lokale bedrijven.
9.3.
AANGENAAM WONEN IN ESSEN
De
ligging aan de grens tussen Vlaanderen en Nederland en ten noorden van de
Antwerpse agglomeratie geeft onze gemeente zijn aantrekkingskracht als
woongemeente. Dit betekende in het recente verleden een snelle uitbreiding van
de bestaande woonwijken en de toenemende lintbebouwing, waardoor de kernen
dichter naar elkaar toegroeiden.
In
het structuurplan moet de nog resterende open ruimte maximaal gevrijwaard worden,
maar tegelijkertijd moet dit structuurplan een antwoord bieden op de
woonbehoeften van de jonge Essense bevolking. In dit verband zal de gemeente
Essen blijvend bij de provincie Antwerpen aandringen opdat ook de wijk Hoek als
woonkern zou erkend worden in het kader van het provinciaal structuurplan.
Bij
iedere realisatie, bij de opmaak van het structuurplan, bij nieuwe
verkavelingen, bij inbreidingsprojecten e.d. moet er voldoende ruimte worden
voorzien voor de aanleg van groenzone en speelruimte voor de kinderen.
In
de mate van de wettelijke mogelijkheid moet in verkavelingen de bouwverplichting
gelden.
9.4
WERKEN IN EIGEN GEMEENTE
De
bestaande lokale bedrijventerreinen (De Rijkmaker & Spijker) moeten zich
verder kunnen ontwikkelen. Het
bestuur wil deze zo sterk uitbreiden, als door de hogere overheid toegestaan
wordt. Werken in eigen gemeente biedt immers vele
voordelen. Ook hier moet in de mate van het wettelijk mogelijke, de
bouwverplichting gelden.
De
bedrijvenstudie zal de noodzaak aantonen voor de mogelijke bijkomende ruimte en
geeft aan welke terreinen het best hiervoor in aanmerking komen. De gemeente
zoekt voor de zonevreemde bedrijven naar de best mogelijke oplossing.
Zij komen bij voorrang in aanmerking bij de uitbreiding van bedrijventerreinen.
9.5
RECREATIE
De
steeds toenemende recreatie mag de draagkracht van de nog resterende ruimte niet
overschrijden. Bijkomende sportmogelijkheden dienen voorzien te worden. Een
BMX-parcours is reeds concreet gepland. Een nieuwe sportzaal is een prioriteit.
9.6.WEEKENDZONE
De
permanente bewoning in de zones voor weekendverblijven vormt een reeds lang
bekend probleem waarvoor in samenwerking met het Vlaams gewest naar de best
mogelijke oplossing moet gezocht worden.
De
gemeente is voorstander van de omvorming van de bestaande weekendzone tot woonzones
met recreatief karakter. Dit betekent dat permanente bewoning voortaan
wordt toegestaan, maar dat een aantal stedenbouwkundige beperkingen behouden
blijven.
Dit
mag echter niet aangerekend worden op het gemeentelijk woonquotum in het kader
van het ruimtelijk structuurplan Vlaanderen, zoniet zou het tot het jaar 2007
voor Essen onmogelijk worden om ook maar één nieuwe sociale woning te bouwen.
Om
veiligheidsredenen is het regelmatig onderhoud van de wegen in de weekendzone
nodig..
9.7.EEN
ONTWIKKELINGSPLAN VOOR DE SITE N.M.B.S
Als
belangrijke pendelgemeente, gelegen aan Lijn 12 wil het gemeentebeleid het
gebruik van het openbaar vervoer aanmoedigen en de omgeving van het station
ontwikkelen tot een verblijfsgebied.
Het
voormalige rangeerstation, dat volledig zijn functie verloren heeft, is te
belangrijk om dit niet op te nemen in een bijzonder ontwikkelingsplan waar
wonen, recreatie en eventueel kleine bedrijven en handelszaken, bijvoorbeeld uit
de telecommunicatiesector, een plaats zullen vinden.
Een
tweede toegang naar de perrons met bijhorende parkeergelegenheden en
fietsenstallingen behoort hierbij tot de mogelijkheden. Mogelijke bodemsanering
zal gebeuren op kosten van NMBS.
9.8
ONDERSTEUNEN EN STIMULEREN VAN SOCIALE VERKAVELINGEN
De
nog resterende bouwmogelijkheden in de woonuitbreidingsgebieden worden volledig
voorbehouden voor sociale bouwprojecten, zowel voor zelfbouwers, koopwoningen
als huurwoningen.
De gemeente streeft hierbij naar het realiseren van
gemengde projecten. In de mate van het wettelijk mogelijke willen we daarbij
prioriteit geven aan de kandidaten die een band hebben met Essen, opdat op deze
wijze deze projecten in de eerste plaats de mogelijkheid zouden geven aan
Essense jonge gezinnen om in onze gemeente te blijven wonen.
Alle
prioriteit moet gegeven worden aan de realisatie van het project van de
Nationale Maatschappij voor de Huisvesting (Statievelden / Kammenstraat,
Grensstraat en Handelsstraat) waarbij ca. 140 woningen voorzien zijn over een
periode van 10 jaar.
Er
zal aandacht worden besteed aan het woonuitbreidingsgebied Wildert. Het
resterende woonuitbreidingsgebied "Heikantstraat", eigendom van de
sociale bouwmaatschappij De Ideale Woning, blijft voorbehouden voor de
realisatie van huurwoningen, waarbij voor de toewijzing ervan het OCMW moet
betrokken worden.
9.9.EEN
GOED UITGEBOUWDE DIENST RUIMTELIJKE ORDENING
De
gemeentelijke verplichtingen zijn voorzien in het nieuwe decreet op de
ruimtelijke ordening. De gemeentelijke dienst zal instaan voor ruime en
voldoende informatie voor onze huidige en nieuwe inwoners. Zij zal instaan voor
de begeleiding en advies bij aankoop, verbouwing, en nieuwbouw.
10.
MILIEU
10.1
ALGEMEEN
Milieu
is een doel op zich en staat niet in ondergeschikte relatie tot andere
doeleinden. Elke schade aan de natuur die kan vermeden worden, moet ook vermeden
worden. Dit vereist sensiblisering en een preventieve aanpak. Elke milieuschade
die onvermijdelijk is, moet tot een minimum worden beperkt en zoveel mogelijk
hersteld worden.
Een
belangrijke basis voor het beleid vormt het goedgekeurde milieubeleidsplan 2000
– 2004.
10.2
STRUCTUUR
In
het ontwerp van Ruimtelijk Structuurplan Antwerpen is onze gemeente ingedeeld in
"Open Kempen". Dit houdt in dat de ontwikkelingsbehoeften in de
gemeente geconcentreerd worden in enkele belangrijke kernen die zorgen voor een
regelmatige spreiding van bijkomende woningen, bedrijvigheid en voorzieningen.
Aaneengesloten
open ruimten met daarin structurele grondgebonden, maar ook grondloze landbouw
blijft in de toekomst structuurbepalend.
Het
netwerk van bovenlokale meer natuurlijke gebieden stelt de externe en interne
grenzen aan de open landbouwgebieden. Externe grenzen zijn de heidegebieden,
Kalmthoutse Heide, Zoomgebied, Rucphense Heide, Maatjes en Buyse Heide, op de
rand van het bebouwd perifere landschap.
Natuur,
landbouw en recreatief medegebruik zijn de hoofdfuncties. Vrijwillige
beheersovereenkomsten kunnen hierin een belangrijke rol spelen. Natuur en
recreatie zijn evenwel ondergeschikt aan de
landbouw. Grondgebonden landbouw krijgt de meeste
kansen. Grondloze landbouw wordt op het huidige niveau beheerst.
De
samenhang tussen de verschillende aanwezige en verspreide natuurlijke gebieden
moet worden verbeterd door het aanduiden van natuurverbindingsgebieden, het
bufferen van gebieden en het realiseren van landschapsopbouwende elementen
(heggen, houtwallen, bermaanplantingen).
De
valleigebieden moeten worden gevrijwaard van verdere bebouwing of van intensief
grondgebruik. De versterking, de bescherming en het behoud ervan, zijn centrale
doelstellingen van het gemeentebeleid.
De
riviervalleien hebben een belangrijke en verbindende functie binnen de
ruimtelijk-natuurlijke structuur. Voor Essen zijn dit de Kleine Aa en Wildertse
Beek, de Spillebeek en de oude structuren van de turfvaarten.
10.3
NATUURLIJKE GEBIEDEN
Het
gemeentebestuur staat voor het behoud van bos- en natuurclusters. Een boscluster
bevat bossen waartussen vandaag een ruimtelijke relatie bestaat of waar deze kan
worden gerealiseerd.
De
grote nog bestaande natuurclusters (Wildert en omgeving, aansluitend bij de
Kalmthoutse Heide, Horendonkse bossen) moeten behouden worden, zo nodig via
aankoop, ofwel door de gemeente ofwel door het Vlaamse gewest.
10.4
AANDACHT VOOR DE NATTE NATUURVERBINDING
Het
waternetwerk dient als uitgangspunt. Kleine landschaps- en natuurelementen en
extensief grondgebruik zorgen voor de verbinding tussen de grote natuurlijke
gebieden. Dit betekent dat de waterloop een beheer krijgt waardoor de
ruimtelijke functionering van de natuurlijke processen mogelijk wordt. De Kleine
Aa vanaf Essendonk aan de Nederlandse grens komt hiervoor in aanmerking.
10.5
ONDERSTEUNENDE MAATREGELEN
Het
gemeentebestuur handhaaft de aanbevelingen en verplichtingen toegevoegd bij de
af te leveren bouwvergunningen gekoppeld aan milieuvergunningen en de controle
erop, o.a. de opgelegde erfaanplantingen, aanleg van een groen scherm met het
aanplanten van streekeigen bomen, struiken en planten, met voorkeur voor
besdragende struiken en planten, de aanleg van een eigen
waterzuiveringsinstallies, plaatsing van regenwaterputten,
e.d.
10.6
ZUIVER WATER
Water
is van levensbelang voor onze inwoners. Het gemeentelijk rioleringsbeleid zal
worden verdergezet. Dit beleid heeft geleid tot een volledige herberekening van
het ‘Totaal Rioleringsplan’ (TRP) met modellering van de bestaande toestand
met behulp van dataverificatie, wat toelaat nieuwe rioleringen effectief te
berekenen, rekening houdend met de voorspelbare toestanden voor uitzonderlijke
situaties.
Het
overgrote deel van de gemeente Essen is aangesloten op de riolering. Gesteld kan
worden dat nog volgende rioleringen dienen voorzien te worden. 529 aansluitingen
voor Essen-Hoek en 419 diverse andere aansluitingen in de gemeente.
Na
de aansluiting van Essen-Hoek, te realiseren in 2004, op de RWZI of op een
afzonderlijke kleinschalige zuiveringsinstallatie, blijven nog 419 aansluitingen
te realiseren. Een zeer laag aantal in vergelijking met de ons omringende
gemeenten. Het probleem van de weekendzone wordt afzonderlijk bestudeerd in
samenwerking met Aquafin. Subsidies hiervoor worden reeds voorzien door het
Vlaams Gewest.
Waar
geen aansluitingen op de riolering voorzien worden (zone C volgens de Vlaamse
Milieumaatschappij) wordt kleinschalige waterzuivering gepropageerd onder
deskundige begeleiding door de gemeente.
Waar
mogelijk wordt afvalwater gescheiden van hemelwater. Hemelwater wordt zoveel
mogelijk hergebruikt of bij overmaat geïnfiltreerd in de bodem of afgevoerd
naar oppervlaktewater. Bij de aanleg van verharde zones wordt gebruik gemaakt
van waterdoorlatende tegels.
Het
gemeentebestuur moet erop toezien dat de kwaliteit van de oppervlaktewateren
verbetert. Daar waar nodig en na advies van OVAM moeten bodemsaneringsprojecten
uitgevoerd worden. Illegale waterlozingen kunnen niet getolereerd worden en
moeten worden gesanctioneerd. Het gebruik van regenwater, putwater moet worden
aanbevolen.
10.7
AFVALBEHEER: VERMINDEREN VAN AFVAL
De
voortdurend groeiende afvalberg moeten we trachten te doen afnemen. Vele
mogelijkheden staan ter beschikking. Ook de verbetering van het selecteren en
recycleren.
De
toenemende kosten van zowel de toename van de afvalberg als van het doorgedreven
selecteren van afval moeten binnen de perken gehouden worden. Het
gemeentebestuur blijft vasthouden aan het principe "de vervuiler
betaalt".
Dit wil zeggen dat minstens 50% van de ophaal- en verwerkingskosten rechtstreeks
ten laste van de vervuiler zal gelegd worden.
Verschillende
stimulerende acties zullen bijdragen tot het bewust maken van de noodzaak voor
selecteren en verminderen van de afvalberg. Alle geledingen van onze
maatschappij moeten hierbij betrokken worden. Niet enkel acties gericht naar de
jeugd zoals scholen, verenigingsleven, maar vooral naar de volwassenen en
senioren. Dit is mogelijk door de uitgave van informatiebrochures, actieweken,
opendeurdagen enz.
Thuiscomposteren
moet blijvend gepromoot worden dmv de gesubsidieerde verkoop van compostvaten en
de inrichting van begeleidende cursussen.
Het
gemeentelijk containerpark blijft een bijzondere aandacht genieten. Landbouwers
en zelfstandigen moeten ook op het containerpark terechtkunnen.
Zwerfvuil
moet bestreden worden. Sluikstorten en sluikstoken zijn hinderlijke aspecten die
het gemeentebestuur wil wegnemen. Onderzocht zal worden of een regeling tot
gecontroleerd stoken van groenafval van o.a. tuinders en particulieren kan
uitgewerkt worden.
10.8
AANDACHT VOOR DE NATUUR
De
zorg voor de fauna en flora is neergelegd in het gemeentelijk
natuurontwikkelingsplan (GNOP). De planmatige aanpak van het bermbeheer moet
verder worden aangepakt. Jaarlijks zal er een bedrag voorzien worden voor het
aankopen van waardevolle stukjes groen in onze gemeente. Er zal gewerkt worden
aan het uitbreiden van loofbestanden en houtkanten, de aanleg van poelen, het
degelijk onderhoud van bestaand groen en de drastische bestrijding van
‘bospest’.
Binnen
de bebouwde omgeving wil het gemeentebeleid aandacht besteden aan voldoende
kwalitatief en hoogstaand groen wat leidt tot een verzorgd uitzicht van de
dorpskernen.
De
gemeentelijke kerkhoven moeten met de nodige zorg en respect onderhouden worden
en verfraaid met beperkte groenaanplantingen opgenomen in een architecturaal
verantwoord groenplan.
Groene
zones en speelpleinen worden bijzonder verzorgd. Waar mogelijk worden nieuwe
groenzones aangelegd.
10.9
TYPISCHE LANDSCHAPSELEMENTEN
De
gemeente ijvert voor het behoud, de uitbreiding op vrijwillige basis en het
onderhoud van de typische landschapselementen, zoals knotwilgen en poelen. De
plaatselijke landbouwer is hierin een voorname partner. Erfbeplantingacties
kunnen gebouwen integreren in het omringend landschap. Groenschermen worden
blijvend systematisch opgelegd in bouw- en milieuvergunningen.
11.
ECONOMIE en TEWERKSTELLING
11.1
ALGEMEEN
Het
vormt een gemeentelijke opdracht aandacht te hebben voor de noden van de
KMO’s, van de vrije beroepen en van de zelfstandige ondernemers. Projecten en
onderwerpen betrekking hebben op deze niet onbelangrijke groep zullen steeds in
overleg gebeuren met de verschillende belangenorganisaties.
Zelfstandige
ondernemers zijn nauw betrokken bij het reilen en zeilen van de lokale
gemeenschap en ondersteunen het verenigings- en culturele leven. Door hun
levendigheid en dynamiek zijn zij door iedereen gekend. Zij vormen de basis van
de lokale economie en bieden aan vele inwoners tewerkstelling aan. Daarom is een
goede verstandhouding tussen ondernemers en het lokale bestuur noodzakelijk.
11.2
SCHEPEN LOKALE ECONOMIE
EN GEMENGDE GEMEENTERAADSCOMMISSIE
Omwille
van het grote belang van deze bevoegdheid voor alle zelfstandige ondernemers en
K.M.O.’s wordt lokale economie een volwaardig schepenambt. Deze persoon moet
het politieke aanspreekpunt binnen de gemeente zijn waar de lokale ondernemingen
terechtkunnen met al hun vragen en bedenkingen omtrent het ondernemersschap.
Deze persoon zal in deze taak worden bijgestaan door een bijzondere gemengde
gemeenteraadscommissie.
11.3.
RUIMTE VOOR BEDRIJVEN
Bij
de verdere evolutie en uitwerking van het gemeentelijk structuurplan en de
verschillende deelstudies zal de gemeente steeds rekening houden met de noden
van de lokale bedrijven en
zelfstandige ondernemers. Inspraak en overleg moet
steeds voor deze groepen gebeuren door hen actief te laten deelnemen aan de
gemeentelijke advies- en werkgroepen.
Het
probleem van de zonevreemde bedrijven vormt een deelstudie bij de het opmaken
van het
structuurplan. Het
opmaken van een Sectoraal Bijzonder plan van Aanleg moet voorzien in een
degelijke en doeltreffende oplossing.
Door
de erkenning van de gemeente Essen in het Ruimtelijk Structuurplan Provincie
Antwerpen als ‘Hoofdondersteunend hoofddorp type 1’ zal het bestaande
industrieterrein De Rijkmaker de mogelijkheid hebben uitgebreid te worden, ook
de omvorming en het vergroten van de als K.M.O-zone ontwikkelde omgeving Spijker
is noodzakelijk. Hierbij moet rekening gehouden worden met de bedrijven die zich
op korte termijn willen herlokaliseren in eigen gemeente, of die omwille van
ruimtegebrek naar een nieuwe vestiging moeten uitwijken. Hierdoor zullen meer
Essenaren de kans hebben om in Essen zelf tewerkgesteld te worden.
11.4.
HERLEVENDE DORPSKERNEN
Het
herwaarderen en doen herleven van winkelkernen is één van de onderwerpen
binnen de opmaak van het gemeentelijk structuurplan. Enkele concrete stimuli om
deze doelstellingen te realiseren zijn het bevorderen van wonen boven winkels,
het wegwerken van de leegstand en
het ondersteunen van evenementen die door winkeliersverenigingen worden opgezet.
11.5.
VLOTTE BEREIKBAARHEID
Het
is niet eenvoudig om een evenwicht te creëren tussen enerzijds de commerciële
aantrekkelijkheid en leefbaarheid van de woonkernen en anderzijds de
bereikbaarheid en toegankelijkheid. De vlotte bereikbaarheid en
parkeergelegenheden zijn voor bedrijven onlosmakelijk met elkaar verbonden.
Er
moet voldoende aandacht gegeven worden aan voldoende parkeergelegenheid, waarbij
de ruimtes voor andersvaliden en fietsparkings niet uit het oog mogen verloren
worden. Maar ook aandacht voor de vlotte bereikbaarheid voor de bewoners, de
ondernemers zelf en de leveranciers. Het aanleggen van kleine, gespreide
parkings en het afbakenen van een ‘blauwe zone’ met controle kan hiertoe
bijdragen.
11.6.
LANDBOUW
Land-
en tuinbouwers moeten in een landelijke gemeente als Essen met de nodige zorg
omringd worden. Hun initiatieven inzake de creatie van tewerkstelling en inzake
het behoud van de open ruimten moeten worden ondersteund. Deze basisgedachte mag
niet worden opgegeven.
Er
zal een landbouwontwikkelingsplan uitgewerkt worden en de schepen van landbouw
zal door de sector bijgestaan worden in de uitvoering ervan. Nieuwe invalshoeken
zowel op economisch als op milieutechnisch vlak, verbeterde en alternatieve
perspectieven zoals mee instaan voor het onderhoud van groene zones, een
doelgerichte educatie naar de consument toe en het streven naar een beter imago
zijn enkele aandachtpunten voor het plan.
12.
ENERGIE
(Elektriciteit & aardgas)
12.1
ELEKTRICITEIT
Onze
gemeente heeft op dit ogenblik nog steeds een eigen elektriciteitsregie. In
Vlaanderen zijn dit nog enkel de gemeenten Merksplas, Vorselaar, Izegem en
Essen. De uitbating (onderhoud en aanleg van het net) en de verkoop van
elektriciteit zijn dus nog steeds volledig in handen van de gemeente. Het
vastleggen van de verkoopprijzen gebeurt nog steeds door het ‘nationaal
controlecomité’. Alle verbruikers in België betalen dus evenveel voor hun
energie.
Door
de op Europees vlak besliste liberalisering wijzigt de structuur van de
elektriciteitssector in België echter volkomen. Om concurrentie in de verkoop
van elektriciteit mogelijk te maken, mag wie de uitbating doet van een
elektriciteitsnet niet tegelijkertijd elektriciteit verkopen.
De gemeente Essen mag dus niet langer tegelijkertijd het eigen elektriciteitsnet
beheren en elektriciteit aan haar inwoners verkopen.
Met
dit probleem geconfronteerd, en op basis van de recent gemaakte analyses, kiest
de gemeente Essen ervoor de uitbating (onderhoud en
aanleg) van het net zelf te blijven doen. Op
deze wijze kunnen wij de beste dienstverlening aan onze burgers blijven bieden
op het vlak van aansluitingen en op het vlak van het herstellen van pannes.
De
verkoop van elektriciteit daarentegen zal de gemeente,
zoals verplicht door de Europese liberalisering, uitbesteden.
De gemeente zal deze uitbesteding echter doen aan
een Vlaamse handelsvennootschap waarin de gemeente via een intercommunale zal
blijven participeren, zodat een gedeelte van de opbrengsten toch terug
naar de gemeente kan vloeien.
Dit
vormt een goed evenwicht tussen het behoud van een goede dienstverlening en het
bekomen voor onze inwoners van de beste tarieven.
12.2.AARDGAS
Ook
de gassector zal in België en in Vlaanderen grote veranderingen ondergaan en
vrijgemaakt worden. De gemeente Essen is tot op heden voor de gasvoorziening
aangesloten bij de gemengde intercommunale IGAO. Ook hier zal er een onderscheid
komen tussen het beheer van het gasnet en de verkoop van gas. Ook hier wil het
gemeentebestuur dat het beheer van het net uitsluitend in handen komt van de
openbare sector, terwijl de verkoop van gas door een handelsvennootschap zal
kunnen gebeuren.
13.
TOERISME
De
jongste jaren hebben een aantal private initiatiefnemers, de Heemkundige Kring
en de V.V.V. uitzonderlijk verdienstelijk werk geleverd op het vlak van het
aantrekkelijk maken van onze gemeente op toeristisch gebied.
Essen
combineert de groene rust waardoor het zo aangenaam is om in Essen te wandelen
en te fietsen met enkele musea die waard zijn om te bezoeken. Het Karrenmuseum
bijvoorbeeld heeft in 1999 29,5% meer bezoekers geteld dan in het jaar ervoor.
We betreuren dat dit onvoldoende wordt ondersteund door de Vlaamse overheid.
Ondertussen
ontstaat zelfs in beperkte mate verblijfstoerisme. Overnachtingen op de Essense
campings en de verblijfsmogelijkheden zowel voor toeristen als voor jeugdgroepen
gaan steeds in stijgende lijn of zijn steeds volgeboekt.
Toerisme
vormt een van de sterkst groeiende economische sectoren. Essen kan daar gelukkig
een aantal graantjes van meepikken. Het vormt voor een aantal van onze inwoners
een kans op een broodwinning door tewerkstelling in de eigen gemeente.
Het
gemeentebestuur wil ervoor zorgen dat Essen die toeristische aantrekkelijkheid
behoudt en nog versterkt. Het instandhouden van het open en landelijk karakter
van onze gemeente vormt daarvoor de belangrijkste waarborg. Daarnaast willen we
ook de woonkernen van Essen verfraaien om het algemeen beeld dat bezoekers van
Essen aan onze gemeente overhouden, nog te verbeteren.
Vanuit
deze gedachtegang staan wij ervoor dat vanuit het bestuur van de gemeente voluit
ondersteuning gaat naar al wie concrete initiatieven wil nemen voor het
versterken van ons toeristisch potentieel, of het nu gaat om vakantiewoningen,
vakantiehoeves, bivakplaatsen of tavernes. Daarbij moeten uiteraard de
verplichtingen inzake ruimtelijke ordening strikt nageleefd worden.
Concreet
willen we volgende punten realiseren:
·
Uitbreiding
van het aantal fietsroutes, betere bewegwijzering ervan en maatregelen om deze
routes zo autoluw mogelijk te maken
- Verdere
uitbouw van het Karrenmuseum. We zullen bij de Vlaamse overheid bepleiten
dat het zou worden erkend in het kader van het Museumdecreet
- Heemkundig
Museum van de zolder van het gemeentehuis overbrengen naar het Karrenmuseum
- Cultureel
centrum Oude Pastorij verder uitbouwen tot ontmoeting- en
tentoonstellingsruimte
- In
samenwerking met het Vlaams Gewest een nieuwe impuls geven aan het Bosmuseum
- Behoud
van een tentoonstellingsruimte op het erf van de Kiekenhoeve
14.
ESSEN IN DE WERELD
14.1.
ALGEMEEN
Wat
er in de wereld gebeurt lijkt op het eerste gezicht weinig belangrijk voor de
gemeente. Het buitenland lijkt een ander ‘niveau’ waar de gemeente en haar
inwoners weinig vat op hebben.
De
wereld wordt echter gemaakt door mensen, mensen die samen iets opbouwen, van
elkaar leren, anderen helpen, samen plezier maken.
Hoe meer mensen over de grenzen heen met elkaar op een menselijk wijze contact
hebben, hoe makkelijker het is om de problemen waar onze wereld mee
geconfronteerd wordt, op te lossen.
Het
is niet omdat de grote internationale politiek ver af is, dat de gemeente geen
extra stimulans kan bieden om de contacten tussen haar inwoners en andere
‘inwoners-van-de-wereld’ te bevorderen.
14.2
JUMULAGES
De
bestaande vriendschapsakkoorden, afgesloten tussen onze gemeente en
zustergemeentes, zullen blijvend onderhouden worden.
Sedert
1968 bestaan er nauwe wederzijdse contacten tussen Essen en de Duitse gemeente
Essen (Oldenburg). Regelmatig vinden er uitwisselingen plaats tussen groepen uit
beide gemeentes.
In
1994 heeft de gemeenteraad een vriendschapsakkoord ondertekend met de stad Silalé
in Litouwen. De start werd gegeven door het gemeentebestuur voor het organiseren
van transporten van hulpgoederen. Sedert 1999 heeft de gemeente, hierin
bijgestaan door de vzw Samcoe en in samenwerking met het Vlaams Gewest, een
project voor de renovatie van het lokale ziekenhuis opgestart.
Ook
verenigingen uit onze gemeente hebben regelmatige contacten: de vriendenkring
van onze vrijwillige brandweer met hun collega’s in Hradistko (Tsjechië),
Vriendenkring Mala Fatra en Zangkoor Zing met Ons met het kinderkoor Odborarik
uit Zilina (Slovakije).
Al
deze contacten resulteren in het elkaar beter begrijpen over de grenzen heen. De
gemeente zal nieuwe initiatieven steunen. De banden die hierdoor ontstaan zijn,
zullen blijvende steun genieten van het gemeentebestuur.
14.3
ONTWIKKELINGSSAMENWERKING
De
werkgroep "Essen en de Wereld" werkt reeds vele jaren intensief aan
een beleid dat erop gericht is alle geledingen van onze gemeente te betrekken
bij het probleem van de ontwikkelingssamenwerking. Deze groep is niet enkel
medeorganisator van de lokale 11.11.11-actie die jaarlijks georganiseerd wordt
in onze gemeente, maar is regelmatig inrichter van informatiebijeenkomsten en
activiteiten. De gemeente zal hieraan en aan andere acties voor
ontwikkelingssamenwerking actief en blijvend steun verlenen.
14.4
WERELDWINKEL.
We
moeten ons bewust zijn van de gevolgen van scheeftrekkingen in de
wereldhandelsstromen, die trouwens ook kleine boeren en producenten van hier
vaak parten spelen.
Daarom
gebruikt de gemeente ‘eerlijke koffie’ met Max Havelaarkeurmerk en
‘rechtvaardig’ fruitsap, wijn en andere producten uit de Wereldwinkel.
Wereldwinkel
Essen kent een gestage groei in belangstelling, verkoop en vrijwillige
medewerkers. De zichtbare aanwezigheid in een belangrijke winkelstraat van de
wereldwinkel wordt door het gemeentebestuur gewaarborgd.
14.5
NETWERK ESSENAREN IN DE WERELD
Vele
Essenaren zijn uitgezworven over de hele wereld. Er zitten er In New York, in
Chili, in de brousse van Afrika, op de Canarische Eilanden, of dichterbij in
Londen en weten wij veel. Sommigen zijn er voor ontwikkelingswerk, anderen
gewoon voor hun job of voor studies. Ook al hebben ze misschien geen plannen om
ooit nog eens terug in Essen te komen wonen, toch houden velen van hen graag
contact met de gemeente waarin ze zijn opgegroeid. Omgekeerd vormen zij vaak
voor Essenaren die iets over een stukje van de wereld te weten willen komen,
goede contactpersonen. De gemeente zal bijdragen in het opzetten van een goed
netwerk van Essenaren in de wereld..
14.6
GRENSOVERSCHRIJDENDE SAMENWERKING
Essen
is omringd door Nederland. Ook al zijn de grensformaliteiten verdwenen, voor
veel praktische aangelegenheden duurt de grens nog steeds verder. In de voorbije
jaren is Essen erin geslaagd om een pioniersrol te vervullen op het vlak van
grensoverschrijdende dringende medische hulpverlening. Ongetwijfeld heeft de
ambulancedienst naar Roosendaal, in plaats van naar Merksem of Brasschaat reeds
levens kunnen redden. Die grensoverschrijdende samenwerking doet zich nog op tal
van andere terreinen voor, o.a. natuurbehoud, toerisme, enz. Waar we kunnen,
willen we dit nog verder versterken
15.
BEHOORLIJK BESTUUR
15.1
EEN MODERN EN DEMOCRATISCH BESTUUR
Het
nieuwe statuut van de lokale mandataris zorgt vanaf 1 januari 2001 voor een
verbetering van de sociale en financiële omkadering. Daardoor moeten de
burgemeester, de schepenen en de OCMW-voorzitter voortaan meer beschikbaar zijn
voor de bevolking. Met een goede taak- en functieomschrijving, kan de
beleidsfunctie van de lokale mandatarissen op een verantwoorde wijze versterkt
worden.
De
burgemeester is de sterke coördinator in een college dat als team
verantwoordelijkheid opneemt. Dit college heeft een "contract" met het
ambtelijk apparaat, waarbij de ambtenaren mondige meedenkers zijn die meesturen
en loyaal uitvoeren. Dit vereist wederzijdse openheid en duidelijke afspraken
gebaseerd op een strategische planning.
De
democratie wordt vertegenwoordigd in de gemeenteraad. Een goede verstandhouding
en wederzijdse erkenning van college en gemeenteraad zal bijdragen tot een
waarachtige democratische beleidsvorming.
15.2
EEN KLANTVRIENDELIJKE GEMEENTE
De
inwoner
is de klant. De klant is koning. Het gemeentelijk bestuur is maar behoorlijk als
het uitgaat van klantgerichte benadering. Overtollige bureaucratische
formaliteiten moeten worden weggewerkt. Het inzetten van de modernste
communicatie- en betaalmiddelen is daarbij een hulpmiddel.
Een
klant heeft ook recht op een afdoende behandeling van mogelijke klachten. Het
bestaande klachtensysteem dat buiten de gemeentegrenzen lof heeft gekregen, zal
behouden worden.
De
inwoner
is eveneens de partner. De inwoners moeten worden
aanzien als partners die medeverantwoordelijkheid dragen voor hun woon- en
leefgemeenschap. Behoeften moeten worden ingevuld en oplossingen moeten worden
gezocht in samenwerking tussen het gemeentebestuur en de andere actoren op basis
van gelijkwaardigheid. Dit heet partnerdemocratie.
De
loketfuncties moeten duidelijk zijn. De lokettaken zijn drieërlei:
infoverstrekking, verzamelpunt en doorgeefluik van aanvragen, bijstand verlenen
bij de opmaak van dossiers en controle op de volledigheid van dossiers.
Om de loketfunctie in de brede betekenis zo goed mogelijk te laten verlopen zal
duidelijk aangeduid worden welke ambtenaren voor welke doelgroep
verantwoordelijk zijn, zodat er bijv. een één loketsysteem voor kmo’s
ontstaat.
15.3.
COMMUNICATIE
Een
goede relatie tussen gemeentebestuur en inwoner-klant staat of valt met een
goede communicatie. Door een goede communicatie wordt de Essenaar meer betrokken
bij het gemeentelijk beleid, wat het democratische gehalte van onze gemeente
verhoogt. Zodoende zal ook het draagvlak van de gemeentelijke beslissingen bij
de bevolking versterkt worden.
Regelmatig
zal het gemeentebestuur daarom op een professionele en moderne manier
communiceren met de bevolking over openbare werken die uitgevoerd dienen te
worden, over bepaalde wijkgebonden problemen, over belangrijke en ingrijpende
plannen als het ruimtelijk structuurplan enz.
De
beslissingen van de gemeente zullen correct en afdoende gemotiveerd worden, en
de eventuele toelichting moet ervoor zorgen dat mogelijke geschillen ingevolge
het verkeerd begrijpen van een beslissing zoveel mogelijk vermeden worden.
Bijzondere
aandacht zal gaan naar de kwaliteit van het gemeentelijk informatieblad en de
gemeentelijke website.
Bij
de realisatie van openbare werken zullen de omwonenden tijdig en accuraat geïnformeerd
worden.
De
ontwikkeling van specifieke beleidspunten zal door hoorzittingen en andere
vormen van inspraak omkaderd worden.
15.4.
FISCALITEIT
Essen
is geen rijke gemeente. Het gemiddeld inkomen ligt bij de laagste in de streek
rond Antwerpen. Toch kent Essen geen hoge belastingdruk en heeft het evenmin een
grote schuldenlast opgebouwd.
Het
zuinige beleid zal verdergezet worden.
Indien
wijzigingen in het belastingsysteem zich zouden opdringen zal telkenmale
rekening gehouden worden met sociale en familiale bekommernissen.
Niemand
wordt beter van belastingen waarvan de administratieve verwerkingskosten hoger
zijn dan de opbrengsten. Daarom
zal de belasting op de huis-aan-huisbladen afgeschaft worden.
|